29 april, 2017

People's Climate March Amsterdam, 29 april 2017

In het kader va nwereldwijde "klimaat"-mobilisatie de demonstratie van vanmidddag in Amsterdam, die achtduizend mensen trok. In het huidige politieke klimaat in Nederland een prestatie.

Dit zijn de leuzen, mensen...
Of anders deze wel...
De projectie op het scherm gaf echt te vaak VVD-ers en CDA-ers het woord (nooit de PvdA trouwens)
De demonstratie keert terug op het Museumplein
Ik wilde de diepte van het grasveld weergeven...
Wees wijs met de Waddenzee, en brei voor Groningen
De Partij voor de Dieren het best vertegenwoordigd, niet onverwacht natuurlijk

Ja hoor, jij je zin


Makeba, Jain


Ik heb er Miriam Makeba voor nodig om tot me te laten doordringen dat het toch echt Mas que nada is, niet Mais. En dat het zoiets als "Ja hoor" (en dat is geen bevestiging) betekent, Braziliaans. En zo leert men alle dagen bij.



Navkar mantra, Khushbu Kumbhat Nadol

28 april, 2017

Hoofdpijn? Nee, ik ben dood, zie je dat niet?

Dit zijn de veldbiologische berichten, mensen: vrouwelijke venglazenmakers vallen als dood neer om zich wellustige opdringerige mannetjes van het lijf te houden.
Engelse titel: Faking death to avoid male coercion: extreme sexual conflict resolution in a dragonfly (Scientific Naturalist).

27 april, 2017

Lentebeeld 2017 - kille "koningsdag"

Of er al eieren uitgebroed zijn werd niet onthuld
"Koningsdag", het went niet (en de weergoden geven er geen zegen aan)
De Alsjemaar.Gelukkigband (zo geschreven!) weet wat sfeer te brengen
Aan de Leidsegracht is herrie verboden

Portfolio 28: Kameraad Junk - Bliijf van mijn poen af - Zij worde derhalve bedrogen - De reddende keizersnee

We waren samen affiches aan het plakken in de binnenstad. In de Leidsestraat werden we aangesproken: of we gratis heroïne wilden proberen. Het was de tijd van de pushers. We waren geen afnemers.
Hij was idolaat van Bob Dylan. Ik vraag mij af of hij naar bepaalde teksten goed geluisterd heeft. "Keep a clean nose, don't try 'No Doz'"...

Jaren later kwam ik hem tegen op het Leidseplein. Hij mompelde mij toe, zoals straatdealers het doen, of ik hasjiesj wilde kopen. Toen keek hij de toegesprokene aan, ik heb hem niet bij zijn naam genoemd. Maar hij herkende plotseling degene met wie hij hier eerder had lopen plakken. Een blik terug in de tijd toen hij de aangeboden heroïne weigerde.

*

Ze zei het vriendelijk, er was niet aan te ontkomen. Nu had ik haar al bij de eerste blik als zijnde lief goedgekeurd, dus tegen de wens dat ik bij haar zou blijven slapen verzette ik mij niet.
Er was niet direct een wilde stoeipartij aan voorafgegaan, en ik ging keurig eerst mijn tanden poetsen. Zou ik wel haar tandenborstel voor kunnen gebruiken, dacht ik zo.

In het bekertje stonden er zeven. Hoeveel vaste geliefden had ze eigenlijk? Ze raadde mijn gedachten voordat ik iets kon vragen. "Ik heb ze om controleurs van de sociale dienst voor gek te zetten. Ze zijn allemaal van mij hoor."

De controle met wie je allemaal slaapt die jou kan onderhouden. Ach, de tijden.

*

John Lachende Stier (zijn naam is vertaald) hakte een boom om en sneed bekwaam figuren uit de stam.
Arendskoppen, vliegende zalmen, een beer, ze waren herkenbaar.
Uiteraard kwamen er volop toeristen voor hun Authentieke Beleving naar het reservaat om de totempaal te bekijken, die sprak van overoude tradities die, de Grote Geest zij geprezen, nog leefden.
Bezichtiging kostte uiteraard wat dollars, die John de gelegenheid gaven zijn ware hobby uit te leven. Maar dat gebeurde 's avonds, als de toeristen weg waren, en 's ochtends kon hij weer spreken over de Eenheid met de Natuur en de Liefde voor Moeder Aarde.

