27 maart, 2015

Zeilen in vervreemding

Een stroomstoring in Noord-Holland en Flevoland dwingt ons tot eerder vertrek met de bus naar Driehuis. Op de beginhalte staat een bus die 999 filmt. De langslopende chauffeur steekt twee vingers op waaruit ik opmaak dat het toch de lijn is die wij moeten hebben. "Bent u 82?" vraag ik voor de zekerheid. "Nee, nog niet". Maar hij is wel de man die lijn 82 laat rijden.
Ik denk aan het voorbeeld dat Ernest Mandel eens noemde om te illustreren wat "vervreemding" inhoudt (men zou het eigenlijk ook reïficatie kunnen noemen): de serveerster die zegt "O nee u bent de Duitse biefstuk met sla". Houd mij niet aan het precieze menu.
Ik glimlach een beetje.

*

Het was net iets te veel. Wij hadden een kaart gekregen, maar in wat de ontvangsthal bleek te zijn, niet de ruimte voor de uitvaartplechtigheid, zat niemand die wij kenden. De andere familieleden. Die, en de naastbestaanden, natuurlijk ook familie, kwamen tot slot apart binnenlopen en waren geroepen als eersten achter de kist de heuvel op te lopen.

In een bepaald opzicht word ik weer negentien of daaromtrent, en komt de herinnering aan de plaaggeest van verjaardagen en dergelijke familietreffens boven. Hoezo, heeft mijn naamgenoot iets met Morning has broken? In de nabeschouwingen wordt hij als geïnteresseerd in het monastieke bestaan en het boeddhisme geschilderd. Een koan wordt voorgelezen. Dit is niet de man die mij voor mijn verjaardag Paul Rodenko's verhalen uit Duizend-en-een-nacht heeft gegeven benevens de Kama Soetra, ter lering. Of zo'n leuke pen die het afgebeelde meisje uitkleedt als je hem verticaal houdt. (Heb ik die nu weggegooid bij het leegmaken van mijn ouderlijk huis vier jaar geleden?) Dit alles begeleid met quasi-bezorgde vragen aan mijn moeder, waar ik bij ben: heeft hij nou al verkering?
Staat er niets tegenover? Op dit moment niet en ik vermoed dat er dan niets tegenover zal kunnen komen staan. Een gevoel van diepe vervreemding ten aanzien van het schamele restant van mijn familie, en ik weet niet of ik met de verklaring van mijn zus kan instemmen: problemen met de hooggeschooldheid van haar man, nog maar acht maanden geleden overleden - wat haar het excuus geeft weg te gaan, de herinnering aan die uitvaart is te vers - en mij, die van mijn vrouw kan nauwelijks zelfs bekend zijn - maar goed, ik twijfel of dit nou echt de verklaring is. Dat mijn zwager zich nogal gereserveerd opstelde tegenover platte grappen zal eerder een rol gespeeld hebben. Hoe moeilijk de omgang met hem op zijn beurt was, hier hadden we een raakpunt. Ik weiger te geloven dat dit iets met opleiding te maken heeft.
De mogelijke diepte van mijn oom is voor mij verborgen gebleven.

Net iets te veel uitsluiting op dit afscheid, reden om niet mee te gaan naar de "toost op zijn leven" aan het strand. Een leeg gevoel dat verdriet om iets anders oproept.
Zeil heen naar de einder, André.

Geen opmerkingen: