01 mei, 2019

Kabouters en het tegengaan van uitsterven, een eenmei-overweging


Het onderstaande is samengesteld terwille van een treffen in Leeuwarden.
Omdat lang niet iedereen daar ter plaatse zal zijn en het nu eenmaal nu de eerste mei is, publiceer ik de tekst in drietrapsformaat nu hier. Als u toch daar in Leeuwarden bent hoort u waarschijnlijk iets anders, zoniet, dan weet u het alvast.

Ik moet mij nog voorstellen. Eigenlijk ben ik specialist op het gebied van religieus anarchisme, voor Nederland dus wat betreft het christen-anarchisme zoals het naar voren kwam in het laatste decennium van de negentiende eeuw. Er was een tijd waarin er een werkverdeling mogelijk was op het gebied van de geschiedenis van de arbeidersbeweging. Het lijkt nu welhaast een luxe, en bovendien was voor deze avond Johan Frieswijk niet beschikbaar, of Dennis Bos (die is in Tilburg) en Bert Altena is er niet meer. U zult het met iemand moeten doen die in Nieuwmarktkringen in de jaren zeventig van Gerard van den Berg geleerd heeft dat een mei een gestolen en derhalve vergetenswaardige traditie is. Niet dat ik mij nu trouwhartig houd aan wat Gerard te zeggen had.

*
Alweer wat jaren geleden kwam de biografie van de hand van Jan Willem Stutje over Ferdinand Domela Nieuwenhuis uit. Ik bestelde het boek in een degelijk aandoende buurtboekhandel – er zijn er nog maar zo weinig. De verkoopster die het uitpakte op de dag dat ik het kwam ophalen keek verbaasd naar de pil: zo’n dik boek over – wie kent die man?? ik niet (of woorden van die strekking). Zo staan we er voor in Nederland, en dat malle beeld aan het Amsterdamse Nassauplein (ha, een hoon, alleen al die naam) zal het niet beter maken.

Er was het een en ander aan hype voorafgegaan aan het verschijnen van deze biografie. De beste manier om links in diskrediet te brengen dezer dagen is het beschuldigen van antisemitisme. U kent hem intussen waarschijnlijk, de meest gevierde politicus van dit land verkondigt het: de fascisten en de nazi’s waren links. Jeremy Corbyn is een antisemiet. En Domela werd met terugwerkende kracht pagina’s lang voor antisemiet uitgemaakt door Stutje. Een van de belangrijkste redenen om dit te durven stellen, begreep ik, was dat hij Proudhon in zijn boekenkast had staan.

Ik had het boek overigens al geërgerd weggelegd toen ik de riedel over het schuldgevoel van Domela tegenkwam. Die komt van Jan Romein, die zeker een ziekelijk aandoende haat jegens anarchisten koesterde. En een amateurpsychologische opmerking die door geen bron gedekt wordt.
Ik heb het boek later maar weer ter hand genomen, legde het bij die antisemitismepagina’s maar weer weg en toen kwam ik Bert Altena tegen. En het was voor mij althans onvermijdelijk om over dat boek te beginnen. Bert somde een aantal omissies of fouten op die mij deden duizelen: hij was de grootste Domelakenner die er rondliep. En ik kon niet even notuleren, eerlijk gezegd verwachtte ik dat hij zelf een biografie zou beproeven, ook al zei hij steeds dat hij dat niet wilde doen.
Het is onze laatste ontmoeting geweest, een jaar later was hij dood. Hij zou het best gekwalificeerd zijn geweest als inleider over Domela, met wellicht Rudolf de Jong.

Nu moest ik wel ter gedachtenis van Bert Altena die pil van Stutje uitlezen. Knap werk van een biograaf als je niet eens duidelijkheid verschaft over het sterfjaar van de beschrevene. Maar wat mij het meest stoort is het wegwuiven van de tijd en activiteit van Domela als anarchist – die doet er duidelijk nauwelijks toe voor Stutje, terwijl deze keuze naar mijn vermoeden toch de reden is dat bij het verschijnen van het boek laster verspreid moest worden over iemand die mijn boekverkoopster niets zei.
Ik ga niet zeggen dat zijn anarchistentijd de belangrijkste was in het leven van Domela, voor ons, die honderd jaar na zijn dood terugkijken. Maar die ruim twintig jaar afdoen als een soort naschrift kan toch ook echt niet.
Dus we moeten maar wachten op een betere biografie – een “goede” durf ik niet te zeggen, tenslotte is er nooit een definitieve, maar Domela verdient beter, nog steeds.

Waarmee Domela na zijn overstap naar het anarchisme bezig was kan ik alleen maar opsommen:

– redactie van het blad De Vrije Socialist, waar veel werk in gezeten moet hebben. Toen hij niet meer voortkon, en dat was niet zo ongeveer direct na de eeuwwisseling, al zou Stutje wel die indruk wekken, heeft hij de redactie overgedaan aan Samuel Coltof en Gerhard Rijnders.
Ik heb de eerste jaargangen van het blad doorgenomen en helaas, moet ik zeggen, het is geen aangename lectuur (het feit dat het alleen op microfiche is te bekijken hielp overigens ook niet). Domela neemt voortdurend verraders waar, vanuit zijn standpunt terecht zou je kunnen zeggen. Steeds meer medestrijders uit de dagen van de Sociaal-Democratische Bond, later Socialistenbond, gaan over naar de parlementairen van de SDAP. Of een enkeling naar de christen-anarchisten, voor wie hij ook geen goed woord overheeft. Wonderlijk overigens voor iemand die een iconische afbeelding als representatie van Jezus van Nazareth op zijn bureau had, en uiterlijk trachtte op die afbeelding te lijken. (Frederik van Eeden probeerde dat ook trouwens).

– Domela de antimilitarist. Oprichter van zowel de Internationale Antimiltaristische Vereeniging waaruit het Internationaal Antimilitaristisch Bureau is voortgekomen.
Van het internationale is niet veel gekomen, helaas. Dit is mogelijk de blijvendste nalatenschap van Domela: een Nederlandse traditie die reikt tot de PSP van – ook alweer – weleer en de Hollanditis van de jaren tachtig.
Voor wie kankeren op de Europese Unie als hobby koestert: Domela geloofde in een Verenigde Staten van Europa, tot behoud van de vrede – zelfs al toen de Grote Oorlog al begonnen was. Zijn grootste teleurstelling moet geweest zijn dat de grootste levende Internationale Anarchist van die dagen, Peter Kropotkin, zich duidelijk uitsprak ten gunste van de Geallieerden, tegen de Centralen.

– Domela de vrijdenker. Nu dit woord zo ongeveer een bedekte aanduiding is voor moslimhater en antisemiet is het moeilijk zich voor te stellen dat het vrijdenken ooit een anarchistisch, en in ieder geval socialistisch getinte bezigheid was.

– Domela de drankbestrijder en vegetariër. “Drinkende arbeiders denken niet en denkende arbeiders drinken niet”. Zowel drankbestrijding als vegetarisme, uitingen van het humanitarisme zoals het indertijd genoemd werd, worden in de geschiedschrijving over de eeuwwisseling als “petites religions”, “hevig gewemel” of “deel van een beschavingsoffensief” afgedaan, waarbij het eigen streven van de arbeidersbeweging met terugwerkende kracht gekoloniseerd wordt door de bourgeoisie of wat men dan terugprojecteert als “middenklasse”. Een geschiedschrijving waarover ik mij oprecht kwaad kan maken, die typisch Nederlands is en waarmee met terugwerkende kracht het brede karakter van de beweging wordt gekleineerd.

– Antikolonialisme. Indië los van Holland, de anarchisten of vrije socialisten waren hier consequenter in dan de sociaal-democraten. Het startschot van het Nederlandse anarchisme dat die naam draagt zou wel eens het gedicht Vloekzang, de laatste dag der Hollanders op Java van Sikko Roorda van Eysinga, kunnen zijn, uit naar ik meen 1860. Hij was de man die naar men zegt Domela heeft doen kennismaken met het anarchisme.
Over de Nederlandse koloniën in “De West” wordt meestal gezwegen.

En daarmee ben ik niet volledig, maar het gaat er in de eerste plaats om dat er meer aan “Domela” vastzit dan zijn nieuwste biograaf over zijn laatste decennia weet te schrijven.

Het laatste treffen in debat tussen Troelstra en Domela werd gehouden in zaal Amicitia in Sneek, 11 augustus 1902. Op dat ogenblik is de zaak van de broers Hogerhuis van alle kanten opgegeven: drie broers die onschuldig gevangen zaten voor een gewelddadige inbraak in Britsum. Troelstra wierp zich op als advocaat maar de broers waren vrije socialisten en hadden “dus” niet veel op met de sociaal-democraten. Toen het er op aankwam vertoonden de socialisten van diverse kleur vooral verdeeldheid en onderlinge afkeer.

Wat er die avond in Sneek gezegd is, is als kapstok voor het thema van deze avond gezien door de organisatoren. Laat ik enkele citaten van de heren weergeven – de avond is als het ware goed genotuleerd, tot en met de interventies van het vrij-socialistische zangkoor tegen Troelstra.

– Domela:
De gezagskwestie is te veel verwaarloosd in het oudere socialisme. We kunnen dat niet kwalijk nemen, deze kwestie kwam later op, althans later gevoelde men haar beter. De menschen hebben eigenaardige begrippen over gezag en macht. Gezag is niet de invloed die de een heeft op den ander, omdat hij geestelijk hooger staat of fysiek sterker is; tegen dien invloed strijden wij niet; maar wanneer die invloed vergezeld gaat van macht, dan krijgt men gezag. Als ’t niet mogelijk is iemand te overreden, dan is het gezag, iemand met macht te dwingen tot datgene wat men hem voorschrijft. En tegen zulk een gezag komen wij op .

In elk mensch sluimert een anarchist, en daarnaast ook een stukje gezagsmensch. Nu hangt ’t er van af, wat de overhand zal krijgen; de anarchie of de soc. demokratie is ten slotte een kwestie van temperament, die de vrijheid boven alles stelt wordt anarchist, die meer naar ’t gezag neigt sociaal-demokraat.

Wat wil dus het vrijheidlievend socialisme? Economische vrijheid, d.i. de vrije toegang tot de arbeidsmiddelen. Geestelijke vrijheid, d.i. de vrijheid om zelf te denken en zijn gedachten te mogen uiten. Zedelijke vrijheid, d.i. de gelegenheid om vrij te leven overeenkomstig neiging en aanleg. De toekomst der anarchie Meer willen wij niet, minder ook niet; als dat niet ten volle gegeven wordt, komen wij in verzet; als zoodanig is ons socialisme revolutionair.
– Troelstra:
Ons doel is hetzelfde in zeker opzicht. Wij beiden willen i.p.v. de particuliere voortbrenging maatschappelijke productiewijze, waarmee gepaard zal gaan de opheffing van de loonslavernij, en waarvan de voorwaarde is, de onteigening van de bezitters der productiemiddelen.
– Domela weer:
Het praktisch werk der soc. dem. heeft nog nimmer iets gegeven, behalve voor hen die er minister of burgemeester door werden. Ook wij strijden den politieken strijd; de vermoording van Alexander II was een politieke daad; het afschaffen van den staat is een politieke daad, maar wij doen niet mee aan parlementairen arbeid.
– Troelstra weer:
(D)en Staat kunt ge met geen dynamiet-bommen in de lucht laten springen. Uwe fout is, dat gij het onvolkomene onzer daden wijt aan de soc. dem. i.p.v. die te schuiven op rekening van de kapitalistische maatschappij. En ik noodig u uit flink praktisch te werken, alleen op die wijze kunt gij een macht worden waarmee de bezittende klasse rekent.
*

Wat zowel bij Domela als bij Troelstra opvalt bij die discussie uit 1902 is, dat zij de Revolutie zo ongeveer om de hoek meenden te ontwaren. Troelstra zag het kapitalisme als zijn eigen doodgraver – dat was een gangbare, zelfs populaire opvatting in kringen van “de parlementairen” van die dagen, de lui die we jarenlang hebben aangeduid als sociaal-democraten. De velden werden vanzelf oogstrijp gemaakt, al wat er te doen staat is oogsten en inmiddels het kapitalisme bewoonbaarder te maken voor werkenden en armen. Dat laatste is nooit een streven geweest dat je als marxistisch zou kunnen aanduiden, het is in het begin van de vorige eeuw juist aangeduid als revisionisme. We weten dat die velden nooit oogstrijp zijn geworden en de nazaten van Troelstra zijn net zo gemakkelijk medeplichtig geworden aan de afbraak van de verzorgingsstaat zoals die intussen was opgebouwd. Laten we maar geen namen gaan noemen, en het is ook geen specifiek Nederlandse “afwijking”. Toch een enkele naam: New Labour onder Blair dat de neoliberale agenda uitvoert, zodanig dat het nu toch werkelijk als ultraradicaal gepresenteerd kan worden om terug te keren tot de sociaal-democratie, ook al is dat uitdrukkelijk de wens van de achterban die denkt dat Corbyn dat kan verwezenlijken. In Nederland valt geen Corbyn te ontwaren, ook niet in andere partijen.

Domela voorzag ook een Revolutie, die evenwel door mensen met de daarvoor toegeruste gezindheid gedragen en uitgevoerd zou gaan worden. Naar mijn weten zag hij niets of niet veel in wat je de tweehandentheorie van Peter Kropotkin zou kunnen noemen – Kropotkin was wel de meestbewonderde eigentijdse anarchist voor Domela, althans tot de Grote Oorlog. De tweehandentheorie: met de ene hand de bestaande orde afbreken, met de andere de nieuwe opbouwen (ik ken de term van Roel van Duijn, die Kropotkin heeft doen herleven in Nederland zo’n vijftig jaar geleden alweer). Men kan ook zeggen: de nieuwe maatschappij opbouwen in de schoot van de oude, het idee achter de christen-anarchistische Catholic Worker en achter de kortstondige Oranje Vrijstaat van de Kabouters, bijvoorbeeld. In eigen tegen de stroom ingaande organisatie of instellingen als productieve coöperaties of woon-werkgemeenschappen zoals de kolonies van Van Eeden en de christen-anarchisten in Laren/Blaricum en elders, zag Domela niets. Ook de vakbeweging kon alleen dienen om de nieuwe maatschappij voor te bereiden, niet om in het hier en nu verbeteringen voor de werkende mens te bedingen.

Helemaal niet tussen haakjes: het kapitaal is wel degelijk zijn eigen doodgraver. Maar zoals we kunnen zien: het zal niet in schoonheid ten onder gaan. We kunnen ons eerder het einde van de mensheid voorstellen dan het einde van het kapitalisme. Misschien alsnog in een kernoorlog die even niet voorzien is, en anders in een voor mensen onbewoonbaar geworden aarde: dat laatste is voor deze eeuw voorzien, bij ongewijzigd economisch systeem.

Aan het begin van de vorige eeuw was er wat je een socialistische infrastructuur kunt noemen, in Nederland en elders. Die eigen voorzieningen hebben het in verschillende gedaanten volgehouden tot laat in de eeuw, misschien hadden ze een andere naam inmiddels. Bibliotheken, zangverenigingen, mandolineorkesten, genootschappen die zogeheten deel-doelen nastreefden – op het gebied van antimilitarisme, vrijdenken, de Vrouwenzaak, seksuele voorlichting, streven naar ander onderwijs, natuurstudie, drankbestrijding, vegetarisme en dan vergeet ik vast nog wel iets in deze opsomming. Toen de radio er kwam was er de VARA en de Vrijdenkers Radio Omroep, argwanend zoniet hatend aangezien door de heersende klasse.

Noem het desnoods verzuiling, al denkt niemand daaraan in verband met die voorzieningen uit eigen kring. De infrastructuur veranderde en bleef, tot en met zoiets als de kabouterbeweging of de kraakbeweging – en ergens in de afgelopen decennia is er een einde aan gekomen. Of gemaakt, kan men beter zeggen. Intussen: DE manier om een einde aan de oude infrastructuur verbonden aan de arbeidersbeweging te maken, was de voorzieningen tot overheidstaak te maken, te nationaliseren. Zo lang als het zogeheten welzijnswerk bestaat is het een doelwit voor bezuinigingen, tot op het punt van zo-goed-als-verdwijnen.
Is nationaliseren een wenselijk doel? Het alternatief is repressief “ruimen” terwille van de Wensen van de Markt, zoals met de kraakcentra is gebeurd. En met de door plaatselijke overheden gewaarborgde voorzieningen is iets dergelijks gedaan, waarbij de buitengewoon onsmakelijke uitdrukking “eigen broek ophouden” zo ongeveer speciaal werd ingevoerd. Het einde van het clubhuis/jongerencentrum, buurthuis, bibliotheek, zwembad en ga maar door.

Misschien zijn er hier mensen die de invoering van de bijstandswet hebben meegemaakt, waarmee de armenzorg uit handen werd genomen van de Kerk en de liefdadigheid of een strenge overheid.
Nee, er zou niemand komen kijken of u te veel lakens in huis had. Vriendelijk en voorkomend - bijna communistisch, zag ik het ooit genoemd in een maoïstisch blaadje in de vroege jaren zeventig. De wet is van 1965. In televisiespotjes bij de invoering droop de welwillendheid ervan af. Een bloemetje op tafel moest er van afkunnen.
Al gauw was het vriendelijke weg, en kon je de tandenborsteltellers verwachten. Als er iemand was die regelmatig bij je sliep kon die je ook wel onderhouden. Er kwam de voordeurdelerskorting. En voort ging de weg omlaag, tot de afschaffing in 2004, en tenslotte onder gejuich van de sociaal-democraten de invoering van de “tegenprestatie”, oftewel dwangarbeid. Inmiddels was het een wet voor werk en bijstand.

Over het onderwijs valt iets dergelijks te zeggen. Laat de financiering aan de overheid over en je krijgt het eigenbroekverhaal op den duur. En dus een Monsanto/Syngenta-universiteit in Wageningen. En let maar op: Jair Bolsonaro met zijn per twiet aangekondigde afschaffing van filosofie en sociologie als vakken die “door de belastingbetaler” bekostigd worden geeft zicht op ons voorland als het doorgaat zoals het gaat in Nederland. Dit is tussen haakjes een reden waarom ik niet enthousiast kan zijn over de brochure Anarchisme – een introductie, waar ik “relevant onderwijs” weer zie opduiken. Relevant is bedrijfskunde, verandermanagement, het idee dat je je bureau leeg moet achterlaten op kantoor en dat je geen vaste plaats moet hebben daar. Dat was me lachen over de kabouters van Voskuil zeg – nee, dan de Marktwerking bestuderen…
Ik zeg nu: bestudeer vooral elfjes en kabouters, altijd minder nuttig dan de Markt.

Ik wil graag mijn inleiding in majeur eindigen. Van onderop, autonoom is er dezer dagen de mobilisatie van jongeren-als-jongeren in verband met de aan de gang zijnde mondiale klimaatcrisis. De autonome actie vraagt iets van regeringen. Ik zou ook werkelijk niet weten hoe zonder overheid de vervuiling aan te pakken – want daar gaat het nog steeds om, ook al veranderen de etiketten. Op dit ogenblik is in Wales en Schotland de klimaatnoodtoestand uitgeroepen. Dit zal ongetwijfeld door de centrale overheid in Londen doorkruist worden. Maar er wordt geluisterd naar de jeugd die de straat opgaat.
Veel meer om hoop uit te putten is er momenteel niet, maar het is al heel wat.
Sta op, verworpen Moeder Aarde!
Sta op, verworpenen der Aarde!

Eenmeilezing in Leeuwarden


01 april, 2019

Wat moet bezinken. Een partijcongres en meer

De recensent is een stuk onbenul dat meer vangt voor zijn stukkie over jouw boek dan jij waarschijnlijk voor het hele boek zult krijgen. Ik heb het zelf mogen ondervinden van ene Oebele de Jong, die een totaal waanzinnig artikel schreef voor De Journalist over mij, en ja hupsakee, die figuur kreeg meer voor zijn inktkoeliewerk dan ik voor mijn hele boek. Ik heb mijn eerste computer moeten aanschaffen om het te schrijven, dat zegt genoeg.
Toen De Groene het eindelijk had ontdekt (het was er bij het uitkomen toch wekelijks in geadverteerd) wierp ik het net zelf blijmoedig in de papiermolen, een flink deel van de oplage althans. Het is beter dat je het zelf doet dan een ander.
Ik was zo stom om dat te vertellen waardoor het weekblad een heel raar verhaal maakte over onder anderen mij. Eerlijkheid tegen journalisten loont niet, mensen.

De eerste zin van dit stuk is een parafrasering van wat Albert Helman ooit over recensenten heeft geschreven. Ik moest er aan denken (evenals aan mijn eigen wederwaardigheden met recensenten) naar aanleiding van een verhaal over het boekenweekgeschenk - dit zou een drol met een strik eromheen zijn, een gratis prul van een schrijver die wel beter kan. Of heeft gekund. Want ook dat wordt geïmpliceerd. Ach ja, hij is de jongste niet meer hè (81 inmiddels). Jan Siebelink.

Wat ik uit die leeftijd en het verhaal opmaak is wel dat het een bezwering is van mogelijke eigen angsten althans gedachten over sterven. De hoofdpersoon is 79. En een laatbloeier als schrijver. Ik ga niets navertellen want wie weet heeft uw boekhandelaar nog een partijtje over waar hij of zij graag alsnog van af wil. Dat is wel de praktijk van de laatste jaren. Ik heb alleen zo'n vermoeden dat de grimmige recensent wraak wil nemen over de inhoud wegens herkennen van figuren. Twee Amsterdamse binnenstadscafés spelen een rol, trefpunten van schrijvers die het al dan niet "gemaakt" hebben. De vraag is of ze inmiddels niet net als de andere kroegen zo overspoeld worden door de toeristenplaag die de stad van zijn burgers en bohémiens aan het beroven is. Laat ze maar cafés zijn waar ik wel nog regelmatig langs loop maar waar ik maar zelden binnen ben geweest en waar dus aparte herinneringen aan kleven.

