26 juli, 2015

Zomerbeeld 2015 - buitenkansje voor meerkoeten

Op typerende wijze wordt men niet gewaarschuwd voor het obstakel op het eind van de kade, een slaphangend rood-wit-koordje moet duidelijk genoeg zijn voor wie de boom zelf niet meteen ziet...
De boom tegenover de schuurkerk van de Gereformeerde Gemeenten - de wind besloot de andere kant op te gaan
Dezelfde boom vanaf de overzijde. Meerkoeten knabbelen aan het mos dat plotseling in en op het water wordt gepresenteerd.

25 juli, 2015

Tegenstand zal je deel zijn


Get up, stand up, Peter Tosh


Stir it up, Bob Marley & the Wailers


You can get it if you really want, Desmond Dekker & the Aces

Zomerbeeld 2015 - Openluchtmuseum Amsterdam stilgelegd

Stel 465+731 ingetuigd als de laatste reguliere lijn 20 (waar dit materieel nooit gereden heeft), zondag 19 juli 2015. Een toeristische voorziening.
Een weerrecord maar weer eens. De bovenleiding van de tram getroffen en er zal dan ook geruime tijd geen tramverkeer zijn. Het historisch museum, dat in attractiepark Mokum "Amsterdam Museum" moet heten is net niet getroffen.

24 juli, 2015

De hongerzweep die knalde in 1816

Het weer in Noordwest-Europa van dezer dagen is niet de aanleiding tot deze notitie - om precies te zijn, dat is de biografie van Proudhon die ik deze avond ter hand nam. In de jonge jaren van Pierre-Joseph was er hongersnood in het oosten van Frankrijk (Franche-Comté) waar hij geboren was en opgroeide. Niet alleen in het koloniaal behandelde Ierland en de Schotse Hooglanden, ook elders in Europa knalde de hongerzweep nog tot ver in de negentiende eeuw. In het midden van de zomer van 1816 sneeuwde het, het jaar gold als een jaar zonder zomer - en geen zomerweer betekende geen oogst, dure levensmiddelen door schaarste en dus honger. Dood, emigratie, proletarisering. In het Wereldzuiden nog dagelijkse - eh - kost.

De honger in Zwitserland; de honger is een uitstekende materialistische verklaring voor oproer en opstand, zoals in Lyon, 1817.

23 juli, 2015

Het einde van de verdoving van Honduras

In de luwte van het nieuws zoals de gelijkgeschakelde media het presenteren is Honduras in opstand aan het komen, na de Obamaputsch van 2009. De geïnstalleerde politici kunnen hun corruptie zo slecht verhullen dat er vele indignad@s de straat op gaan. Juan Orlando Hernández heeft zich laten "kiezen" met behulp van graaien in de kas van de gezondheidszorg, een niveau waar men in Eruopa nog niet helemaal toe is. De acties zijn al enige tijd aan de gang: zie hier of hier.

22 juli, 2015

Zomerbeeld 2015 - schoenlappersallerlei

Dichtgevouwen atalanta
Een gehakkelde aurelia op bezoek?
En een dagpauwoog

21 juli, 2015

Niets doen is geen optie

- door Joke Kaviaar -


  Laatste woord(en) in proces Zeister 7

Als een hek meer waard is dan een mensenleven, dan dient het hek te worden verwijderd. Het maakt niet uit of de staat stelt dat het strafbaar is. De wetten die actieve solidariteit met ongedocumenteerden strafbaar stellen zijn dezelfde wetten als die de ongedocumenteerden zelf strafbaar stellen vanwege hun bestaan. Strafbaarheid is een verzinsel, net als illegaliteit. De wet is repressie en recht bestaat niet. Ik zal hier ook niet vragen om recht of om vrijheid, want dat is vragen om een gunst. Vrijheid krijg je niet, vrijheid moet je nemen.

Het behoeft geen verbazing dat vandaag zeven mensen beschuldigd worden van een bescheiden daad van verzet zoals het knippen in een hek van een grensgevangenis, in dit geval: Kamp Zeist, waar de staat nu ook een gevangenis voor gezinnen heeft ingericht, nu tijdelijk en binnenkort permanent. De staat zit niet te wachten op verzet daartegen. Dat hier nu zeven mensen worden vervolgd, bewijst dat. Het betekent bovendien dat deze zeven mensen gelijk hebben: een hek is níet meer waard dan een mensenleven. Een hek is een levenloos en waardeloos ding.

Nee, van deze vervolging hoeven we niet op te kijken. De staat valt immers ook huizen binnen en werkplaatsen in hun jacht op zogenaamde illegalen. Dat is nog veel erger. Daar zouden we met ons allen voor in de weg moeten staan om de smeris tegen te houden. No paseran!
De staat sluit migranten op voor een onbepaalde tijd tot maar liefst anderhalf jaar met als enkel doel: deportatie. Desnoods met geweld tot de dood erop volgt. Een paar meter hek kapot is daarom geen misdaad, dat kan niet genoeg worden benadrukt.
Het niet accepteren van de status quo van het apartheidsbeleid dat onderscheid maakt tussen legalen en illegalen, de status quo van het institutionele racisme dat migranten voortdurend opjaagt en bestraft om hun aanwezigheid en hun bestaan; dat niet te accepteren is de verantwoordelijkheid van ons allemaal die een paspoort bezitten en dus het voorrecht hebben gekregen in welvaart te leven.
Dat voorrecht genieten, je niet verzetten, dat is accepteren dat we leven over de ruggen van anderen die hier met alle mogelijke militaire middelen worden geweerd en die slechts statistieken zijn, collatoral damage gerechtvaardigd met Goebbelsiaanse hetze over terrorisme, criminaliteit en overlast.

Niets doen, dat is akkoord gaan met stelselmatig moordbeleid dat leidt tot vele doden aan de grenzen, op straat, in detentiecentra. Fort Europa is gebouwd op een massagraf. Niets doen is akkoord gaan met verdrinkende vluchtelingen, mensen die uit wanhoop zichzelf in een cel ophangen of zichzelf verbranden op de Dam. Niets doen betekent dat deportaties plaatsvinden met onze goedkeuring, dat opsluiting van mensen plaatsvindt met ons welbevinden. Niet in verzet komen is geen optie. Verzet is een plicht. Verzet tegen hekken, muren, camera's. Verzet tegen grenzen, gevangenissen en controle.

Vluchtelingen worden dagelijks geconfronteerd met hekken aan de buitengrenzen van Fort Europa. Met gevaar voor eigen leven beklimmen ze de hekken aan de buitengrenzen, hoe hoog ze ook zijn, hoeveel prikkeldraad en schrikdraad er ook op zit. Met gevaar voor eigen leven wagen ze de oversteek over de Middellandse Zee, ook al jaagt grensagentschap Frontex ze op en terug naar de kust van Noord-Afrika, ook al verdrinken er duizenden. Grenzen zijn meer waard dan een mensenleven, dat is de boodschap. Winsten zijn meer waard dan het leven van iemand die wordt afgeschilderd als gelukzoeker om zijn of haar dood goed te praten. Geluk zoeken is immers voorbehouden aan rijke expats en kolonialistische bezetters en uitzuigers.

We worden geacht te geloven dat het vluchtelingen zijn die een last zijn. Maar het zijn banken en multinationals die ons tot last zijn. We worden geacht te geloven dat er weinig sociale huurwoningen zijn doordat er zoveel vluchtelingen zijn. Maar het zijn de woningcorporaties die goedkope huurwoningen slopen.

Er is geen ruimte voor vluchtelingen, roepen de nationalistische en populistische politici en arrogante hypocriete massamedia opiniemakers vanuit hun luxe luie stoel. Nee, er is geen ruimte voor vluchtelingen of zoals ze ook wel in de wet worden bestempeld: 'vreemdelingen'.

Maar er is ruimte genoeg voor gevangenissen. Er is ruimte genoeg voor kantoorcomplexen die leegstaan. Er is ruimte genoeg voor prestigeprojecten. En voor dat alles is er ook geld genoeg. Geld genoeg om een nieuwe grensgevangenis voor gezinnen te bouwen op Kamp Zeist. Geld genoeg om er een nieuw zwaar beveiligd hekwerk omheen te zetten. Zoals altijd zijn er lieden die van de detentie- en deportatieindustrie profiteren. Bedrijven met bloed aan hun handen. Ze zijn geen haar beter dan de als criminelen afgeschilderde mensensmokkelaars. Sterker nog: de Europese lidstaten zijn collectief en goed georganiseerd de grootste mensensmokkelaars van allemaal. Zij die bepalen dat een afgewezen vluchteling niet mag blijven. Zij die afgewezenen heen en weer zeulen met het Dublin akkoord in de hand. Zij die vingerafdrukken afnemen en opslaan en inreisverboden hanteren.

De grenzen zijn gemaakt van geld. Duizenden bedrijven verrijken zich met deze industrie, en met de direct daaraan verbonden wapenindustrie die verantwoordelijk is voor al het leed dat mensen op de vlucht doet slaan. Het is handje klap, dealtje sluiten met deze of gene dictator of geldschieter, zonder je te bekommeren om slachtoffers. De grenzen bestaan enkel en alleen zodat er winst kan worden gemaakt, zodat onderscheid kan worden gemaakt tussen bruikbare en onbruikbare mensen. Grenzen zijn een machtsmiddel en handelswaar.

Grenzen, ze zijn overal. Dat hek om Kamp Zeist is ook zo'n grens. Daarbinnen bevindt zich een niemandsland waar mensen wachten tot ze gedeporteerd worden. Daar heerst wanhoop en angst, onzekerheid, ledigheid en woede. Je kunt TNO opdracht geven er van alles op te verzinnen om het humaan en kindvriendelijk te laten lijken, maar er bestaan geen humane gevangenissen en deportaties. Het is maar schijn. Schone schijn met een hek en een muur en nog een hek eromheen. Begrenzing van de vrijheid. Grenzen aan de solidariteit. Dat hek waarvan wij beschuldigd worden een stuk uit te hebben weggeknipt, dat is een grenshek van Fort Europa. Daar hangt inderdaad een prijskaartje aan: het prijskaartje van de vernietiging van mensenlevens, mannen, vrouwen en kinderen. Mensen die 's morgens vroeg van hun bed zijn gelicht tijdens een razzia.

De vervolging van migranten, van vluchtelingen is een politiek proces. De vervolging van zeven mensen om een paar gaten in één van de grenzen van Fort Europa is ook een politiek proces. Dit is een politiek proces ter verdediging van het kapitalistische systeem. De wetten die hieraan ten grondslag liggen, hebben geen enkele morele waarde en geen enkel recht van bestaan. Ze dienen net als de smerissen die ze al meppend, nekklemmend, peppersprayend en schietend mogen handhaven, de gevestigde orde van de rijken. Daarmee hebben officieren van justitie en rechters geen enkel recht om over wie dan ook te beslissen, straffen te eisen en op te leggen. Dat recht dat rechtspraak heet, is niets anders dan het recht van de sterkste. Het is er om te doen geld en bezit te beschermen, koste wat het kost. Een knipje voor de vrijheid, dat is waarvan wij worden beschuldigd. Ik beschuldig een ieder die de wetten van de staat vertegenwoordigt en beschermt ervan te handelen uit naam en in het belang van EU moordbeleid.

Het is rechtvaardig en noodzakelijk de hekken, grenzen, muren, gevangenissen, wetten en controlesystemen aan te vallen. Dat kan niet vaak genoeg gebeuren, tot ze allen afgebroken en geslecht zijn. Op recht hoeven we niet te wachten. Dat is wachten tot de dood. Het is noodzaak het recht in eigen hand te nemen. Alleen dan kan recht worden gedaan aan principes als vrijheid en solidariteit. Internationale grenzeloze solidariteit, over en dwars door de hekken en muren heen. Van Melilla tot Kamp Zeist: geen man, geen vrouw, geen mens is illegaal!

20 juli, 2015

Wanneer was het Nederlands anarchisme op zijn sterkst?

De aanleiding tot deze beschouwing was de confrontatie onlangs met mijn eigen doctoraalscriptie Onze God is een arbeider over de Nederlandse christen-anarchisten van rond 1900. Omdat de scriptie van Hans Ramaer de geschiedenis van het Nederlandse anarchisme van omstreeks 1900 tot 1980 behandelt leek het voor mijn onderwerp relevante literatuur. Ik trok Hans' stelling in twijfel dat het Nederlandse anarchisme numeriek op zijn sterkst was in de tijd na de Eerste Wereldoorlog.
We schatten dat de anarchistische beweging (dan) een aanhang van enige tienduizenden had. Zo bereikte het NAS in 1920 zijn maximale grootte, t.w. ruim 52.000 leden, maar hiervan was slechts een minderheid syndicalistisch. Niettemin behaalde de syndicalistische partij van Kolthek in 1918 een zetel in de tweede kamer, evenals de BvCS (die voor een deel anarchistisch georiënteerd was) . In hetzelfde jaar waren er 3200 IAMV-leden en had het IAMV-orgaan De Wapens Neder 6000 abonnees. Wanneer we er tevens rekening mee houden dat binnen de vrijdenkersvereniging De Dageraad en binnen GGB (de vereniging Gemeenschappelijk Grondbezit, die in 1901 als overkoepelende organisatie van kolonies en produktieve associaties was opgericht) velen met het anarchisme sympathiseerden, was de anarchistische beweging rond 1920 waarschijnlijk omvangrijker dan die rond de CPH.
(p.42 in scriptie HR)
Mijn bitse reactie hierop:
Met deze arithmétique néerlandaise worden organisatorische kaders gezien waar ze niet waren, althans voor de anarchisten, en daarmee meteen ook maar aanhang. Hierbij ziet de schrijver er gemakshalve van af rekening te houden met meer dan waarschijnlijke meervoudige lidmaatschappen: NAS, GGB en Dageraad sloten elkaar bepaald niet uit. De Bond voor Christen-Socialisten is numeriek volstrekt verwaarloosbaar, wat het feit dat hij een Kamerzetel wist te winnen des te opmerkelijker maakt, dat wel.
En tenslotte is het ongeoorloofd syndicalisme zomaar bij anarchisme in te lijven.

Dit oordeel trof mij nu als nogal onwelwillend en ik vermoed dat de onwil – die bij de beoordeling niet opgemerkt is omdat toen zowel als nu niemand in Academia interesse toont in de eventuele sterkte van Nederlands anarchisme – was ingegeven door op eigen ervaring gestoelde afwijzing van het idee van organisatie van anarchisten als anarchisten. Ik heb het wel eens ter sprake gebracht tegen HR en de afspraak was dat we het nog wel eens nader zouden bespreken. Het is er nooit van gekomen. Wie bovenstaande leest kan zelf concluderen dat HR misschien voorbijzag aan wat je als de anarchistische (mini-)zuil van die dagen zou kunnen aanmerken. Allerlei uitingen al dan niet in georganiseerd verband hoorden bij het ethisch gekleurde anarchisme van Nederland ca. 1920: drankbestrijding, vrijdenken of (zeker zo vrijzinnige) religieuse [om mij onduidelijke reden zo gespeld] oriëntatie, syndicalistische vakorganisatie, humanitarisme, seksuele voorlichting al dan niet gekoppeld aan Rein Leven, en meer, en bovenal: antimilitarisme. Dit laatste acht HR het belangrijkste, meest verbindende aspect van het Nederlands anarchisme. Het was de rode draad van alle mogelijke richtingen binnen dit anarchisme, het identiteitsverlenende en samenbindende ideologische punt dat de continuïteit in de beweging vasthield. Hierop lijkt mij niet af te dingen, evenals op de twee andere conclusies die in zijn scriptie getrokken worden: dat het anarchisme in Nederland niet een klassegebonden streven is (geweest) en dat anarchisten kunnen worden aangemerkt als buitenstaanders in de zin van de destijds veel geraadpleegde studie van Elias & Scotson.

Het anarchisme is geen streven van strijdbare minimumlijders (geweest), zeker niet, maar hoewel het begrip in onbruik verklaard is inmiddels hecht ik er wel aan het als onderdeel te zien van het grote complex dat arbeidersbeweging heet(te). Deze beweging valt niet samen met een klasse en is dan ook iets anders, zoals de radencommunisten zo fijntjes plachten te zeggen, dan de beweging der arbeiders. Maar als we er van uitgaan dat het Nederlands anarchisme getalsmatig het grootst was in de jaren na de Grote Oorlog waar Nederland buiten is gebleven, wil dit dan zeggen dat het daarmee in die dagen dus ook de grootste invloed had? De vraag gaat er om: stonden niet-anarchisten open voor anarchistische ideeën of praktijken en dan het meest omstreeks 1920? Ik ben daar niet zeker van. De gedachte van dienstweigering bijvoorbeeld werd volop besproken in de begintijd van de algemene militaire dienstplicht. Het strafrechtabolitionisme, inclusief het afwijzen van de institutie “gevangenis”, heeft nog tientallen jaren doorgewerkt. Misschien zijn de stropopgevechten van het dominante rechts van dezer dagen indirect nog wel tegen dit door anarchisten geïntroduceerde thema gericht.

Waarmee ik bij de vraag terug ben over de hoogtijdagen van het Nederlands anarchisme. Wellicht zijn overtuigende conclusies dienaangaande pas te trekken bij een overzicht van de geschiedenis van dit anarchisme, dat niet los te zien is van een internationaal streven en tegelijk toch ook een zeer eigen karakter heeft (gehad). Ik houd een slag om de arm wat betreft tijdsaanduiding, omdat er thans enerzijds volgens mij grote interesse is in anarchistische ideeën van allerlei snit, en anderzijds staat deze interesse grotendeels los van oplagen van bladen laat staan mogelijk bestaande organisatie. Hier is het punt waar ik mijn zoals gezegd op ondervinding gebaseerde afkeer van organisatie van anarchisten als anarchisten in een tijdens het schrijven ontstaan inzicht terzijde kan schuiven. Immers, als iets continuïteit en verandering belichaamt is het toch beslist de anarchistische pers. En degenen die beide droegen, Wim de Lobel en Hans Ramaer, eerst via De Vrije (Socialist, ook nog even) en uiteraard De AS, kunnen, wat het gewicht van hun invloed ook zou zijn, als centraal in de recente geschiedenis van het Nederlands anarchisme genoemd worden. In die geschiedenis van het Nederlands anarchisme zijn zij waarlijk meer dan de voetnoot waarin het bovenstaande citaat uit de scriptie van HR te vinden was.

– Hans Ramaer, Anarchisme in Nederland – continuïteit en verandering van een sociale beweging. [scriptie subfaculteit maatschappijgeschiedenis Erasmus Universiteit Rotterdam, februari 1983; in collectie IISG].

19 juli, 2015

Het Bikinilichaam

John Pilger die op zijn eigen site al de staf breekt over de Syriza-regering in Griekenland, geïnterviewd op Pacifica KPFA. De radiowoorden verschillen niet veel van het artikel - hier te beluisteren tussen 20.10 en 40.15. Apart is zijn antwoord op de vraag waar hij verder mee bezig is. Hij verhaalt van zijn bezoek aan de Marshall Eilanden voor zijn nieuwe film en hoe hij het ervaart in Honolulu dan een of ander "gezondheids"-blaadje te zien liggen met op het omslag iets over "your bikini body".

Het tweedelige damesbadpak bestond al langer maar kreeg de naam bikini na de waterstofbomproefneming van 1 maart 1954 op het atol Bikini. De proef heette BRAVO en viel veel zwaarder uit dan verwacht. Uit een korte beschrijving van de proef iets over het bikinilichaam:

Toen de BRAVO-proef werd genomen woonde er niemand op het atol Bikini. Op de atollen Rongelap en Utirik echter, respectievelijk honderd en driehonderd mijl oostelijk van Bikini, woonden in totaal 236 mensen. De bewoners van Rongelap werden blootgesteld aan 200 rem straling. Zij werden vierentwintig uur na de ontploffing geëvacueerd. De bewoners van Utirik, die aan lagere hoeveelheden straling werden blootgesteld, werden op zijn minst twee dagen later geëvacueerd. Na de evacuatie ervoeren velen de typerende symptomen van stralingsvergiftiging: brandend gevoel in mond en ogen, misselijkheid, diarree, haaruitval en brandplekken op de huid.

Tien jaar na de ontploffing verschenen de eerste schildkliergezwellen. Van degenen die jonger dan twaalf waren ten tijde van BRAVO heeft 90% schildklierkanker ontwikkeld. In 1964 heeft de regering van de VS haar verantwoordelijkheid toegegeven voor het blootstellen van de eilandbewoners aan de straling en stelde zij compensatiefondsen ter beschikking.

Het kledingstuk heet het effect van een bom te hebben. Waar het zijn naam aan ontleent is de vergetelheid ingewerkt.

Nachtelijk gehuil hoort hier niet thuis

Wat men komkommertijd noemt is altijd een periode van nieuws dat geen nieuws is over dieren. Maar het levert wel informatie op - zo had ik geen idee dat het nachtelijke huilen dat ik in mijn logement aan de universiteit van Haifa hoorde, 1998, jakhalzen waren. Waarschijnlijk was het tweetal vosachtigen die mij geschokt aankeken toen ik op de Carmel een eindje het bos inliep en die schielijk wegrenden ook jakhalzen - maar weten kan ik het niet.
De jakhals komt ook in Europa voor en lijkt een opmars te maken als verkenner voor of in het kielzog van de wolf. Zoals het gaat met alle mogelijke dieren wordt het ongewenst verklaard en zelfs als hier-niet-thuishorende soort vogelvrij (een veelzeggend woord) verklaard - in Litouwen voorlopig althans. Canis aureus heeft hier een site die de al dan niet gestuite opmars volgt. Zwitserland en Oostenrijk hebben al (hernieuwd) kennis mogen maken.