26 oktober, 2020

Troost zoeken bij Heimans en Thijsse


Is er nog veel heide in Nederland? Stikstofdepositie en CO2 zorgen voor vergrassing, en hoe je het ook wendt of keert, er moet Ontgonnen worden, of op zijn minst moeten er Wegen Aangelegd worden. Om Filevorming te voorkomen, kun je lekker doorrijden - 's lands grootste partij interpreteert die VV van VVD inmiddels als Vroem Vroem. Het past bij de algehele verkinderachtiging (zet u daar maar gerust een rode streep onder, want ik introduceer het woord hierbij). Toen Felix Ortt zijn Van Eeden-achtige lofzang op de heide schreef was er nog volop hei ("Ik heb haar lief, mijn schitterheide"). Besef dat het eigenlijk geen "natuurlijk" landschap is ontbrak nog. Thijsse verhaalt vreugdevol en onbekommerd dat op ieder heideveld wel korhoenders waargenomen kunnen worden en als het meezit kun je hun baltsgevechten waarnemen. Zo was het een goede tachtig jaar geleden en in termen van natuurvernieling is dat een hele tijd. En soms valt het - een beetje - mee. In een boek over wilde dieren kondigt Eli Heimans het naderende einde aan van giraffe, olifant en neushoorn. Hij neemt dat tamelijk laconiek op, merkwaardigerwijze. Voor wie gewend is aan Nederland en omgeving vallen dergelijke grote dieren buiten beeld, tenzij in de dierentuin. Maar het einde wordt nu zeer luid aangekondigd en reden tot onbekommerdheid is er niet. Wat wel nieuw en hoopgevend is, is de opstand tegen het uitsterven. Als pre-tiener las ik Dieren sterven uit - de fossielen van morgen - ik durf het niet open te slaan want er is het een en ander van uitgekomen, zeker en vast. Maar de titel klopt niet. Dieren "sterven" niet "uit", ze worden uitgeroeid door mensen die het voorzien hebben op hun leefgebied, of op de dieren zelf - met kogels of gifsproeiers. 

 


Onbekommerd bewegen Heimans en Thijsse zich door de natuur van toen. Heimans plukt zomaar een spookorchis uit een groepje van drie, iets wat nu niet eens meer zou mogen - hier handelt een van de grondleggers van de natuurbescherming van Nederland. Maar natuurbeschouwing stond voorop ("natuursport" noemt hij het, er komt ook wel geloop en geklim aan te pas soms), beiden gaven er verslag van in hun eigen blad De levende natuur en in Algemeen Handelsblad en De Groene. Onbekommerd is het motto van Thijsse, het staat op zijn exlibris. Hij heeft niet veel op met konijnen en meent dat dennen niet in Nederland thuishoren *) maar moet de nestelgelegenheid van bergeenden (u aangeboden door konijnen) en de paddestoelen die opschieten onder de dennen of sparren wel waarderen. Mij is niets gevraagd en het kan u ongetwijfeld ook niet schelen. 

Bij welke schrijvers vind ik Troost in deze dagen van corona en bijbehorende crisis? Het lezen van Linkse Denkers v/m gaat toch wel door wat mij betreft en ik vind niet dat er veel troostrijks te halen valt. Wel uit geschiedenissen van wat je dertig/veertig jaar geleden nog onbekommerd de arbeidersbeweging kon noemen. En de natuursport hoort daar ook bij, denk aan NIVON, NJN, AJC, Praktische Idealisten (ik kan niet nalaten hen te noemen, herinnering aan speurtochten in een aangeknaagd archief). Echo's van andere tijden en andere beelden uit wat we toch hetzelfde land zullen noemen. De leeuwerik wiekt nog maar zelden op boven het veld, maar het madeliefje, waarvan Thijsse het verdwijnen vreesde, bloeit het hele jaar door overal volop. Als je de natuur zelf niet kunt opzoeken zijn er de boeken. Ik vond en vind troost bij Heimans en Thijsse. 

 *) Dit is een misverstand. Deze groep boomsoorten is uitgeroeid voor timmerwerk in de Middeleeuwen, zoals ook de beer en de eland niet zijn uitgestorven, maar uitgeroeid in deze streken. Zoals de bever en de otter opnieuw zijn geïntroduceerd geldt dit ook voor veel coniferen die sinds eind negentiende eeuw zijn aangeplant, en nu weer als "niet natuurlijk" worden verwijderd. Men heeft het er maar druk mee.

Troost zoeken bij Spinoza


In 2000 promoveerde Siebe Thissen op de Spinozisten, een filosofische beweging van het fin-de-siècle. Spinoza werd herontdekt, of liever: ontdekt, en op eigen wijze geïnterpreteerd. Het startschot van de interesse in Spinoza in de negentiende eeuw was de roman Akbar *) van P.A.S. van Limburg Brouwer. Het verhaal van een van huis uit islamitische keizer van wat nu India wordt genoemd, een keizer die een synthese van godsdiensten zou hebben nagestreefd omdat in elk ervan wel iets waars steekt. Een streven dat tevens zijn lot bezegeld zou hebben.

 Veel van de spinozisten van toen bevonden zich ter linkerzijde, waren "zelfs" anarchist. Die interesse voor Spinoza ebde langzaam weg. Theun de Vries en het echtpaar Romein presenteerden hem als Groot Nederlander, in dagen waarin Nederland zich terecht bedreigd mocht voelen. Maar Nederland bestond niet eens in de tijd van Spinoza, en hij ontliep ternauwernood het lot van de gebroeders De Witt toen zij gelyncht werden. Of van zijn geestverwant Adriaan Koerbagh, die tot het rasphuis werd veroordeeld vanwege zijn godsopvatting. God en de natuur zijn één, men eert God meer met een boswandeling dan met een dienst in een kerk. Een idee waar nu geen straf meer op staat en waarover men ook in de Kerk zelf niet zal fronsen. Koerbagh bezweek in het rasphuis, is dus in feite doodgemarteld. Ach, die verlichte zeventiende eeuw in de Republiek. 

Is er een nieuwe spinozistische golf? Er zijn nieuwe vertalingen van zijn hoofdwerken, waarvan een door Wim Klever, die zich al jaren aandient als ambassadeur van Spinoza hier en nu. Toen zijn dochter Kamerlid was voor de Wildersclub uitte hij zich als islambestrijder, zich daarbij beroepend op Spinoza zelf. Hij is nog steeds knetterrechts maar verkondigt niet meer dat soort praat die op zijn minst zijn goede trouw aangaande Spinoza deed betwijfelen (en dat is jammer, ik ben een paar jaar mede zijn uitgever geweest). Er is de vraag: hebben wij troost nodig in deze dagen van oplaaiend fascisme en een pandemie? De vraag is zo goed als retorisch. Is die troost bij Spinoza te vinden? Jos Scheren en Wijnand Duyvendak vinden van wel - Jos zal niet aan zijn eigen dood gedacht hebben terwijl hij meewerkte aan een boek over de filosoof van de vreugde, die stelt dat de staat er is om de vrijheid te waarborgen. Nee, de schrijvers zijn geen anarchisten, dat hoeft natuurlijk ook niet. Misschien is het een idee om een serie te maken van "Politieke troost". Een vrij mens denkt niet aan de dood maar aan het leven. Maar die wolk van de dood van een medestrijder-van-vroeger na het voltooien van het boek blijft hangen. Ik vind geen troost bij Spinoza, maar prijs de intentie van de schrijvers. Hier laat ik het bij. 

- Jos Scheren & Wijnand Duyvendak, Politieke troost van Spinoza. S.l.: Starfish Books, 2020. 167p. €15,- *) In het nieuwe westen van Amsterdam is een straat die de titel van de roman draagt. Het is de vraag of die naam zo gezien wordt door het publiek.

29 september, 2020

Een filosofie voor het christen-anarchisme: Ortts Pneumat-energetisch monisme


Spinoza had in zijn tijd te maken met een Van Boxel, die in spoken geloofde. Het kan verkeren, want een bijna-naamgenoot van de spokenman heeft onlangs een inventarisatie vanwijze dwazen of dwaze wijzen (morosofen) gemaakt in een zogeheten Encyclopedie van de domheid. Het interessantste is wat er niet in opgenomen wordt in zo'n overzicht, omdat het tot het serieus genomen gedachtengoed van de spraakmakende gemeente behoort. De heersende gedachten zijn nu eenmaal de gedachten der heersers. Uitspraken over te hoge lonen van 'briljante economen', de zweefkezerij van de bedrijfs- en bestuurskunde, de theologie van het doorgeven van zelfzuchtige genen zijn niet dom, wijs of interessant, ze zijn 'gewoon' wetenschap.

Pogingen tot verklaring van het universum, besef dat het ware het geheel is, zijn vanuit dat perspectief altijd raar. Daarnaast is het nooit weg om Harry Mulisch weg te zetten als je zelf niet veel in huis hebt. Of, via zijn leermeester Schoenmaekers, Piet Mondriaan. Een van de domheden van onze encyclopedist is het spinozistische filosofische stelsel van de Nederlandse christen-anarchist Felix Ortt (1866-1959), het pneumat-energetisch monisme. Een verklaring van het Al gebaseerd op zoiets paradoxaal klinkends als christen-anarchisme kan moeilijk op begrip in heersende kringen rekenen. Hierbij een poging om dit stelsel voor verstandige mensen nader te verklaren. 

1.HET BEGINSEL DER LIEFDE 

Ortt schrijft in 1898 het eerste oorspronkelijk-Nederlandse boek waarin de combinatie christendom en anarchisme tot uitdrukking wordt gebracht: Christelijk anarchisme, dat overigens al in hetzelfde jaar uitgebreider herdrukt wordt onder de titel Het beginsel der liefde. Hij geeft in dit boek een definitie van God als zijnde de Inrichter der Werkelijkheid, wiens Wil of Gedachte zich in de Werkelijkheid openbaart. Omdat Liefde het hoogste beginsel is, moet zij noodzakelijk het uitgangspunt van de inrichting der Werkelijkheid zijn, en dus het Wezen van de Inrichter der Werkelijkheid zijn: God is Liefde. God, en dus de Liefde, wil dat ik de waarheid zoek. Het streven naar geluk is streven naar volmaakte instemming met de werkelijkheid. 'De praktijk der liefde is in overeenstemming met de leer van Jezus, beter dan de beste van alle mensen. Ortt houdt vast aan het op Handelingen gebaseerde beeld van het in broederschap en waarachtig communisme leven van de eerste Christenen, een situatie die gecorrumpeerd wordt doordat de Romeinse Staat het Christendom adopteert en daardoor bederft. Het leven naar de praktijk der liefde is leven zoals deze eerste christenen geleefd zouden hebben. Dit is in de praktijk omstreeks de eeuwwisseling het streven van de christen-anarchisten geweest, een streven dat hardhandig stuitte op de oprispingen van een bepaald niet goedwillende publieke opinie (bestorming vanen brandstichting in de kolonie te Blaricum, 1903). Toch was het doel op deze wijze tot voorbeeld te strekken en gaandeweg meer mensen te doen inzien wat de Bedoeling der Werkelijkheid was.2 Deze rudimentaire filosofie/theologie wordt in de jaren na 1898 in zoverre uitgebreid, dat Ortt niet alleen Jezus maar ook anderen de Christusgeest toekent: Mohammed, Gautama ('de' Boeddha), Zoroaster - en in feite is deze geest in ieder mens. In de loop van het tweede decennium ontwikkelt hij zijn filosofisch stelsel dat de verbindende schakel levert voor dit alles en dat een duidelijker uitwerking is van het christen-anarchisme: het pneumat-energetisch monisme. 

2. HET PNEUMAT-ENERGETISCHMONISME 

De artikelenreeks in het Theologisch Tijdschrift waarin het pneumat-energetischmonisme wordt ontvouwd, heeft als vaste titel: Studies in het grensgebied van natuur- en godsdienstwetenschap. Hoewel dit een juiste typering is, toont Ortt zich hier onloochenbaar in de eerste plaats de man van de natuurwetenschap die hij als waterstaatkundig ingenieur steeds gebleven is. Hier volg ik zoveel mogelijk het exposé van het pneumat-energetisch monisme zoals hij dit in de loop der jaren heeft opgebouwd. Ortt postuleert hier God als axiomatisch, als het zijnde, als Dat wat is bij al wat wisselt, verschijnt en verdwijnt: "Zoo er geen vastheid is achter den wisselenden schijn der dingen, dan kan er ook geen Wetenschap zijn, en wordt het streven naar weten een dwaasheid. De Wetenschap zelve behoeft geen rekening te houden met iets wat met haar redelijkheid onvereenigbaar is."3 In de natuur bestaat de neiging van vervorming van energie in de richting van grotere stabiliteit en lagere hoedanigheid - dit is de tweede warmtewet, het principe van degradatie van energie. Het leven, geleid door het principe van levenskracht of -energie voldoet niet aan deze wet, en daarom is er geen logische grond om aan te nemen dat het leven mechanisch uit de krachten die de levenloze natuur beheersen voortkomt.4 Leven en intellect, in hun duidelijk streven het degradatieprincipe te overwinnen, moeten - omdat alleen intellect in staat is het degradatieprincipe te overwinnen - zelf een eerste intelligente oorzaak hebben. Ofwel de energie is zelf eeuwig, ofwel het intellect dat deze organiseert is dit. Het is uitgesloten dat de intelligentie in de tijd ontstaan is als speling van energetische werking. De conclusie dat een Eeuwig Intelligent Be-ginsel ten grondslag ligt aan al wat is, is op grond van de tweede wet van de thermodynamica redelijk in het licht van de natuurwetenschap.5 De gedachte dat de stof niets anders is dan zuivere energie, noemt men "energetisch monisme".6 Van leven is sprake waar de energiecomplexen blijk geven van individuele, energie-ordenende intelligentie - dit ordenend vermogen noemt Ortt "ziel".7 Op mogelijke tegenwerpingen van materialisten zegt hij: zonder intelligentie is geen leven maak-baar. Hij stelt dit naar aanleiding van de laboratoriumproeven van Jacques Loeb, die 'levende stof' maakte: "Een onwetend mensch had ondanks 't bezit van ei, zeewater en zuur toch geen levend wezen tot stand kunnen helpen brengen. Loeb's proeven, waardoor hij het bewijs levert dat hij de bevruchtende of leven-verwekkende werking van 't spermatozoön door chemische en physische middelen kan vervangen, leeren meteen dat bij die vervanging de factor intelligentie ingevoerd is."8 De intelligentie is precies de 'mystieke rest' die de hoofdrol speelt bij het kunstmatig creëren van leven. Ortt vergelijkt het totstandkomen van het leven – waarbij dus altijd intelligentie een rol speelt – met de aanleg van spoorlijnen en scheepsverbindingen. Treinen en schepen voldoen in hun werking aan alle eisen die de materialistische monisten eraan zouden stellen, maar dezen zullen toch echt niet verwachten "dat het tenslotte blind toeval is als de dienst planmatig schijnt te verloopen!", nadat er eerst talloze treinen en schepen verongelukt zijn omdat ze niet volgens plan rijden of varen.9 

 


Dat het leven niet een uitsluitend fysisch-chemisch proces is, zag Ortt ondersteund door bioloog-filosoof HansDriesch, die de autonome factor entele-chie voor het leven invoert; of beter: wederinvoert, want hij ontleent de term aan Aristoteles. Het leven heeft zijn eigen doel in zichzelf. Ortt stelt dat het onmogelijk is zich een doelstelling zonder voorzienigheid voor te stellen, of met andere woorden: “geen teleologie zonder theologie." Driesch toont voor Ortt aan dat de ontwikkeling van de natuurwetenschap tegen de materialistische wereld- en levensbeschouwing ingaat. Pas op het niveau van de cel is er de entelechie-concentratie die men 'ziel' kan noemen. Een ziel is niet een ding op zichzelf, geen onstoffelijk ding - zij is en blijft een eigenschap van de stof, of, wat op het zelfde neerkomt, van de energie. Er is geen dualiteit: "Energie en Entelechie zijn dan wel denk-onderscheidenheden, doch beide behoorend tot het inwezen niet te scheiden Oer-Beginsel, de Al-Eenheid. Evenzeer als spanning en stroomsterkte denk-onderscheidenheden zijn, doch beide eigenschappen van de electrische energie, en zonder elkaar niet denkbaar. Deze theorie van een Al-Eenheid, zich in quantiteit openbarende als energie, in qualiteit als entelechie (als: ordenend vermogen, of als datgene wat wij in hoogere gebieden als 'geestelijke' werking aanduiden) heb ik genoemd: de theorie van het Pneurnat-Energetisch Monisme."12 Het eerder genoemde energetisch monisme wordt hier uitgebreid met het nieuwtestamen-tisch-Griekse pneuma , dat met 'geest' vertaald wordt en waarmee het goddelijke levensbeginsel in schepselen en de scheppende en heilbrengende kracht van God wordt aangeduid (de Heilige Geest). Het monisme dwingt tot de gevolgtrekking dat energie en intelligentie één zijn, het Al is een eenheid van Intelligente Energie. De intelligentie die ordening verloren doet gaan en weer tot stand brengt, als in een beweging van eb en vloed, is de bron aller intelligentie, de Vader aller intelligente wezens:God." Hiermee is niet gezegd dat Ortt gelooft in een persoonlijke, laat staan een mensvormige God, en hij maakt zich vrolijk over natuurwetenschapslieden die het bestaan van God ontkennen omdat zij Deze niet door hun verrekijkers waarnemen. Ortt ziet echter geen beletsel om het Absolute, de grondslag van alle Zijn, aan te spreken op de wijze zoals bijvoorbeeld gebruikelijk in de christelijke eredienst, omdat nu eenmaal iedere wijze van aanspreken door de menselijke beperkingen bepaald is. Zielen zijn te onderscheiden in graden, naar de mate van complexiteit van de te ordenen energie of entelechie. De ziel van de Cel is er een van de eerste orde, hetgeen ook gezegd kan worden van de bundelingen cellen die men met de term 'orgaan' aanduidt (cel- en orgaan-psyche). Zielen van de tweede orde zijn die van de soort, gericht op voortplanting (soortpsyche) en het waakbewustzijn van het individu, uitgedrukt door de functie van de hersenschors (hersenpsyche of verstand). Zielen van de derde orde zijn de bovenindividuele ordenende vermogens: die van de mierenkolonie bijvoorbeeld, die van het volk (bij mensen), andere verzamelingen die men organisaties noemt zoals Kerken of bedrijven, en als nieuwste ontwikkeling: de staat.13 Met deze classificatie is de leeftijdsfactor ingevoerd: zielen van de eerste orde zijn de oudste, en de voortplantingsdrift kan geacht worden aan het verstand vooraf te gaan. De staat is jonger dan het volk; er is bijvoorbeeld steeds een joods volk gebleven, ook al heeft dit tientallen eeuwen geen eigen staat gehad. Een jonge ziel is egoïstischer dan een oude: bij het jonge individu is dit waar te nemen, en zo is ook de staat egoïstischer dan bijvoorbeeld het zielencomplex dat wij 'volk' noemen. Het massale moorden terwille van de staat is een uiting van dit egoïsme. De afkeer van dit geweld in de publieke opinie, een instelling als het Rode Kruis en het goed behandelen van krijgsgevangenen zijn uitingen van de veel oudere, veel minder egoïstische volksziel. 

De individuele ethiek kan nog veel hoger ontwikkeld zijn. Wij raken hier de ethiek, verbonden aan het pneumat-energetisch monisme. Ortt acht het de plicht van alle delen van de Al-Eenheid, als dragers van de Al-Energie of vonken van de Al-Entele-chie, om ordening te bevorderen, ordening te scheppen waar deze niet bestaat, waar vernietiging van ordening dreigt deze tegen te houden en te werken aan grotere harmonische eenheid.14 Dit is de blijvende kern van Ortts anarchisme. Bij dit streven naar hogere ordening, deze voortdurende strijd tegen de degradatie van energie, hoort saamhorigheid met al wat leeft. Het individualistisch egoïsme moet ondergeschikt gemaakt aan wat als heil voor allen gezien kan worden, anders gezegd voorzover het om mensen gaat: het bevorderen van een menswaardig bestaan voor allen.15 Het conflict tussen hoge individuele ethiek en lage staatsethiek kan alleen opgelost worden doordat de individuele ethiek gehandhaafd wordt en tot voorbeeld strekt voor allen, waardoor de volksziel verheven wordt. Deze laatste is dan in staat de staatsziel tot haar eigen hoger peil te doen stijgen:"Dan zal de tweespalt tusschen individueele en staatsethiek opgelost worden in een universeel altruïsme - één voor allen en allen voor één; de Staat voor de individuen en de individuen voor den Staat; Staatsgezag en anarchisme opgelost in de hoogere eenheid der Universeele Broederschap."16 In de levenspraktijk moet steeds het oog gehouden worden op het eeuwige, de eenheid van het Al, de enige weg tot het ware geluk.17 

 3. BEOORDELING EN RECEPTIE 

Een van de makkelijke punten waarop Ortts stelsel te kritiseren valt is zijn poging het spiritisme een plaats te geven in zijn interpretatie van het Al. Hier toegaat hij te hulp bij de eeuwigheids-dimensie, de tweede tijds- ofwel de vijfde dimensie. Een ingreep die niet aansluit bij zijn monisme. Het zou te ver voeren hier uit te weiden over de mogelijke achtergrond van deze kunstgreep. Waarschijnlijk berustte deze op de wil om in het spiritisme te geloven en zijn onwil als natuurwetenschapsman om in het eventueel principieel onverklaarbare te berusten (in het beste geval). Deze kritiek werd al door tijdgenoten geuit. Maar ik beperk mij hier tot de kritiek op het pneumat-energetisch monisme. Op de verwantschap met Spinoza werd wel gewezen, maar omdat Ortt zich bij de ontwikkeling van zijn stelsel nergens op deze filosoof beroept, wordt alleen verwantschap geconstateerd. Het pneumat-energetisch monisme werd welwillend, maar zeker niet juichend ontvangen. Alleen Frederik van Eeden toonde zich enthousiast: hij noemde de Inleiding tot het pneumat-energetisch monisme "een merksteen op den langen weg van geestelijke ontwikkeling en ééniging der menschheid." Ortt toont zich op de hoogte van de filosofische inzichten van zijn tijd en toetst deze aan de natuurwetenschap waarvan hij ook genoeg weet: "Het is echter volkomen juist gezien door Ortt, dat hij zijn leevensbeschouwing formuleert van natuurweetenschappelijk standpunt Daar-door baseert hij zijn werk op begrippendie algemeen erkend zijn, en discussiemogelijk maken. (..) Ik heb nog geen wijsgeerig werk gelezen waarin zoo helder en zoo eenvoudig de verhouding van de natuurweetenschap met ware physica en mathésis, met het mystiek-intuïtieve denken is uiteengezet, als in het boek van Ortt.”18 In een welwillende kritiek in het Tijdschrift voorwijsbegeerte sprak G. Heymans de hoop uit dat de opvatting van Ortt met die van het psychisch monisme (van Heymans) verbonden zou mogen worden.19 

Het christen-anarchisme als zelfstandige stroming in Nederland was inmiddels misschien wel aan eigen succes ten onder gegaan: de beweging rond het Dienstweigeringsmanifest van 1915 is het hoogtepunt en ongeveer het einde. Een filosofisch stelsel, voorzover de Bergrede niet voldoende was, kwam eigenlijk te laat. De rol van Ortt op alle gebieden waarop hij zich bewoog zal moeilijk te overschatten zijn. En wie dit alles alsnog kon ontgaan zijn, is wellicht opgegroeid met zijn bijbelse vertellingenboekjes of zijn bewerkingen van de sprookjes van Grimm. In 1936 schreef iemand van wie Ortt zich later wel moest distantiëren: "Al heeft hij dan geen 'school' gemaakt, Ortt heeft op de levenshouding van ontelbaren een zeer grote invloed gehad,voor welk feit de betrokkenen hem hun hele leven dankbaar blijven. Velen hebben hem hun moeilijkheden geschreven of zijn naar Soest getrokken om met hem te spreken. Het 'filosofenlaantje' achter Vredehof [Ortts huis te Soest -AdR], waar niets en niemand de aandacht afleidde, werd vele malen op en af gewandeld, totdat de oplossing van het conflict gevonden was."20 Tijdens zijn leven zijn de filosofische werken van Ortt meermalen herdrukt. Na zijn dood in 1959 is het werk van deze op zoveel gebieden actieve man verzonken. Hij is tot zijn einde optimistisch gebleven en zal het feit dat hij betrekkelijk vergeten is, of morosoof genoemd wordt, ziende vanuit het Zomerland waarin hij heilig geloofde, wel niet betreuren. 

 NOTEN

(1) Felix Ortt, Christelijk anarchisme, Drukkerij Vrede, Haarlem 1898, p. 9-16. Het gebruik van kapitalen in de tekst is dat van Ortt.- (2) Christelijk anarchisme, p. 51. - (3) 'Vitalisme in het licht der natuurwetenschap', in: Theologisch tijdschrift, 44e jrg., p. 243. - (4) idem, p. 239. - (5) idem,p. 246-247. - (6) 'Over het wezen der ziel', in: Theologisch tijdschrift, 45e jrg., p. 530. - (7) idem,p. 541. In deze definitie is Ortt de volgende bijna-halve eeuw consequent. - (8) 'Over het ontstaan van levende wezens', in: Theologisch tijdschrift, 46e jrg., p. 288. - (9) idem, p.290. - (10)'Natuurwetenschappelijke heenwijzing naar het Godsbestaan', in Theologisch Tijdschrift, 47e jrg., p. 172, 178-180. - (11) 'Bewijzen voor het vitalisme', in : Theologisch Tijdschrift, 48e jrg., p.129. Driesch - die overigens zijn theorie baseert op aan vivisectie ontleend onderzoek, wat Ortt een gruwel moet zijn geweest - verbond aan zijn filosofie zelf christen-anarchistische consequenties. - (12) Inleiding tot het pneumat-energetisch monisme, Leiden 1934 (tweede druk), p. 66.- (13) Kort weergegeven in: Het probleem der ziel, 's-Gravenhage 1951 (derde druk), p. 36. De classificatie is echter een steeds terugkerend thema in de werken van Ortt. - (14) Inleiding tot het pneumat-energetisch monisme, p. 139. - (15) Afwijzen van de degradatie van energie betekent voor Ortt ook het afwijzen van autorijden. Hierbij wordt immers ten behoeve van de rit extra energiewaarde vernietigd door de verbranding van benzine. Geschreven in 1917, mag dit Ortt bestempelen tot 'groene' filosoof (Inleiding ..., p. 141). - (16) Inleiding..., p. 151. - (17) idem, p. 158. - (18) 'Literaire beschouwingen door Frederik van Eeden', in: De Amsterdammer, 19 mei 1917, p. 2. - (19) Juli 1919. Herdrukt als aanhangsel in Inleiding ..., p. 159-165. - (20) 'Jhr.Felix Louis Ortt', door Y. Hettema, in: Van en over Felix Ortt, 's-Gravenhage 1936, p. 10. Ortt had al in 1899 afstand gedaan van zijn adellijke titel. In Soest is inmiddels een straat naar hem genoemd.

- Zeeëgel: CC BY 2.5, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=13366

Dit is een oudere versie van een eerder hier verschenen stuk.

26 september, 2020

Ferm zijn om ons recht te eisen!

Hieronder volgt een proeve van vertaling van een gedicht uit de kring der Diggers. Het is een soort bronnenpublicatie passend bij dit artikel van Peter Storm en een serie van mijn hand, waarvan dit als slot naar de serie verwijst.
Het is een aankondiging van opstand uit de kring van protestante revolutionairen die het begrip “radicaal” een extra dimensie gaven, door te gaan graven – om gewas te verbouwen: Diggers. Het is van ongeveer 1650, wellicht van Gerrard Winstanley maar zeker is dit niet.

Wat twee jaren voor verschil kunnen maken na die stukken over historisch christen-anarchisme.
Zowel opstand als vrijheid, en de gedachte de machtigen en rijken te onttronen zijn gekaapt, we zien het zich dagelijks voor onze ogen gebeuren.
Wat in het onderstaande anonieme gedicht verwoord wordt zal tot een flink eind in de vorige eeuw probleemloos begrepen zijn. Maar met de bijbel zijn ook de bijbelse beelden weggevallen, en boeken in “gewone taal” dragen eerder bij aan dat wegpoetsen dan dat ze dit bestrijden.
De gedachten in het gedicht horen gedeeld te zijn en herkend te worden door wie er in wordt aangesproken, armen, slaven en tirannen. Dat was toen – of niet?

Het a-b-a-b rijm heb ik niet nagestreefd bij het vertalen. Nederlandse opwekkingsliederen uit die tijd hebben ook nog vaak rijm binnen de versregel (“Wilt heden nu treden voor God den Heere / hem bovenal loven van harte zeer” – u ziet, het zal hierbij niet gaan). Het is het verschil tussen een Engels zeventiende-eeuws gedicht en wat in het Nederlands toch de geest van die tijd zou moeten uitdrukken.
Een gedicht is nooit af, poëzie betekent arbeid. Dus wie weet wat er nog versleuteld zal worden.

Een aanwijzing dat VRIJHEID zal komen
als de Vader alleen heerst door zijn Zoon.

De Vader hij alleen is God
niets naast hem is dat;
Alle dingen zijn besloten in die ene
door hem bestaat elk ding.

Hij is ons licht, ons leven, onze vree,
waardoor wij bestaan;
Van hem heeft alles kroost en groei,
voor de tiran en de slaaf.

En als de Vader het goed acht
en zijn tijd is daar
dan neemt hij ’t brood van de tiran
en geeft het aan zijn Zoon.

Dan wordt de schotel van Ezau gegeten
waarvoor hij gaf op zijn recht
En Jacob krijgt zijn zegening
die Ezau is ontvlucht

En Jacob staat dan op
hoe klein hij ook mag zijn
Wat Ezau eens heeft versmaad
En Ezau valt terneer

Want er moet bloeien uit Jesses stam
een waarachtig rechtvaardige tak
Die d’onderdrukte vrij doet zijn
en Ezau wordt verdrukt

En Ezau zoekt de zegening
en verlangt die met geween;
Dat hij op de milden stelde
die hij eens maakte tot slaaf.

Maar zing, O Jacob, want uw tijd
van vrijheid is nu daar;
En gij zelf oordeelt over Ezau
die het kwade heeft verricht.

Want aan de Zoon heeft de Vader
alle oordeel nu gelaten;
en Ezau zal het gericht niet ontgaan
dat Jacobs zaad heeft voorbereid.

En gij die als een heer regeert
over Gods erfdeel;
uw rol is hierbij uitgespeeld
en verlaat daarom ’t toneel.

Want als g’uzelf heel veilig acht
en rijkdom is uw deel;
Dan midden in uw vredigheid
zal kwelling u treffen.

En dit is u al lang voorzegd
maar veel ervan heeft ge ontkend;
Daarom, Ezau, moeten wij ferm zijn
om op te eisen ons recht!

Want nu is de tijd door de Vader gesteld
zoals hij heeft gewild
om Vrijheid in te stellen en de Man
neer te halen die vertreedt.

De tijd, zeg ik, is nu gekomen
waarin de Heer elke tiran
tot dienaar zal maken van zijn Zoon
en hij neemt alle macht.

Deze aardse macht die u altijd
op uw lauw’ren rusten deed
zal gekrookt riet blijken te zijn
want u verliest het veld.

Want er rijst op een macht’ge Steen
gehouwen niet door mensenhand
die alle koninklijke machten breekt
die zelf blijft buiten schot.

De eerste die deze Steen dan velt
zal zijn het hoofd van Goud.
Een dodelijke wond deelt hij het toe
Let op! het is u voorspeld!

FINIS

Vlinderbroeder Egmondse abdij overleden

[Vorig] weekend bereikte ons het trieste bericht dat broeder Frans is overleden. Broeder Frans Melkert, die ook wel de vlinderbroeder werd genoemd was in 1957 ingetreden als Benedictijner monnik in de Sint-Adelbertabdij te Egmond-binnen. Daar was hij, naast natuurlijk de dagelijkse kloosterzaken, actief met het kweken van vlinders en het opzetten en onderhouden van een schitterende vlindertuin bij de abdij. Hij was een zeer nauwkeurig observator en schreef diverse artikelen, zowel in Entomologische Berichten, als in het Vlaamse tijdschrift Orchis en natuurlijk ook in ’Vlinders’ van De Vlinderstichting. Door zijn enthousiasme wist hij velen te inspireren en heeft hij gezorgd voor een grote groep vlinderliefhebbers en vlindertellers. In 2012 werd hij door De Vlinderstichting onderscheiden met een Gouden Vlinder. voor al zijn verdiensten voor vlinders en vlinderbescherming in Nederland. We zullen Broeder Frans missen. - Bron en verder lezen: Vlinderstichting

05 september, 2020

Voorwaarts met het wit-rood-wit. Een zelfkritiek en een lofzang op de Belarussische revolutie

Schrijvend over onder andere het zelfbeschikkingsrecht van volkeren zegt Lenin als een terzijde: en waarom zou Elzas geen onafhankelijk land kunnen zijn? Tot een eind in de vorige eeuw was het gebied in hoofdzaak Duits- althans Germaanstalig (het ligt gevoelig het "Duits" te noemen, omdat dit impliciet mogelijke aanspraken van Duitsland zou wettigen). Na 1919 en zeker na 1945 is de verfransing krachtig ter hand genomen. En het punt was ook vóór de annexatie door het Duitse keizerrijk in 1871: dat men die taal spreekt wil nog niet zeggen dat men vindt dat men bij Duitsland hoort. Bij het schrijven van een stukje over Mark Wirtz werd ik met het dilemma geconfronteerd. Hij is in 1943 geboren in Straatsburg, toen het gebied weer eens hardhandig was ingelijfd bij Duitsland - en wat voor Duitsland. Wat nu de EU is, is in feite opgericht om voor eens en altijd de strijdbijl over die gewesten (Lotharingen, Elzas, Saarland) neer te leggen. Robert Schuman, geboren in Luxemburg (ook al in het grensgebied van Germaans/Romaans Europa) en als Lotharinger tot 1919 Duitser, was als geestelijk vader van de Gemeenschap en Frans minister levend getuigenis van deze wens. De achtergrond van wat nu de Europese Unie is, wel degelijk gebaseerd op streven naar vrede, wordt die wel genoemd in het geschiedenisonderwijs (of staatsinrichting of hoe het allemaal genoemd wordt in het hedendaagse prachtonderwijs)? En als u zegt: het is een economisch project, dan spreekt dit het niet tegen. Strategische mijnbouw- en industriegebieden werden door de Gemeenschap aan elkaar geklonken, om oorlog uit te sluiten voor de toekomst. Wat een uitleg over de Elzas als spil achter de EU, terwijl ik het eigenlijk over de Krim en de annexatiedrift van Wladimir Wladimirowitsj Poetin wil hebben. Laat ik even wat Ernstige Zelfkritiek uitspreken, en er tevens op wijzen dat ik van Standpunt veranderd ben (daar ben ik niet de enige in, maar dat doet er niet toe verder). Ik had - en heb - ernstig wantrouwen jegens de zogenaamde Maidanrevolutie in Oekraïne. De manier waarop Verhofstadt en Van Baalen daar even kwamen vertellen hoe Goed Ze Bezig waren boezemde, laat ik voorzichtig zijn, geen vertrouwen in. (Er was een filmpje van die scène hier, heel jammer dat het weg is). Die Maidanrevolutie resulteerde in de vliegensvlug uitgevoerde annexatie van de Krim door Rusland. De overname van Oekraïne door Rusland-vijandige krachten noopte tot snel overnemen van de vlootbasis van Sebastopol en het hele schiereiland, waarvan het grootste deel van de bevolking trouwens Russischtalig is. Vanuit geopolitieke overwegingen was deze zet onvermijdelijk. Verklaren is nog niet goedkeuren. Wat zou het bezwaar zijn geweest om in de geest van Wladimir "Doe als ik schrijf, niet als ik doe" Lenin de Krim onafhankelijk en een goede buur van zowel Oekraïne als Rusland te doen zijn? Maar in 2014 was dit niet aan de orde. En nu, vrees ik, ook niet. Vrees ik, want dat geopolitieke realisme kan me inmiddels gestolen worden. Er is nauwelijks achterbaks te noemen overleg aan de gang tussen Moskou en Loekasjenka over de onverbrekelijke eenheid tussen "Wit-Rusland" en Groot-Rusland, van Brest tot Wladiwostok. Binnen enkele dagen kan een soort herhaling van Tsjechoslowakije augustus 1968 plaatsvinden in Belarus, gecombineerd met De Krim 2014. Dat een linie van demonstrerende vrouwen door pelotons oproerpolitie breekt zullen de heersers nooit vergeven. Of studenten die dit ook lukt. Het is een verschil: Maidan Kiev werd gedragen door griezelige bewapende zwartgeklede fascistoïde mannen. En nogmaals, "liberalen" kwamen langs om in steenkolenengels te juichen. Belarus wordt gedragen door met bloemen bewapende in doorsnee in wit geklede vrouwen. Het machtige patriarchaat voor gek gezet. En geen hotemetoot komt langs. Belarus is mijn revolutie. Hoe kan de annexatiedrift van een revanchistisch regime in Moskou (en Minsk) tegengehouden worden, en dat zonder geweld?

23 augustus, 2020

Hoe instemming als tegendraadsheid verkocht kan worden. Bij mijn tiende verjaardag bij Krapuul

Ter gelegenheid van mijn zeer onlangs verschenen vijfduizendste stuk(kie) op Krapuul, dat ongeveer samenviel met mijn tiende verjaardag hier - waar blijft de tijd, zegt u dat wel - even iets over hoe ik hier ooit terecht ben gekomen.

Op mijn eigen, nu zwaar verwaarloosde weblog, hebben in het begin twee vrouwen als eersten gereageerd. De ene is serieus onderzoekster, ik heb haar in het echt ontmoet.
De ander is of was een zeer actief blogster, spijtoptante van de SP, die ik zelf op de brochure Kapitaal en gastarbeid heb gewezen, die door mijn makker Cees Bronsveld online gezet is. Zij volgde nogal intensief, merkte ik, de gewezen Gevestigde-Mediajournalist Stan van Houcke, die voor zichzelf begonnen is. Die ging ik ook maar volgen.
Op zeker moment las ik van beiden klachten over het zionistennest Krapuul - de naam kwam mij bekend voor maar om u de waarheid te zeggen: ik hield mij niet bezig met het Nederlands gewemel rond georganiseerde xenofobie, die ik toen (nog) niet als fascistisch (h)erkende. Ik ging eens kijken.

Wat was er zionistisch aan Krapuul? Een blogster van joodsen huize toonde zich naar de zin van Van Houcke en aanhang niet antizionistisch genoeg - wat haar onder de verdenking van zionisme plaatste. En in de toen nog openbare chatbox van Krapuul kondigde zij aan dat ze geld zou overmaken om de site te helpen uit te bouwen en in de lucht te houden. Het huis was te klein bij de Van Houcke-familie.
Als onverbeterlijk ridder te witte paard voegde ik in bij de krapulisten van toen, menende dat ik de aangevallen vrouw kende van vroeger, "uit de beweging". Dat was niet het geval, maar we leerden elkaar alsnog kennen in die dagen.
En nu ik het zo opschrijf zou het dossier wel dicht kunnen. Antisemitisme, ja - iets wat deze site dan weer uit ultrarechtse hoek over zich heen heeft gekregen en nog zal krijgen, vermoed ik. Daar ga ik het niet over hebben.

FFW naar deze dagen. Ik had in geen jaren meer gekeken op de site van Van Houcke (wonderlijk genoeg zat zijn naam nog een tijd in de auteurslijst hier, maar ik weet vrij zeker dat hij nooit voor Krapuul heeft geschreven) maar dezer dagen keek/kijk ik om te zien wat de knip&plak-kunstenaar te melden heeft over Belarus.
Niets.
Tja, je kunt moeilijk meteen verkondigen "Poetin heb gelijk en Loeka is een fijne socialist.
En achter die opstand steken de dollars van Soros, althans de Globalistische Orde die Poetin geopolitiek dwars wil zitten." Het soort redenering dat voorbijgaat aan wat gewoon te zien is en te horen aan de mensen die de straat opgaan in Belarus. Als Loekasjenka niet zo stompzinnig was geweest zichzelf 80% toe te delen en zijn uitdaagster net 10% zou de redenering dat het hier om een georganiseerde "kleurenrevolutie" gaat moeilijker tegen te spreken zijn. Maar ook dan klopt zij niet.

Men gaat niet de straat op onder het motto "wij willen bij de EU en de NAVO". Het komt niet eens ter sprake in Belarus. En "Hervorm de economie, privatiseringen nu!", daar gaat de massa ook de straat niet voor op.
Een authentieke revolutie in het hart van Europa.
Mij is wel onder ogen gekomen dat het IMF en de WHO Loekasjenka weg willen hebben omdat hij niet in Covid-19 gelooft. Voer voor complottypes (die het verspreiden).

En wat lees ik bij Van Houcke? Nederlandse Politiebeulen Krijgen Vrij Spel van de Gevestigde Orde. Geheime Politie van Rutte opnieuw in bloedige actie tijdens demo 20 augustus. En: Politie treedt keihard op tegen weerloze dames bij coronaprotest: ‘Fascistische methodes’.
Verder meer Waarheid over 9/11. En Hillary Clinton die onder een hoedje speelde met Ghislaine Maxwell.
Ja, dat lees je niet in de Volkskrant of de Telegraaf zelfs. En hier ook niet.
Eens even kijken wat Van Houcke over die andere revolutie van nu te melden heeft.

Economist Peter Koenig, writing an article entitle THE GLOBAL RESET – UNPLUGGED, says this alliance that he calls the “beast” will “superimpose themselves over sovereign national elected constitutional governments,” even the U.N. itself.

Koenig says the Black Lives Matter movement, the death of George Floyd at the apparent hands of the police (the autopsy shows he died of an overdose of fentanyl), and the launch of the corona pandemic “are all connected. There are no coincidences.”

Tja, op 30 april 1980 luisterde ik niet naar radio. Ik was op straat.
En nu zit ik bij Krapuul. Goeiemiddag.

U weet waar wij staan.
En ik hef het glas op ons aller gezondheid.

Het gaat in Portland of Belarus om vrijheid, niet om winst

De bakker bakt niet om brood te maken voor de buurt, nee de bakker bakt om WINST te maken.
De slager maakt geen worst omdat hij zijn vak zo goed verstaat, hij maakt worst voor de WINST.

Vandaar waarschijnlijk dat er nauwelijks meer bakkers te vinden zijn in deze streken. Of slagers. En breid zelf de lijst maar uit. Er is geen droog brood te verdienen met brood bakken. De te heet ingepakte kleffe dingen die voor brood doorgaan in de supermarkt hebben de opdruk AMBACHTELIJK BEREID. En ze leveren WINST.

De redenering heet gebaseerd te zijn op Adam Smith, The wealth of nations. In het redeneerpakket komen niet de volgende twee voor.
De putjesschepper schept geen putjes omdat putjes nu eenmaal geschept moeten worden, maar voor de WINST. *)
De verplegende wast niet de billen van uw opa omdat hij zich geroepen voelt anderen te helpen, nee zij doet het voor de WINST.

Ergens houdt het op met het spokenkabinet van de liberalen die een soort middenstandsideologie als economische wetenschap verkondigen in een wereld, beheerst door giganten als Microsoft, Walmart, Shell en ga maar door. Maar noem het geen spokenkabinet. En als er ergens LEKKER VEEL GELD TE VERDIENEN valt is het wel in de wereld van de bedrijfseconoom, en vooral de bedrijfskundige en de bestuurskundige, vakken waarin werkelijk iedereen voor BRILJANT doorgaat en dus WINST zal maken. De juiste partijkaart helpt natuurlijk wel, en de juiste vrinden op de juiste plaats.

Nu zal ik u een geheimpje verklappen, u mag het eigenlijk niet verder vertellen en waarschijnlijk komt het uw carrière niet ten goede als u het zelfs maar gelooft.
Neem Portland en al die andere plaatsen in de VS waar de woede over het geweld van de politie tegen niet-witte mensen nog steeds voortraast.
Neem Belarus vooral, na de stompzinnige vervalsing van de verkiezingsuitslag. Er wordt volop gedemonstreerd en gestaakt.
Het geheimpje: men gaat niet de straat op om geprivatiseerde politie te eisen ("Defund the police!")
Men gaat niet de straat op om privatisering van staatsbedrijven te eisen. Dat deed men niet in de DDR in 1953, in Hongarije 1956, Polen 1970/1980 en tenslotte de hele "reëel-socialistische" wereld 1989 en verder. Tot en met Belarus nu.
De eis is: vrijheid! een waardig bestaan! leven in waarheid! Van Portland via Minsk tot Chabarovsk.
Het aardige van grote demonstraties en eventueel het inrichten van een vrije zone is dat die vrijheid, dat waardige bestaan en die waarheid op dat ogenblik op die plaats al veroverd zijn.
Hoe het op den duur in het groot uitvalt?
Hoe vertaal je "vrijheid!" in een andere economie, als die niet in de praktijk al ontstaat bij de acties?

*) In de absurde wereld van het neoliberalisme kan de putjesschepper intussen Zelfstandige Zonder Personeel heten, in plaats van ambtenaar in dienst van de gemeente te zijn. Een Zelfstandige Zonder Personeel die WINST maakt in zo'n geneoliberaliseerde overheidsfunctie zou de krant moeten halen. Het blijft een honende uitdrukking (ik kwam haar zelf voor het eerst tegen, gedetacheerd bij Sociale Zaken, over de stratenmaker als zzp'er. De stratenmaker! Het vieze gevoel van collaboratie raak ik niet kwijt, maar hee, ik deed het werk natuurlijk voor de WINST).

- Dit is een eerste poging diverse op De Toestand toepasselijke boeken te synthetiseren tot een betoog. Volgende keer beter.

31 juli, 2020

De verwarde staat van een staat van waanzin. Deel 2: de allerindividueelste normaliteit

Sinds 1 januari is de Wet Verplichte Geestelijke Gezondheidszorg van kracht in Nederland.
Voor wie geldt de Wvggz?

De Wvggz geldt voor mensen bij wie een psychische stoornis leidt tot gedrag dat ernstig nadeel (gevaar) veroorzaakt voor henzelf of voor anderen. In de wet heten zij: 'betrokkene'. We gebruiken hier ‘patiënt’ om verwarring met direct-betrokkenen (zoals naasten) te voorkomen.

Als er geen vrijwillige zorg mogelijk is om dat ernstig nadeel weg te nemen, kan de rechter hen verplichte zorg opleggen.
De rechter alleen? Dat klinkt naar een procedure die nog wel wat tijd in beslag kan nemen. Daar hebben onze wetgevers in hun Grote Wijsheid iets op gevonden:
De Wvggz kent twee procedures om te komen tot verplichte zorg:
  1. Een zorgmachtiging via de rechter
  2. Een crisismaatregel via de burgemeester (bij spoed)

Bron

Dat maakt het opsluiten in een isoleercel aanzienlijk makkelijker. Voor burgemeester kan men ook "wethouder" lezen, die moet advies krijgen van een psychiater. Dat is blijkbaar niet zo moeilijk te regelen. Vreemd als je bedenkt hoeveel moeite Charlotte Bouwman heeft moeten doen om psychiatrische hulp te krijgen om haar zelfmoordplannen van de kaart te krijgen (zij nam plaats voor de ingang van het ministerie van VWS om op de nood van de wachtlijsten te wijzen; ze is er nog hoor, en ze heeft inmiddels hulp, heb ik begrepen).

In 2018, toen voor de tweede keer binnen tien jaar iets dergelijks op de agenda stond, waren de geesten in de volksvertegenwoordiging voldoende gemasseerd om dit aangenomen te krijgen. De angst voor de Verwarde Mens zit er volop in. Ze gaan het dak op, mijnheer en gooien dan met stenen. Ze trekken messen. Ik bedoel maar, ze doen het niet, maar weet jij wanneer ze het wel gaan doen?

De Verwarde Mens is degene die Niet Normaal doet. Als je Niet Normaal doet heb je een Psychische Aandoening. Je loopt in de gaten en bent dus op je hoede voor onraad op straat en wie op zijn of haar hoede is loopt vanzelf in de gaten: waarom ben je dat?
Daar staan mannetjes in uniform. Staan ze daar voor mij, heeft iemand gebeld? Je loopt harder en een van de mannetjes loopt ook harder achter je aan.
Ik ga het hele treurige verhaal van Karlijn Roex die een park uitvlucht, de tram in, een taxi in om tenslotte toch nog thuis overvallen te worden niet navertellen. En eigenlijk is de bespreking al uitbesteed.

*
Het eerste dat mijn moeder deed als er een nieuw telefoonboek binnen was, was in grote letters en cijfers de naam van een mevrouw van het Medisch Opvoedkundig Bureau op de buitenkant schrijven. Dan hoefde ze niet te zoeken als ik weer eens onhoudbaar was. Dat was ik al gauw, merkte ik. Geen vies vliesje op je thee willen bewees dat ik gek was. Dat je daar iets aan kon doen had ik uit Wierings Weekblad, verkondigde ze, en je bent toch ook niet normaal als je daar iets van gelooft (ik weet zeker dat het niet uit WW kwam dat je het water moest doorkoken, maar waarvandaan weet ik ook niet meer).

Ik denk niet dat ik ga opsommen wat er allemaal bewees dat ik gek was. Het was op de middelbare school een effectief middel om vriendschappen tegen te gaan, want wie per ongeluk langskwam kreeg te horen hoe gek ik was, ook al was diegene dat in de klas niet opgevallen. "Ik maak je wel bekend".

Het was vele jaren later dat een psychotherapeut tegen mij zei: "Neem me niet kwalijk, het is tenslotte je moeder, maar ik moet zeggen: ze is knots. En jij moet wel heel sterk zijn dat je daar ongeschonden uit gekomen bent. Jij bent beslist niet gek."

Vrijspraak. De enorme huilbui die ik die avond had - was het opluchting, bevrijding?
Echt schichtig over straat lopen deed ik overigens allang niet meer.
Ik weet niet of ik mij kan vereenzelvigen met een Verward Persoon, want ik ben nooit al dan niet dwangmatig opgenomen geweest, die naam op het telefoonboek ten spijt.
Een buurjongen, aan wiens moeder (ook al een Afwezige Vader) de mijne zich misschien spiegelde, was minder fortuinlijk en heeft in een inrichting een einde aan een treurig leven gemaakt.

*
Mensen met diabetes type 1 kregen vanwege de behandelende geneeskundige een kaartje waarop stond "Ik heb suikerziekte". Zo noemde je de ziekte, of conditie, toen nog. Het kaartje maakte duidelijk dat als de ik die het droeg zich verward gedroeg het toedienen van een klontje of twee suiker zou helpen. Die kaartjes zijn er niet meer, maar hoeveel zich Raar - Niet Normaal - gedragende mensen op straat hebben misschien hypoglycaemie?
Dat soort kaartjes is er niet meer.

*
Stinknormal is het Duits voor wat in het Nederlands doodnormaal heet. Roex haalt het aan namens Hannah Arendt en het dient gezegd dat in het Duits de walm die opstijgt van normaliteit toch beter wordt uitgedrukt dan in het Nederlands. Eichmann was stinknormaal. Robert Kurz noemt Bill Gates stinknormaal. Eigenlijk hoef je met deze twee voorbeelden bij de hand al niet meer te betogen dat wat niet-normaliteit, verwardheid, geen kwaad kan en juist wel wenselijk genoemd kan worden. Het is toch merkwaardig dat dit opnieuw betoogd moet worden, het illustreert in ieder geval de neoliberale ideologische hegemonie.
"Laten we meer wanorde in de orde aanbrengen". Het is hoog tijd!

- Karlijn Roex, In verwarde staat - kritiek op een politiek van normaliteit. [S.l.]*): Lontano, 2019. 304p. €24,90

*) Uitgeverijen zonder "locus", het kan best meer voorkomen in deze tijden van wereldwijd web en overleg via dit web (al moet een beetje bedrijf wel een statutaire woonplaats hebben; maar in het impressum wordt die niet vermeld)

- Of ik nog de moed opbreng mijn eigen verhaal hier verder te vertellen, met zijpaadjes naar anderen in mijn leven, ik weet het niet.

30 juli, 2020

De verwarde staat van een staat van waanzin. Deel 1: nachtmerries

In verwarde staat van Karlijn Roex roept bij mij als door mijzelf beoogd bespreker van alles op wat misschien niet in het bezinksel van het verleden had hoeven blijven liggen. De aanleiding dat ik het boek heb aangeschaft en gelezen de afgelopen dagen was een twiet van de schrijfster die ik niet mag aanhalen voor mijn gevoel, omdat zij die zelf na enkele uren weer verwijderd had. Maar de aandacht was er, en hoe dan ook vind ik dat de weinige kritische-theoretici van dit land gekoesterd moeten worden.

Maar wat is er misgegaan na de radicale anti-psychiatrie van de jaren zestig en zeventig? In Italië was zij de aansporing psychiatrische inrichtingen open te stellen of af te schaffen, zijn wij niet allemaal een beetje gek tenslotte? Het kwam tenslotte ook goed uit dat het tevens een flinke bezuiniging inhield.
Het tij is gekeerd. "Gek" is een taboewoord, validistisch. Het is fijn jezelf te zijn maar wel liefst voorspelbaar, overzichtelijk en individueel maar wel in het hokje passend.

*

Ze schoot naar buiten, de gang op, in nachthemd. Ik liep net langs, het was al laat. Op de studentenflat leefde je laat.
De nieuwe bewoonster vroeg of ik haar naam had gefluisterd op de gang. Ik merkte dat zij van streek was ("verward" zeg je nu blijkbaar, maar ik denk niet dat ik het zo beschreven zou hebben als ik onze nachtelijke ontmoeting toen had opgeschreven), en vroeg haar of ze een glas wijn bij mij kwam drinken om bij te komen.
Een goed glas slechte wijn, zoals je die destijds nu eenmaal dronk op de studentenflat. Zo zeg ik het nu.

Ze was zenuwachtig en vertelde een verhaal dat ik niet ga weergeven en dat al snel niet helemaal compleet bleek te zijn. Maar zij werd in de loop van ons gesprek rustiger en ging tenslotte gekalmeerd naar haar kamer.
Hoe ze een bijna voortdurende psychose kon combineren met de studie - het kon blijkbaar.
En toen was na een half jaar de psychose voorbij, en tevens haar verkering. En alsof het zo moest, als vervolg op die nacht, zittend op mijn bed, zenuwachtig plukkend en de slechte wijn drinkend, werd zij vriendin. Niet mijn vriendin, als u het verschil aanvoelt. Maar wij gingen samen uit en na haar verhuizing uit de benauwende omgeving van de psychose belde zij op en vroeg naar mij als haar verloofde. Ze maakte wel allerlei vragen en roddel los. Het kon haar niet schelen. Ik vond het ook wel grappig.
Wat ik haar niet verteld heb is dat zij wellicht mijn leven heeft gered met onze vriendschap. Bij dezen, in het onwaarschijnlijke geval dat ze het leest en zichzelf herkent.

Ga ik dit toelichten?
Het vergt moed scheppen.

*

Karlijn Roex noodt mij als het ware persoonlijke verhalen te vertellen - al lijkt het vorige dan misschien over iemand anders te gaan.
Haar betoog wordt geïllustreerd aan de hand van "gevallen". Haarzelf inbegrepen - paniekaanvallen die zoals ze er staan heel aanvoelbaar zijn en niet verward aandoen. Maar dat is wel hoe zij benaderd wordt in die aanvallen - er achter komen dat je geen sleutel bij je hebt en jezelf voor uren hebt buitengesloten, het is best nachtmerrie-achtig.
Als met de dierbare van die psychotische nacht: het is niet het hele verhaal. Wij hebben er al lezende geen recht op te weten wat er meer achter deze paniek schuilt dan de enkele zin dat ze altijd al voor "anders" is versleten. Maakte zij verwachtingen waar? Die vraag roept zij wel op.
(Dit is het punt waarop ik in de persoonlijke inlas nog even blokkeerde).

Naast haar eigen voorbeelden vermeldt zij Wim Maljaars.
Hier is hij tot docudrama gemaakt, het woord "beslissing" in de titel

Of het je beslissing is in een boterham met pindakaas te stikken in een isoleercel - het is nogal wat om dit te suggereren.
En parallelle fragmenten uit IQ84, een trilogie van Haruki Murakami.

*

"Gek" was in de jaren zeventig en ook daarna nog een tijd een geuzennaam, net als flikker of pot trouwens. De laatste twee woorden zijn in de ban, het eerste ook, maar de Angst voor de Gek is intussen Angst voor de Verwarde Persoon geworden.
Van links tot rechts wordt de angst gekoesterd. Bij het lezen van Roex' boek valt het mij op dat de cultus van de Verwarde Persoon al wat jaren rondwaart. En waar komen die verwarden vandaan? Zijn zij het gevolg van bezuinigen op de geestelijke gezondheidszorg? Roex noemt dit niet eens in dit verband.

Wat het boek niet vermeldt, maar wat wel van haar site te lezen valt: deze maatschappij beroept zich op een normaliteit die zelf de waanzin voorbij is. Die al blijkt als je het Hiroshima-Nagasakipark in Keulen opzoekt in de zoekmachine. Het is het park waar Roex een paniekaanval krijgt en de Macht achter zich aankrijgt.
Het is er goed wandelen en sleetjerijden (mocht er nog eens sneeuw vallen).
Dezer dagen is Herbert Marcuse, ruim veertig jaar na zijn dood, weer helemaal de bonte hond - lees hier hoe de ongetwijfeld niet waanzinnige bestuurderen van Brazilië het over hem hebben. Hij is ook de Cultuurmarxist bij uitstek.
One dimensional man heeft als uitgangspunt de idee dat een kernoorlog best comfortabel te overleven valt. Volledig goed uitgeruste schuilkelders met bordspellen om de tijd door te komen. Tot? Ja, tot wanneer?
De waanzin van de normaliteit. Ook beschreven door Günther Anders en Karl Jaspers, bijvoorbeeld. Die dan weer niet als boeman uit de mottenballen worden gehaald, terwijl Anders wel verbonden is geweest aan de Frankfurter Schule.

--- Wordt vervolgd ---


Verwarde-personenproblematiek: kritiek op een politiek van de normaliteit

Met haar boek 'In verwarde staat. Kritiek op een politiek van normaliteit' schrijft de sociologe Karlijn Roex een inzichtelijke en vlot lezende verhandeling over de verwarde-personenproblematiek in Nederland. Een thema dat vandaag door toedoen van negatieve mediaberichten uitmondt in de verscherping van de Nederlandse wetgeving waarmee de overheid afwijkend gedrag uit de maatschappij wil wegzuiveren.

Roex combineert in haar boek de kritische vaardigheden van een dokter in de sociologie met de opgelopen trauma’s van een ervaringsdeskundige. Haar theoretische analyse van het ontstaan, de constructie en het uitvergroten van de verwarde-personenproblematiek is gegrond in de inzichten van een hele reeks denkers. Michel Foucault, Hannah Arendt en Zygmunt Bauman zijn maar enkele van de gehanteerde bronnen die de revue passeren. De rijkdom aan en de verwijzingen naar het bronnenmateriaal is nooit storend en onthult de ernst waarmee de auteur de thematiek bestudeerde. Bovendien schrijft Roex op een duidelijke en verhelderende manier waardoor ook lezers die niet vertrouwd zijn met het thema en/of de gebruikte denkers dit boek zullen weten te waarderen.

De auteur geeft in haar boek te kennen dat ze zelf van kinds af aan als anders beschouwd werd. Op tweejarige leeftijd resulteerde dit al in een psychiatrisch etiket en vanaf haar zesde kreeg ze onderwijs in een speciale school voor moeilijk opvoedbare kinderen. Als volwassene zou ze later omwille van paniekaanvallen herhaaldelijk botsen met haar omgeving en de ordehandhavers. Door middel van haar getuigenis, en de getuigenissen van andere ervaringsdeskundigen, krijgt de lezer een idee hoe zij de verwarde-personenproblematiek aan den lijve beleven. En welke impact een doorgedreven politiek van de normaliteit op hun leven heeft.

De opmerkelijke combinatie van sociologe en ervaringsdeskundige verrijkt ongetwijfeld de analyse van de auteur aangaande de huidige maatschappelijke problematiek met betrekking tot verwarde personen en de machtsstrijd die de overheid hier tegenover ontplooit. Een strijd die, zoveel wordt duidelijk, niet altijd met veel ophef gevoerd wordt. Want waar een politieoptreden opvalt, wordt de verwarde-personenproblematiek vaak bestreden met het onbewust accepteren en beschermen van een conformistische normaliteit binnen de maatschappij. Alles wat afwijkt van deze geconstrueerde normaliteit moet gemeld worden om de orde te kunnen handhaven. Melding maken van verwarde personen wordt op dat moment gezien als het uitoefenen van de burgerplicht. Opvallend is dat men bij deze benadering niet langer rekening houdt met de verwarde zijn mening of gevoel noch de gevolgen ervan.

Met de betrokkenheid van de ervaringsdeskundige en de kritische geest van de sociologe schijnt Roex haar licht op het wettelijk kader dat de Nederlandse overheid hanteert bij de verwarde-personenproblematiek. Zo stelt ze vast dat er sinds 2010 een verruiming binnen dit kader plaatsvindt om afwijkend gedrag te categoriseren en te sanctioneren. Op dat moment ontstaat, naast de verwarde bedreiger met ernstige psychiatrische problematiek, de gefrustreerde bedreiger. Deze laatste ontbeert een psychiatrische problematiek maar ervaart psychologische problemen zoals stress en trauma’s. Beide ongewenste verwarden kunnen dan middels een E-33 melding, die de overlast door een verward of overspannen persoon aangeeft, bestreden worden. Roex ziet in het registreren en bestraffen van de verwarde personen een implementatie van het neoliberale beleid dat een welbepaald gewenst gedrag voorschrijft en ongewenst gedrag sanctioneert.

Verder beschrijft Roex hoe de oproepen van de politie aan de burgers om vroegtijdig verward gedrag te melden en de overdreven aandacht die de media aan het thema besteedt voor een exponentiële toename van het aantal meldingen zorgt. Hierdoor lijkt de Nederlandse samenleving met een groot aantal verwarde personen te kampen en ontstaat er het gevoel dat op ieder moment en op iedere plaats het gevaar kan toeslaan. De angstig gemaakte bevolking verwacht vanaf nu oplossingen voor de risico voorspellende gedragingen. De auteur verduidelijkt dat de opgeklopte angstgevoelens goed nieuws zijn voor de begroting van de politie, die extra kosten voor haar diensten kan inbrengen, en de veiligheidsindustrie die goed vertegenwoordigd is onder het jaarlijkse Congres Personen met Verward Gedrag.

In haar boek beschrijft de sociologe eveneens hoe het neoliberale denken toelaat om nieuwe machtstechnieken binnen de psychiatrie en de overheid te ontwikkelen. Zo komt vanaf 1 januari 2020 de Wet Verplichte Geestelijke Gezondheidszorg (WvGgz) in voege. Hiermee wordt het voor de politie mogelijk om verwarde personen 18 uur op te sluiten zonder de tussenkomst van een rechter of psychiater. Bovendien zal een dergelijke tussenkomst er voor zorgen dat de opgeslotene vlugger in de verplichte verzorgingsmolen zal moeten meedraaien. Men zal bijvoorbeeld verplichte zorg kunnen opdringen om mogelijke crisissituaties af te wenden of de geestelijke gezondheid te stabiliseren. De vaagheid van de criteria zijn niet onschuldig. Verschillende psychiaters verzetten zich tegen de tendens waarbij ze als sociale controleurs worden ingezet. Daartegenover staat de goed gelovende meldende burger die denkt dat zijn tussenkomst de verwarde persoon alleen hulp, en geen last, bezorgt.

Zonder dat ze invult hoe de samenleving en de overheid met de verwarde-personenproblematiek concreet moeten omgaan pleit Roex voor een niet beoordelende benadering van de zogenaamde verwarden of abnormalen. Ze laat zien welke rijkdom in dit anders zijn en de acceptatie ervan schuilt.

Roex schrijft met In verwarde staat. Kritiek op een politiek van de normaliteit een stevig opgebouwd en sterk beargumenteerd boek. Het is aanbevelenswaardige literatuur voor iedereen (ook buiten Nederland) die zich, al dan niet beroepsmatig, in maatschappelijke ontwikkelingen interesseert.

In verwarde staat. Kritiek op een politiek van de normaliteit door Karlijn Roex verscheen bij uitgeverij Lontano. ISBN: 9789083003726 (paperback) ISBN: 9789083003733 (ebook)

Het boek telt 304 pagina’s, heeft een voorwoord van Trudy de Hue en een uitgebreid voetnotenapparaat en kost 24,90 euro (e-book 12,99 euro).

- Overgenomen van De Wereld Morgen, door Patrick Dewals

22 juli, 2020

Niks getrainde marxisten, ongetrainde anarchisten zult u bedoelen! #BlackLivesMatter

Omdat één enkele vrouw jaren geleden op de televisie gezegd heeft dat zij Black Lives Matter heeft opgericht en dat zij "getrainde marxiste" is weet de ultrarechtse meute het nu zeker: Black Lives Matter is een marxistisch complot.
Dezer dagen kan men dan niet meer verkondigen dat de Lange Arm van Moskou er achter zit, al wordt die dan wel in allerlei andere verbanden "waargenomen".
Heeft het zin uit te leggen wat marxisme eigenlijk is? Waarom heeft het de plaats ingenomen van "communisme" of "socialisme" als boemanterm? Eigenlijk is het ook heel raar jezelf "getraind marxist(e)" te noemen, het is de vraag of trotskistische organisaties dit toejuichen. De interpretatie van ultrarechts verwijst hoogstwaarschijnlijk naar andere Complotten, of beter: Protocollen.
Er is niet zoiets als marxistische tactiek en nauwelijks iets wat men marxistische organisatie kan noemen. De omcirkelde aatjes duiken wel op veel plaatsen op, maar anarchisten spelen geen hoofdrol in de wereldwijde beweging tegen racisme van nu. De protesten hebben wel een anarchistisch karakter.
Of degenen die er aan deelnemen dit beseffen of (achteraf) bedenken is eigenlijk niet terzake.
Anarchist Agency geeft op DIYCulture een handzame inleiding over dit anarchistisch karakter.
Zoals altijd: anarchie is te belangrijk om haar aan anarchisten over te laten. - AdR


Anarchie betekent niet chaos en wanorde, evenmin is het een witte, westerse, door mannen overheerste ideologie. Het is een geest en ethiek die een geschiedenis van verscheidene eeuwen kent, verspreid over zes continenten en in de kern is het een politiek van solidariteit. Het inheemse anarchistische collectief Indigenous Action en anderen hebben beklemtoond dat moderne bewegingen "medeplichtigen, niet bondgenoten" nodig hebben. Mensen die toegewijd zijn aan het delen van risico's en het gezamenlijk voeren van directe actie, gemotiveerd door een streven naar collectieve bevrijding liever dan schuld, plicht of prestige. De Justice for George Floyd protestacties hebben de effectiviteit van multiraciale, gedecentraliseerde initiatieven van onderop aangetoond. Anarchisten staan er op dat iedereen een rol speelt in het proces van bevrijding, gedreven door een horizontaal, inclusief ethos dat politiegeweld en iedere andere vorm van staatsdwang verwerpt. Anarchisten kunnen geen hoofdrol opeisen in de krachtige weerstand die we bij deze opstand zien. Het is groter dan welke enkele demografie of ideologie ook. Maar anarchisten dragen hun ervaring bij met verzetstactieken en steuninfrastructuur die voor iedereen die het nodig heeft beschikbaar zijn. En ideeën*) van een wereld waarin de instellingen die George Floyd en zoveel anderen hebben vermoord niet zouden bestaan. Anarchistische denkbeelden en benaderingen kunnen in deze protestacties volop waargenomen worden, toegepast door velen die in het geheel niet vertrouwd zijn met het anarchisme.

Sinds de politie van Minneapolis George Floyd wreedaardig vermoord heeft op 25 mei 2020 zijn overal in de VS en over de gehele wereld demonstraties losgebarsten. Miljoenen mensen zijn de straat opgegaan om gerechtigheid voor George Floyd en Breonna Taylor, en een eind aan politiegeweld en -terreur te eisen, waarbij de noodzaak het institutioneel racisme te beëindigen door een radicale omvorming van onze maatschappij. Binnen 24 uur nadat het protest was uitgebroken stelde de president van de Verenigde Staten dat anarchisten en antifascisten verantwoordelijk waren voor de onrust die in steden door het gehele land plaatsvond. Deze truc om anarchisten en "Antifa" de schuld te geven beoogt deze volksopstanden in diskrediet te brengen en de deelnemers te demoniseren en te isoleren. Maar de wijzen waarop de heersende orde bijna iedereen van ons in de steek laat zijn duidelijker dan ooit. Woede en protest hebben zich ver buiten elke bepaalde ideologie of groep verspreid. Terwijl tienduizenden de straten vullen van tientallen steden is het duidelijk dat anarchisten niet verantwoordelijk zijn voor het organiseren van deze demonstraties. De demonstraties en de onrust die ermee gepaard gaat vormen een organisch antwoord op een breedgevoelde noodzaak. Tegelijk evenwel belichaamt deze organische krachtige vloedgolf, gebaseerd op navolgbare tactieken die iedereen kan gebruiken, anarchistische modellen van maatschappelijke verandering. Veel van de praktijken en beginselen die ten grondslag liggen aan deze beweging zijn al lang pijlers van anarchistisch organisatie.

Leest u hier verder hoe de bewegingen geworteld zijn in anarchistische basisbeginselen. De uitgelichte afbeelding is aan dit stuk ontleend: beeld van Charlottesville, 2017.

*) De Engelse tekst heeft visions. Ik vind "visies" een wanvertaling die naar witte lappen papier en viltstift ruikt. "Visioenen" gaat wat ver voor velen die dit lezen, hoewel het gekozen woord "ideeën" er niet zo ver van afstaat.

22 mei, 2020

Festival van het kleinburgerdom. Verkenningen in de jaren zestig III

In beeld op televisie waren nauwelijks of niet geklede dansende zwarte vrouwen. Een Leerzame Documentaire over Verre Volkeren. "Zielig evengoed hè," zei mijn oma over die naaktheid. Wat er allemaal in die reactie schuilging, ik ga er niet over speculeren nu.
Naaktheid was in dat soort films op tv ook te zien vanuit Overzeese Gebiedsdelen: de binnenlanden van Suriname, Nieuw-Guinea. Nederlandse rijksburgers. Ik weet nog wel hoe ik het vond.
Maar hee, hihi haha hola hoepla, Phil Bloom, knipoog knipoog por por.
Zij komt natuurlijk ook als Baanbrekende Televisie langs in Piet de Rooy's Alles! En wel nu! De eerste Naakte Vrouw op de Nederlandse televisie.
Die Anderen waren geen vrouw, die waren object van leerzaamheid. Over de mannen zwijg ik dan maar. Wie was de zogenaamde eerste naakte man op de loerdoos? Geen Rijksburger, ongetwijfeld, maar wie wel wordt niet in de obligate verhalen uit de - hm - doeken gedaan.

De racistische en de koloniale blik zijn moeilijk te scheiden. Er zit ook een cultus van mannelijke overweldiging in. Het oriëntalisme is dunkt mij wel ontmaskerd, wat niet betekent dat het niet voortbestaat. De koloniale penetratie van Moeder Afrika, de woorden zeggen genoeg. Ook al is de penetratie nu vervangen door de Vredesmissie, bekend of liever berucht van kransleggingen op 4 mei.

Weet u wat wat mij betreft ook kleinburgerlijk gezwatel is van zich "bewust" (nu moet je "woke" zeggen) wanende luitjes? Gezemel over boomers, een woord dat uiteraard niet toevallig ook weer geleend moet worden uit de Verenigde Staten onder leiding van Donald Trump. Net doen alsof iedereen die in een bepaald tijdvak na de bezetting geboren is een eigen huis, een vet Zwitserlevenpensioen heeft en zit te kankeren op "de jongeren". Losgezongen van ieder idee van klasse of zelfs maar, "idealistisch" maar gepast, mogelijke gezindheid van deze ouderen.

Het kleinburgerdom, je wint er de klasseoorlog niet mee.

Deel 3 van een reeks. Slot volgt.

Uitgelichte afbeelding: Door A. Vente - Beeld en Geluidwiki - Gallery: HoeplaBeeld en Geluidwiki - Gallery: Hoepla, CC BY-SA 3.0 nl, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=9829265

Anda Kerkhoven, geweldloos versetsstrijdster, vermoord door de nazi's

Wat over haar geschreven wordt voldoet aan het profiel van de humanitaire stroming, waar het christen-anarchisme deel van was en is: vegetarisme, anti-vivisectie, principiële geweldloosheid.
Waarom verneem ik nu pas van haar bestaan? Zij was nabije familie van C. van der Hucht-Kerkhoven, wier particulier secretaris Felix Ortt heette. Dat komt dichtbij, nietwaar.


In het Quintusbos bij Glimmen ligt een gedenksteen voor Anda Kerkhoven (1919-1945). Ze is de enige Groningse studente die in de Tweede Wereldoorlog werd geëxecuteerd.

Het is 25 mei, kort na de bevrijding. De uit Appingedam afkomstige hoogleraar Rudolph Cleveringa herdenkt in Leiden de 37ste verjaardag van de Indonesische Nationale Beweging.

‘Waar er sprake was hier in Nederland van verzet, behoefden wij niet te vragen: waar zijn de Indonesiërs? Zij waren er en stonden op hun post. Zij hebben hun offers gebracht. Zij waren in de concentratiekampen, zij waren in de gevangenissen, zij waren overal...’

Zijn de woorden van Cleveringa voor Melisande Tatiana Marie (Anda) Kerkhoven bestemd? Van haar bestaan kan hij op dat moment bijna niet hebben geweten. Laat staan van haar dood.

Lees verder bij het Dagblad van het Noorden.

18 mei, 2020

Het recht, niet de macht. Verkenningen in de jaren zestig II

Deze lijst is niet willekeurig en hij speelt geen enkele rol in persoonlijk getinte gedenkschriften in de metropolen - tenzij misschien Frankrijk, waar Algerije het zwaarst woog. Het is de lijst van koloniale gebieden die in 1960 onafhankelijk zijn geworden.
  1. Kameroen
  2. Togo
  3. Madagascar
  4. Ivoorkust
  5. Kongo-Léopoldville
  6. Somalië
  7. Dahomey
  8. Niger
  9. Opper-Volta
  10. Tsjaad
  11. Centraal-Afrikaanse Republiek
  12. Kongo-Brazzaville
  13. Cyprus
  14. Gabon
  15. Senegal
  16. Nigeria
  17. Mali
  18. Mauretanië
Kongo-Leopoldstad werd via Kongo-Kinsjasa en Zaïre de Democratische Republiek Congo, waarvan de naam, afgezien van de opmerkelijke verfransing van de spelling, een hoon is. Dahomey is herdoopt tot Benin, de Volksrepubliek Benin zelfs, maar het is de weg van alle volksrepublieken gegaan. Opper-Volta werd Burkina Faso en zou een authentieke volksrepubliek hebben kunnen zijn als de charismatische president Thomas Sankara niet vermoord was in een staatsgreep.
De lijst is geordend naar tijd, de data heb ik weggelaten.
Als kind heb ik ze genoteerd, de meeste data stonden van tevoren vast, op mijn eigen scheurkalender. De jaren zestig waren begonnen. Rekenkundig klopt het niet om het zo uit te drukken. Het jaar nul bestaat niet, het zesde decennium van de twintigste eeuw begint in 1961. Maar het derde cijfer in het jaartal speelde al langer de hoofdrol in het aanduiden van decennia, en dus, ja de jaren zestig begonnen op 1 januari 1960 en eindigden op 1 januari 1970. Gevoelsmatig klopt dat ook.

Piet de Rooy stelt dat de jaren zestig al waren "uitgevonden" vlak voordat ze begonnen waren. Dat klopt wat mij betreft ook: als jongen die razend geïnteresseerd was (en is) in landkaarten vond ik het ontstaan van nieuwe landen met eigen kleuren op de staatkundige kaart fascinerend. En het strookte met mijn rechtvaardigheidsgevoel dat ze "vrij" of "onafhankelijk" werden. Daar hoefde ik niet eens puber voor te zijn. Het werd het decennium van de dekolonisering. En om nog even de persoonlijke noot er in te houden: net voorbij "de jaren zestig", op 15 januari 1970, een symbolische datum in de recente geschiedenis van Nigeria, hielden ze in deze zin op. De dag waarop Biafra capituleerde, de republiek waarvoor ik mij had ingezet in de voorafgaande tijd. Ons comité had net de tweede druk van het eigen Nederlandse boek over het land en de strijd van de drukker gekregen en plotseling leek de grootste zorg hoe af te komen van die boeken, wat op alle mogelijke manieren een ongewenste prioriteit was. Het politieke was persoonlijk en naar het colporteren kan ik vooral in verwondering terugkijken.

Nigeria/Biafra was de bloedigste episode in de postkoloniale geschiedenis van Afrika, hoewel Kongo ook toen een verborgen oorlogsslachthuis was, dat in tegenstelling tot Biafra geen literatuur geworden is (begon het met Kurt Vonnegut?). Maar in bijna alle genoemde landen is een burgeroorlog uitgebroken, product als ze zijn van strepen op de kaart, getrokken in Berlijn 1885 en later in Parijs, Londen of Brussel. De grootste postkoloniale mensenslachting vond waarschijnlijk plaats in Indonesië, waarvan de staatsgreep, de pogroms, de concentratiekampen en de uitverkoop aan de multinationals in de gedenkboeken van De Jaren Zestig fijntjes onvermeld blijven.
Hoewel Vietnam niet te verslaan is in de overzichten, en hoevelen zijn er gedood aan de Vietnamese kant, hoeveel is er verwoest? Het is een bittere overweging: als er een burgeroorlog was geweest zou er in het gedenken geen belangstelling van enige omvang zijn geweest. Maar dat is ondenkbaar om allerlei redenen.

En verder? Die onafhankelijkheid stelde niet veel voor. De "inlanders" kregen het recht, maar niet de macht zichzelf te besturen. De plundering van "grondstoffen" ging en gaat door, en de onafhankelijk verklaarde eenheden waren meer legers met een bevolking dan andersom. Naarmate ik mij weer verdiep in de postkoloniale geschiedenis van Afrikaanse landen, Nigeria/Biafra voorop, wordt het duidelijker dat die legers genoeg waren om de bevolking te terroriseren, maar niet genoeg om de normale functie van een leger te vervullen, landsverdediging. De koloniale metropool had de zeggenschap en de leiding van het leger. In het geval van Biafra is dit duidelijk genoeg: de door de Labourregering van Wilson georganiseerde "quick kill" viel nogal tegen wat snelheid betreft, door de geringe omvang en de onervarenheid van het Nigeriaanse leger, dat onthoofd was door het wegvallen van de "oosterlingen", de Igbo vooral. "Instructeurs" en "beschermingseenheden" van de Shell moesten een handje helpen.

Ja, de jaren zestig. De Shell. We zijn thuis in een klap, in 2020. Zoveel is er niet veranderd...

Deel 1

Kloosterlingen bezwijken aan coronavirus

Het Virus lijkt ook de genadeslag te leveren aan het kloosterleven als deel van het Rijke Roomse Leven.