Het boekenweekgeschenk, het was mijn gratis treinkaartje op weg naar het congres van de Partij voor de Dieren - waarvoor ik mij eigenlijk voornamelijk had opgegeven om mijn gram kwijt te kunnen over de schandelijke taal van Amsterdams raadslid Johnas van Lammeren.
Maar geheel in overeenstemming met het gemakkelijk en snel uitgelezen boekje van Siebelink kreeg ik vanochtend bij de huisarts te horen dat ik gezegend ben met hartritmestoornis. "U zult er niet van neervallen maar er moet wel iets aan gedaan worden. Laat het even bezinken." Bezinken.
Nou was dat precies wat ik moest doen met dat partijcongres - nu ik dit - eh - van mijn hart heb zal ik daar dan over schrijven. Nee, ik heb geen gebroken hart over de partij, dat niet.
Al zou het wel gekund hebben. Tot straks.

11 februari, 2019

De slaapzak en het dreigende niets

"Ik ben bang voor het niets". Ik kan mij daar wel in inleven, het is tenslotte iets (het woord dat je bij gebrek aan beter gebruikt) wat je je niet kunt voorstellen. En een "ik" in het/een hiernamaals? Ook als je er in gelooft besef je dat er geen "ik" meer zal zijn.
Max van Weezel stamt nog uit een tijd en omgeving waarin ik van harte verachting kon voelen voor de politieke keuze: het idee dat de CPN de "werkende bevolking" vertegenwoordigde was typisch iets voor studenten uit (klein)burgerlijke milieus. Niet dat ik illusies had over "het anarchisme" waarvoor ik al vroeg gekozen heb.

En daar zie ik Max met het CPN-spandoek na de verstoring van een bijeenkomst van studenten ter ondersteuning van "de Nieuwmarkt". Ik zou nog graag vernemen of hij echt dacht dat hij zo voor een betere wereld streed. Het was klaar voor de gelegenheid, jullie wilden helemaal geen "discussie" waar jullie om bleven roepen. Dat de metrolijn afgebouwd moest worden was ook weer niet meer de CPN-studentenleuze (de ASVA-leuze) want men voelde wel op het partijbureau dat het niet goed zou vallen. In de praktijk stonden CPN-studenten op de barricade tegenover de politietroepen die hun partij tegen hen had ingezet. Op dat ogenblik stierf die partij in feite al, wat electoraal een paar jaar later bevestigd werd.

Een passage die raakt aan wat ik had willen schrijven omstreeks het ogenblik dat ik bij De AS werd weggebonjourd - over radicale dagen rond het Instituut voor de Wetenschap van de Politiek.

In Diemen, waar een aantal politicologen een gekraakte woning deelden, hing in de keuken een schema waar niet alleen op stond wie wanneer de vuilnis buiten moest zetten, maar ook wie met wie de nacht zou doorbrengen. Tijdens de bezetting van de Oude Manhuispoort, het Instituut voor de Wetenschap der Politiek en het Bureau Inschrijving, werd openlijk de liefde met elkaar bedreven.

Politicologiestudenten nog altijd, in die villa in Diemen. Ze haalden de Panorama er mee, nog wel. En of ze het lang hebben volgehouden? Een hunner kwam al snel op de roemruchte Zilverberg terecht, in communeachtig verband, dat wel. Wat dat inhield weet ik nog steeds niet, ik kwam net na die tijd daar wonen. Het duurde al met al niet lang, want je kunt je leven zo niet inrichten. Ik weet over wie het gaat en zwijg verder over Diemen.

Ik beken: ik heb meer dan eens de liefde bedreven in een slaapzak, in bijzijn van anderen. Ik niet alleen natuurlijk, die ander deed het ook. Maar het moet toch eerste persoon enkelvoud blijven, voor de duidelijkheid.
Maar niet bij zo'n bezetting. Al heb ik er wel zo mijn memoires over. Daar hoort dit nummer mij, compleet met verwijzing naar slaapzak.





De oliemaatschappij bepaalt wat vrijheid is, of opwarming

"De schotten tussen de universiteit en het bedrijfsleven zijn eindelijk weggehaald". Ik zag de triomfantelijke kop langskomen, het verhaal bevond zich in een pdf-bestand waarvan ik de vraag kreeg hoe ik het opengemaakt zou willen hebben. Laat maar. Het is toch flauwekul.

"Het bedrijfsleven" is niet de Koptische snackbarman om de hoek, de Surinaamse afhaal ernaast of de kapper die zich uiteraard barber noemt want het is hier de Amsterdamse binnenstad. Het bedrijfsleven is Shell, Unilever, Microsoft - ach, die beheerste zoiets als "informatiekunde" allang. O ja, het bankwezen. Wat is er "eindelijk" aan het weghalen van die schotten?

Het is niet voor het eerst dat ik het lied uit de advertentie opschrijf. Ik kan het uit mijn hoofd:

De vrijheid om te gaan en te staan waar je wilt
Je weet wat je zoekt, wat rust en wat groen
Rij weg, ver weg met Shellina
Het betere tankwerk van Shell.

Het is nooit onthuld wie de zanger achter dit fraais was, hij leek sprekend op Peter Tetteroo van de Tee Set, en wie weet. Maar het doet er ook niet toe. Het gaat om de massage in de message: vrijheid, rust, groen, ver weg: Shell.
In die dagen had Shell met eigen inzet en met hulp van het leger van Nigeria met zijn Britse "adviseurs" de olievelden van de Nigerdelta weer in handen. Dat er miljoenen mensen om werden uitgehongerd voor de quick kill zoals het koloniale regime van Labourman Harold Wilson het noemde gelieve u niet te weten. Destijds had ik, net vers zelf van school, van doen met scholieren die boos en verontrust waren over die uithongering en die niet blij met Shell waren. Ach wat, jullie rijden toch ook op Shellina premix, wist de man die Shell heel tactisch naar voren schoof bij gelegenheden en te vrezen valt dat het nog waar was ook voor heel wat scholieren op hun brommertjes. Die had je toen.

Om "Biafra" staken verscheidene scholieren in de Franse noordwesthoek zich in brand. Het was een in die dagen gekende - tja, actievorm is geen juist woord. Jan Palach stak zich in brand in Tsjechoslowakije. Hij werd nagevolgd, maar wie weet de namen van die navolgers? Ik weet geen naam van zo'n Franse scholier, zoals ook die boeddhistische monniken in Vietnam die het voorbeeld gaven naamloos de geschiedenis in of uitgaan.
Misschien heb ik de documentatie over die Franse scholieren in mijn archief, dat ik Deo Volente dit jaar op orde breng.

Vijftig jaar later staan weer scholieren klaar, niet gehinderd door cynisme of morele slijtage, om al stakende hun verontrusting te doen blijken. Ja, ze lachen veel. Moeten ze huilen? Dat zou dan een permanente toestand moeten zijn. Ja, ze hebben een schermpje bij de hand waarmee ze appen, instagrammen, twitteren, zie maar. Bestaat Shellina premix nog? Wie weet zijn ze op een scooter gekomen met dat of in ieder geval zoiets in de tank. En dan? Aan het kapitaal valt niet te ontkomen zolang we er niet aan ontkomen zijn. Rechtse praatjesmakers mogen dolblij zijn dat de scholieren de overheid aanspreken en niet de conglomeraten achter de fossielenindustrie zelf. Alsof de overheid ten nadele van Shell en de andere Zusters (het waren er Zeven, klopt dat nog?) zou handelen.

De jongeren roepen niet op tot revolutie. Zij zijn de revolutie. Daarom zijn de rechtse praatjesmakers bang. Het hoeft niet goed af te lopen, maar eigenlijk liever wel.
Succes, scholieren, studenten, iedereen, bij de acties!

30 januari, 2019

Nader nieuws over de toestand rond camping Tot Vrijheidsbezinning

De vraag die staat met betrekking tot kampeerterrein Tot Vrijheidsbezinning, het tehuis van de anarchistische Pinkstermobilisatie, is: hoe kan het dat zo'n terrein plotseling, door een Stichtingsbestuur dat toch niet uit het niets voortkomt, "op de markt" geslingerd wordt?
En o ja, gezien de mooie ligging bij het Fochteloërveen is de camping natuurlijk als oord voor natuurliefhebbers aantrekkelijk. Maar dat is het terrein ook zolang het een anarchistisch trefpunt is. Dat hoort niet sektarisch te zijn en natuursport en anarchisme horen in Nederland van oudsher bij elkaar.

Het terrein is door een kennelijk vermogende oudere kameraad opgekocht na het zwaaien met de dreigbrief, en nu is het de bedoeling dat het zo snel mogelijk wordt uitgekocht om het niet aan een enkeling over te laten.
Maar er is een ton geïncasseerd, en waarom en waartoe? We hoeven daar geen openheid over te verwachten, vrees ik. De "Stichting" is persoonlijk verbonden met onder andere het tijdschrift De AS, waar ik ben weggebonjourd op tamelijk onfrisse wijze, twee jaar geleden.

Een ereschuld aan Domela en Altena

Het boek zou al heel snel in de ramsj liggen, maar ik bestel het bij de buurtboekhandel. De verkoopster moet het uit de doos van de vervoercentrale halen. "Wat een dik boek over zo'n onbekende man. Geen idee wie het is." Ik leg het met een ongetwijfeld fijn glimlachje uit. Maar welke gestalte uit de recente, laat staan de vroegere Nederlandse geschiedenis, mogen wij nog bekend veronderstellen?

De pil van Nationale Biograaf Jan Willem Stutje over Ferdinand Domela Nieuwenhuis. Dat ik hem alsnog bespreek beschouw ik als een ereschuld in de eerste plaats aan kameraad Bert Altena, en ook enigszins aan FDN zelf, die vorig jaar honderd jaar dood was, een kroonjaar!

Het publiciteitslawaai ging aan het boek vooraf maar het heeft het niet van snelle verramsjing gered. Aan de vlotte pen van Stutje heeft het niet gelegen, dat kan ik hem nageven. Maar de eerste keer dat ik het geërgerd weglegde was niet eens het lasterlijke stelletje pagina's dat de onnodige publiciteit geleverd had. Het was het amateurpsychologische mekkeren over een Schuldgevoel jegens de vader, een stuk eerder in het boek. Die heeft hij van Jan Romein, die het ook uit eigen duim haalde:
Liggen hier de wortels van het schuldgevoel waaruit, psychologisch gezien, zijn hele loopbaan logisch lijkt voort te vloeien? (Erflaters van onze beschaving.
Romein had een pesthekel aan anarchisten, sla er zijn Op het breukvlak van twee eeuwen maar op na. En Stutje is belijdend trotskist, strekking-Mandel, aan wie hij ook een biografie gewijd heeft ("Wie is dat nu weer?" - zucht), dus hij heeft ook al niets op met anarchisme of anarchisten.

Er gingen enkele jaren voorbij voordat ik het weer ter hand nam. Per slot van rekening, we mogen er niet op rekenen dat er spoedig wel een behoorlijke biografie van Domela komt. Doorlezen!
Ik passeer de insinuerende pagina's over wat Stutje in zijn publiciteitsstunt het antisemitisme van FDN noemt. Domela had Proudhon in zijn boekenkast, nee maar, en Proudhon was antisemiet, vertelt Stutje. Van dat niveau krijgen we zes pagina's. Samuel Coltoff, die de redactie van De Vrije Socialist overneemt als Domela niet meer voortkan, noemt Stutje een zelfhatende jood (p.238). Kijk, zo'n opmerking noem ik nou eens antisemitisch. Enfin, lees er Rudolf de Jong verder op na, het is even zoeken maar gij zult vinden. (Zie ook hier.)