Het coronavirus eist zijn tol in kloosters overal in Nederland. Veel kloosters melden slachtoffers, de lockdown slaat bovendien een gat in hun inkomsten uit onder meer kamerverhuur en de verkoop van abdijbier. ‘We hebben hier geen woorden voor.’(...)
Huize Bijdorp is niet het enige klooster waar corona om zich heen grijpt. Bij Nederlands grootste zustercongregatie, de Zusters van Liefde in Tilburg, bezweken vorige maand 13 van de 128 zusters binnen twee weken. Doordat de vrouwen elkaar vaak bezochten, kon het coronavirus zich razendsnel verspreiden. ,,We hebben hier geen woorden meer voor, zo heftig is deze periode voor de zusters”, zei bestuurssecretaris Judith de Raat vorige maand. Ook de mannelijke evenknie, de Fraters van Tilburg, is getroffen. Vier fraters, waaronder oud-overste Harrie van Geene, zijn inmiddels overleden.

Verder lezen bij het AD.

15 mei, 2020

Het bijzonderste aan de tijd was de soundtrack. Verkenningen in de jaren zestig I

Het boek heb ik gekocht in dagen waarin de stille dreiging niet openlijk een rol speelde - bij mijn verjaarsweekeinde in Nijmegen. Piet de Rooys "geschiedenis van de jaren zestig". Vrolijke dagen van onbekommerd in cafés zitten, ik weet het nog alsof het de dag van gisteren was - ruim twee maanden geleden, stel je voor.
Ter verstrooiing in deze irreële tijden heb ik het alsnog ter hand durven nemen. Gordels vast!

De schrijver, tenslotte deel van het te beschrijvene, geeft af en toe meningen. Hij is niet onder de indruk van Provo. Dat mag. Ik ben van wat jaargangen later ("generatie" is onzin, in het algemeen, en zeker als je het over zes jaar hebt) en denk er anders over. Ik ben ook niet "ironisch" links. Opmerkelijk hoe hij Satisfaction van de Stones als een breekpunt in de tijd ervaart. Kom, we zetten hem op.


Ik had er niet zoveel mee, vond het suggestieve stampritme teveel "kijk ons eens" en in Nederland zullen velen nog steeds denken dat het een lied is over een stakker die niet kan klaarkomen. Was het op de tienerpagina van de AVRObode of zo dat een Ingezondenstukkenschrijver voorstelde de tekst in het Nederlands te vertalen - "we hebben het gedaan en we waren verbijsterd". Eigenlijk is het diep-jaren-zestig en wat De Rooy wegwerpend schrijft over Herbert Marcuse vindt hij bij de Stones dan weer geweldig.
Iedereen die hij kende wist wanneer men het voor het eerst gehoord had. Ik niet. Ik had en heb dat bij deze en dan alleen.


Keith Skues, Lunchdate, Radio Caroline, begin 1965. Ik vlieg er nog steeds de lucht van in. Het kwam op single uit, werd een hit in het VK en op 45 was hij tijdenlang niet te vinden in Nederland. Ik ben er nog boos over. Hij kwam uit gekoppeld aan Subterranean homesick blues. Aan een/de lp viel niet te denken.

Elvis Presley was voor mij eigenlijk iemand van gisteren, pas in 1968 bracht hij met Guitar man en US Male iets opwindends. Het is geen generatiekwestie, het is een zaak van jaargangen. De Rooy vindt dit schitterend. Ik ben er te jong voor blijkbaar.


Heartbreak hotel, 1956

Als je het over dat decennium hebt loopt de soundtrack altijd mee. Voor mij werd die geleverd door Atlanta (even), Caroline, London en Luxemburg - het waren schrale tijden toen er alleen Veronica was, 1968/69. Hilversum telde (en telt) niet.

De geschiedenis zonder soundtrack in een volgende aflevering (of twee).
Dank aan kameraad al-Bakrastani van wie ik de titel pik...


30 april, 2020

Dwalen door een rustig centrum, 30 april 1980

Het precieze verloop van de dag is mij inmiddels ontschoten. Ik moet wel met de fiets naar de stad zijn gegaan, mijn toenmalig Lief Maria waarschijnlijk met een lenertje (of zat zij achterop? kan het me niet meer voorstellen). Het gerucht liep door de stad dat de Algemene Kraakdag serieus werd aangepakt, een Groot Blok in de Kinkerbuurt. Het Tetterodecomplex en een blok nieuwbouw dat naar men vond allang verhuurd had moeten zijn. Ik zag mijn dierbare vriendin A. een spandoek buiten ophangen uit een van die nieuwbouwramen, ik durfde niet naar haar te wuiven en zij gaf geen blijk van herkenning.

De fietsen zullen gestald zijn bij het Fort van Sjakoo en ondanks de bedenkingen aangaande de demonstratie "met effecten", waartoe werd opgeroepen op affiches met de beeltenis van Domela er op, gingen we toch naar het verzamelpunt op de Blauwbrug. Ook al was bij voorbaat bekend dat er niet bij de Dam gedemonstreerd mocht worden was het blijkbaar wel de bedoeling daarheen te lopen "met effecten".
Ik zag en zie nog steeds die oproep als een politieprovocatie. Zodra de stoet - in hoeverre bestond die uit nieuwsgierigen, zoals wij eigenlijk? - in beweging was werd die aangevallen door de ME. En binnen de kortste keren werd het stenengooien. Bij de eerste charge was ik Maria en de maten met wie we er waren kwijt.

Via de Herengracht kwam ik bij de Singel terecht. Het was overal rustig. Mijn zwerftocht werd vooral gekleurd door zorgen over Maria: is zij in elkaar geslagen? is zij verdwaald na de charge, hoe goed kent zij als Nijmeegse de weg (of waren De Maten er ook nog?). Zorgen ook over de tuinen in het Vlooienpark, de zandvlakte op het voormalige Waterlooplein dat we als Anti City Circus in ontwikkeling hadden willen brengen. (De schade viel achteraf mee, maar de bereden politie kwam via de zandbak naar de Blauwbrug, om zich heen meppend en stenen incasserend.

Aan de Singel zag ik voormalig Maagdenhuisbezetster/medestrijdster in de Nieuwmarktbuurt/Portugalactivste/buurvrouw M. langsfietsen, met jong kind achterop. Die ging vast niet rellen. Je kon heel rustig fietsen. Ook zij groette niet, ik denk niet dat zij mij heeft opgemerkt. En zij was voorbij voor ik het doorhad - en was het niet gevaarlijk elkaar te herkennen deze dag?
En zo kwam ik bij de Dam. Grote menigte. En dan? Wat als "we" daar collectief in plaats van solo zoals ik terechtgekomen waren? Bestorming van het voormalige stadhuis, uitroepen van de Republiek, instellen van een Raad van Nationale Redding? In de Damstraat was een soort barricadengevecht aan de gang tussen politie en stenengooiers. Waartoe?
Ik liep om en kwam in de allang weer rustige Sint Antoniesbreestraat en zo op de Jodenbreestraat, het Fort van Sjakoo. Daar was ze. Erg blij mij te zien was ze niet. Ze was de hele tijd na de charge daar gebleven, ook de makkers met wie we op pad waren gegaan.
Misschien zie ik de dag achteraf als een van de stadia waarin onze relatie verslechterde. Dit is de eerste keer dat ik het opschrijf.

En dat, lieve mensen, was mijn Kroninginneslag, 30 april 1980. Ik wil zeggen "niks heldhaftigs" maar misschien was het dat wel, heldhaftig. En mijn mening over die oproep, zie boven, blijft.
Afgezien van Mijn Relatie werd die dag het einde ingeluid van de Kraakbeweging, ook al werd nog jarenlang gedaan alsof er zoiets bestond. Meer daarover een andere keer.

01 maart, 2020

Regering van en door niemand

Ruth Kinna is politicologe, verbonden aan de universiteit van het Engelse Loughborough, waar de afgelopen jaren de tweejaarlijkse studieconferentie van de Anarchism Study Group is gehouden. Misschien is Loughborough niet de enige universiteit waar het anarchisme serieus bestudeerd wordt, maar een andere weet ik zeker in Europa niet. Zij heeft Anarchism - a beginner's guide geschreven, waarvan ik beslist kan zeggen dat hij niet zomaar voor beginners is. En nu is er dan The government of no one - the theory and practice of anarchism, dat eveneens als inleiding opgevat kan worden maar al evenmin zomaar voor beginners geschikt genoemd kan worden.

Het is onvermijdelijk dat uitgelegd moet worden wat "anarchisme" betekent, wat anarchisten nastreven en hoe zij dit denken te verwezenlijken. De schrijfster laat het streven beginnen met de Europese mannen met baarden, Proudhon, Bakoenin, Kropotkin en - vooruit - ook Tolstoy. Die laatste is van belang omdat christen-/religieus- of spiritueel-anarchisten, zoals Peter Marshall, het streven veel eerder in de geschiedenis plaatsen, bij de al dan niet historische Laozi, de naam verbonden aan het taoïsme. Het is een diepe duik in de geschiedenis van het denken over hoe de maatschappij in te richten, en, bedenk ik nu, het biedt niet veel zicht op de vooruitgang waarvoor je het allemaal zou doen. Maar laat ik mijzelf op dit punt eens citeren, ik meen dat Arthur Lehning zoiets ook geschreven heeft: het doel ligt aan de horizon.

Ruth (ik vind het vervelend om met een enkele achternaam te gooien bij iemand die ik persoonlijk ken) haalt namen aan die in menig overzichtswerk (in het Nederlands is er eigenlijk niet zoiets, als je ouden als Quack en Domela niet meetelt) ontbreken. Sigmund Engländer? Hij is nieuw voor mij, evenals David Andrade, en de meeste Japanse en andere niet-Europese namen. Anarchisme is niet "eigenlijk" (Groot-)Europees en laten we dan toch maar teruggaan naar de Tao, stel ik voor...

Het boek is ingedeeld in Tradities, Culturen, Praktijk, Omstandigheden (of hoe zou u "Conditions" vertalen?) en Vooruitzichten. Het horizon-perspectief wordt niet genoemd, maar het afschaffen van de staat als praktisch te verwezenlijken doel is zachtgezegd behoorlijk ver weg. Ook al gaat Ruth niet verder terug dan de negentiende eeuw, de vrijheidslievend-socialistische stroming is misschien wel een constante in de menselijke geschiedenis. Genoeg! Ik zou u geen betere op de historie gebaseerde inleiding van nu kunnen aanbevelen.

- Ruth Kinna, The government of no one - the theory and practice of anarchism. [S.l.]: Pelican, 2019. 410p.
(Pelican is dus weer leven ingeblazen, maar niet per se meer als pocketboek en de vormgeving is niet meer zo verzorgd als in vroeger tijden. En waar is Harmondsworth gebleven?)

Carel Muller, ooit Neerlands bekendste anarchist, overleden

Carel Muller is afgelopen maandag overleden.
Ooit 's lands bekendste anarchist, en dat betekent altijd ook: de meest beruchte. Want De Telegraaf krijg je tegen je en die krant maakt nu eenmaal de dienst uit in Nederland (al dan niet via zijn omroepjes).
Waarom hij spraakmakend was kun je hier bekijken.
Een verhaal van "buitenaf" hier.

Het was een mooi idee, "verdunning" van de maatschappij met een volwaardige plaats voor wie toen zwakzinnig heette, nu spreekt men van "verstandelijke beperking".
Het idee is alsnog uitgevoerd, in het kader van een overheid die bezuinigen op alle mogelijke gemeenschappelijke voorzieningen als hoofdtaak ziet.
De ontruiming van de leefgemeenschap Nieuw-Dennendal (zo kun je het toch wel noemen) was zeker bij terugblik een nederlaag voor het progressiefste kabinet dat Nederland ooit gekend heeft. Maar dat konden we in 1974 niet weten.