In ander verband heb ik vermeld dat een biograaf tenminste enige affiniteit moet hebben met degene die hij of zij beschrijft. Die heeft Stutje niet voor FDN, dat wordt al snel duidelijk, ik vermoed zo dat hij als trotskist een appeltje te schillen heeft met wel niet de grondlegger van het anarchisme in Nederland, maar wel de Grootste Naam uit de geschiedenis van de stroming. Maar de periode als anarchist komt niet of nauwelijks uit de verf. Domela wordt in dat tijdvak, 1898-1918 als oud en vermoeid afgeschilderd. Kom op zeg (mag ik ook namens mijzelf zeggen). De Internationale Antimilitaristische Vereeniging wordt maar net genoemd, verdere activiteiten op dat front blijven onvermeld. Domela heeft niet het initiatief tot het Dienstweigeringsmanifest genomen, maar hij heeft het wel getekend. In de nor komt hij er niet voor, anderen wel. Het is een blinde vlek, ongenoemd. Vermoedelijk moet toch een anarchist de taak op zich nemen een echte biografie van wie-is-die-man-nu-weer te schrijven. Bert Altena zal het niet meer kunnen doen, als hij al gewild had. Ik sluit af met diens slotzinnen uit de door Stutje gehate bespreking:
Deze biografie schiet dus jammer genoeg op allerlei punten tekort. Opnieuw blijft een belangrijk deel van Domela’s leven buiten beschouwing, in de analyse wreekt zich dat de auteur de ‘revolutionair’ heeft vastgeklonken aan romantische hang naar Gemeinschaft, op andere punten zet hij ons een constructie voor die een zeer zwakke band met het verleden lijkt te hebben.

- Jan Willem Stutje, Ferdinand Domela Nieuwenhuis - een romantische revolutionair. Antwerpen/Gent: Houtekiet/Amsab, Amsterdam: Atlas Contact, 2012. Wellicht antiquarisch te vinden.

Doorlopende kerkdienst in kapel Bethel stopt vanmiddag

Een van twitter geplukt vers bericht:

Vandaag stopt de Protestantse Kerk Den Haag met de doorgaande viering en het kerkasiel! 13.30 is de afsluitende viering 15.00 de persconferentie in @BethelDenHaag. Een dankdienst en feest volgen later. #kerkasielBethel #kinderpardon

Het sjacheren binnen het kabinet heeft blijkbaar tot gevolg dat het gezin Tamrazyan veilig naar buiten lijkt te kunnen.
Zolang het duurt.
Het was mooi zolang het duurde, het heeft tot iets geleid - wat niet per se de bedoeling van een kerkdienst is - en verder:

Steun de anarchistische camping in Appelscha

Help mee het terrein te behouden voor toekomstige generaties


Aan het eind van een zandweggetje net buiten Appelscha, op een smal stukje grond aan de rand van de bossen van Staatsbosbeheer ligt Nederlands enige anarchistische camping. Voluit genoemd: Vrij-socialistisch, anti-militaristisch, drugs- en alcoholvrij terrein tot Vrijheidsbezinning. Velen van jullie kennen de camping van de Pinksterlanddagen. Een anarchistisch festival dat jaarlijks tijdens het Pinksterweekend plaatsvindt op het kampeerterrein tot Vrijheidsbezinning.

Bolwerk van anarchisten

Dit kampeerterrein kent een rijke geschiedenis. Appelscha was van oudsher een bolwerk van vrije socialisten. De eerste Revolutionaire Anti-Militaristische Landdag werd in 1924 in de bossen bij Appelscha georganiseerd. In 1933 werden – in aanloop naar de Tweede Wereldoorlog – de Landdagen verboden. Dat was de reden voor een drietal anarchisten uit het noorden om op zoek te gaan naar een eigen stukje grond. In datzelfde jaar werd in alle stilte voor 500 gulden een aardappelveld aangekocht om het organiseren van de jaarlijkse Pinksterlanddagen te waarborgen. Vanaf 1934 wordt op het kampeerterrein de jaarlijkse Pinksterlanddagen georganiseerd.

Dit aardappelveldje is door de zelfwerkzaamheid van kampeerders en gebruikers uitgegroeid tot de camping die het nu is. Een eenvoudige camping met water, elektriciteit, sanitair en douches. Later kwam het gebouw met kantine erbij en nog weer later het kampeerhuisje.

Kampeerterrein

Het terrein heeft 30 vaste staanplaatsen en wordt onderhouden en beheerd door de groep van vaste kampeerders, die bestaat uit individuen, stellen, gezinnen en collectieven. Naast de vaste plekken is er ruimte om te kamperen, met tent of caravan. Er is een huisje dat gehuurd kan worden; ook geschikt voor oudere mensen, of mensen met een beperking. De zaal met keuken kan door groepen gehuurd worden voor bijeenkomsten en tenslotte is er het anarchistisch archief. Voor kinderen is er speel- en experimenteerruimte, er is een klein speeltuintje en een bos om hutten te bouwen en op onderzoek uit te gaan.

De camping ligt aan de rand van het Drents-Friese Wold – een uniek natuurgebied van bossen, duinen en heidevelden, waar de wolf het afgelopen jaar nog een bezoekje bracht – en het Fochteloërveen, een ongerept stukje moeras- en heidegebied met zeldzame flora en fauna. ‘s Nachts kan je genieten van de helderste sterrenhemels, of van een uil die over het weiland vliegt… In de zomer ligt het Aekingameer op fietsafstand voor een frisse duik. Dit alles maakt het kampeerterrein tot een perfecte plaats om tot rust te komen, te bezinnen of van de natuur te genieten.

Ondergang en behoud

Bij de aankoop van het terrein in 1933 is toen op advies van een advocaat besloten om het eigendom van de camping in de vorm van een stichting te gieten. Daarbij werd bepaald dat de kampeervergadering het voor het zeggen heeft en niet het stichtingsbestuur. Een vereniging was te riskant, want de anarchistische groepen in het land waren het lang niet altijd met elkaar eens en er was nogal wat onderlinge strijd. Daar mocht het kampeerterrein niet aan ten onder gaan. Ironisch genoeg heeft de juridische vorm de camping niet behoed voor deze dreigende ondergang.

Ondanks de afspraak dat de besluitvorming bij de kampeervergadering ligt, liet het stichtingsbestuur zich de afgelopen jaren weinig gelegen liggen aan de vergadering, nam beslissingen buiten de vergadering om, of negeerde genomen besluiten. Kampeerders en de organisatie van de PL verzetten zich steeds duidelijker tegen deze autoritaire werkwijze van het bestuur die een anarchistische camping niet past. Mediation, een betaalstaking; alles liep op niets uit. Het conflict liep hoog op, kampeerders wilden van het bestuur af en vice versa. Eind 2018 besloot de stichting plotsklaps om het kampeerterrein te verkopen. De kampeerders kregen de keuze: het terrein kopen, zo niet, dan zou het op de vrije markt te koop aangeboden worden. Dat zou – na 86 jaar – het einde zijn geweest van de enige anarchistische camping in Nederland (en misschien ook wel ter wereld). Eén van de kampeerders heeft snel gehandeld door het terrein persoonlijk aan te kopen. Zo is de camping behouden.

De toekomst is van ons!

Als kampeerders zijn we inmiddels georganiseerd in een vereniging. We voeren nu de discussie in welke vorm we straks het terrein in eigendom willen hebben om een camping in zelfbeheer te hebben waarbij iedereen zeggenschap heeft en de besluitvorming daadwerkelijk bij de kampeervergadering ligt. We willen onze handen uit de mouwen steken en onze tijd en energie besteden aan het onderhoud en de verbetering van het terrein. Nu het conflict achter de rug is, kunnen we gaan bouwen. Zoveel ideeën: verduurzaming van de gebouwen, zelf opwekken van energie, organiseren van de camping, maar ook van meer politieke bijeenkomsten, meer promotie naar buiten… We hebben er zin in!

Schuld aflossen

Degene die het terrein heeft aangekocht, zorgde er met deze noodgreep voor dat de camping behouden bleef. Wij willen het geld zo snel mogelijk terug betalen. Daarbij willen we onze schuldenlast over een bredere groep mensen en organisaties verdelen, want de kampeerders kunnen deze schuld niet alleen opbrengen.

Help je mee?

In de eerste plaats is er dus behoefte aan geld. De vaste kampeerders zullen bijdragen wat in hun vermogen ligt, maar er is meer nodig. Giften en leningen voor de aankoop en ook voor het noodzakelijke grote onderhoud. Kun je zelf niks missen en wil je toch je steentje bijdragen? Misschien ken je een plek waar je een benefiet kunt organiseren, kun je deze oproep zoveel mogelijk verspreiden, of heb je zin om oliebollen te gaan verkopen in je plaatselijke buurtcentrum. Alle beetjes helpen!

Het belangrijkste: kom vooral kamperen! Kijk of er klussen zijn waar je bij kunt helpen, of kom gewoon genieten van de schitterende omgeving.

Financieel bijdragen

Giften

Heb je wat geld over en wil je dit inzetten voor het terrein? Donaties zijn meer dan welkom! Maak het over naar rekeningnummer NL51 TRIO 0379 2637 85 t.a.v. Vereniging tot Vrijheidsbezinning o.v.v. ‘donatie’. Alle beetjes helpen!

Betaal je liever maandelijks een bedrag? Zet dan een automatische overschrijving aan en laat ons in de omschrijving weten tot wanneer je dit blijft betalen, dan weten we waar we op kunnen rekenen.

Obligaties

Als je één of meer obligaties afneemt, leen je ons dit geld. We werken met twee soorten obligaties:

★ Kortlopend: €50,- per stuk, afbetaling binnen 2 tot 6 jaar, 0% rente

★ Langlopend: €100,- per stuk, afbetaling binnen 6 tot 10 jaar, 2% rente per jaar

Dit betekent dat we het eerste jaar geen obligaties afbetalen, daarna wordt jaarlijks minimaal 10% van de obligaties uitgeloot voor uitbetaling; De eerste jaren de kortlopende en daarna de langlopende. Deze loting zal tijdens de Pinksterlanddagen plaatsvinden. De uiteindelijke looptijd is zodoende afhankelijk van het moment van uitloting.

Andere afspraken

Heeft je woongroep een spaarpot die voorlopig niet gebruikt wordt, heb je een erfenis gekregen die je pas hoeft aan te spreken als je kind gaat studeren, heb je een goedlopend bedrijf en wil je investeren in de anarchistische beweging? Neem contact met ons op voor een op maat te maken afspraak, zoals een lening voor een bepaald aantal jaren.

Meedoen?

Stuur een mail naar fin-appelscha@riseup.net

Zorg dat hierin in elk geval duidelijk staat:

★ Op welke manier je wilt helpen

★ Op welke manier we het best contact met je kunnen opnemen

In het geval van obligaties:

★ Hoeveel van welke obligaties je wilt

★ Je rekeningnummer en op welke naam die rekening staat

★ Je postadres waar we de obligaties heen kunnen sturen

Meer informatie vind je op onze website: www.anarchistischecamping.nl

Voor vragen kun je natuurlijk ook altijd mailen.

- Via Globalinfo