Helaas voor John had hij niet goed toegehakt.
Op een dag verscheen een vers groen takje uit de paal.

*

Mijn Nederlandse nieuws hoorde ik op Veronica in die dagen. Nu waren er niet zoveel programma's de moeite van het beluisteren waard op dat station, het uurtje van Joost de Draaier met De Nieuwste Waar was een uitzondering.
Als het verwachte kind van Beatrix kwam zou de volgende dag een vrije dag zijn. En tegen achten sprak Freek Simon de verlossende woorden: prinses Beatrix is bevallen van een zoon (uitgebreider uiteraard, en opgepikt van Hilversum, dat weet ik ook wel). Een vrije dag. De volgende dan, de 28ste, een vrijdag. En zaterdag moesten we natuurlijk weer wel naar school, dat was toen nog zo.

Wat een uitkomst, zo'n keizersnede ter redding van die vrije dag. Goede PR-ingreep, ook toen al.

26 april, 2017

Verbrande turf - de 12"-mix

Dit is het slot van een persoonlijk drieluik, het actueelste deel, de aanleiding kunt u bedenken maar het hoeft niet.

Eigenlijk tot het toch nog onverwachte einde had ik het gevoel: wanneer begint het eigenlijk, dat redacteurschap? Nee, niet van Krapuul - Krapuul vraagt ongeveer de inzet van een dagblad, dat wel een verschijnings- en sluitingstijd heeft, maar waar je zelf, inmiddels mede-hoofdredacteur of niet, steeds "Kopij! kopij!" moet roepen. Of zelf verzorgen. Geen tijd, geen gelegenheid voor zulke vragen - het is een kwestie van doen. Maar bij De AS? - een instituut zoals de collega's in het redactielokaal van Krapuul zeggen? Een tijdschrift dat steeds een thema moet hebben, waar bijbehorende kopij bij gezocht moet worden. of om tamelijk precies te zijn: waar redactieleden maar iets bij moeten schrijven, vaak, te vaak. Ik weet nog steeds niet zeker of er zoiets als een derde feministische golf aan de gang is of voor de poorten staat, maar er zou een nieuw themanummer feminisme komen, vonden sommige leden van de redactie. "Maar daar hebben we al aandacht aan besteed, in 1974." Als ik het zo opschrijf heeft het iets vertederends zelfs, die onthechtheid aan de actualiteit. Veertig jaar geleden, kunnen we achteraf zeggen, was die tweede golf aan het wegebben, in ieder geval in Nederland, maar je kunt toch moeilijk naar een nummer van je tijdschrift over die tweede golf verwijzen als iemand vraagt wat je over de derde golf schrijft. Dus dat nummer zou er komen, en ik zou mede de samenstelling op mij nemen. Want waarom zou dat een taak zijn voor de schaarse vrouwelijke redactieleden?

Zondag 26 februari vertrok ik naar de redactievergadering van het tijdschrift waarvan de naam een acroniem is voor Anarcho-Socialist. Bijna rechtstreeks uit het virtuele redactielokaal van Krapuul, waar de waakzaamheid tegen de normalisering van het fascisme dagelijkse, uurlijkse (nee, dat is geen erkend woord) kost is, naar een vergadering waar, naar ik achteraf vaststelde, Trump noch de mogelijkheid dat de Wildersclub de grootste partij in de Tweede Kamer wordt zelfs maar genoemd werd. Wat eigenlijk wel?
Voor de betrekkelijk nieuwe eindredactrice aanleiding de onthechting aan actualiteit en praxis op de valreep ter sprake te brengen. Toen ik haar bijviel mocht ik ervaren wat het equivalent in deze kringen is van wat bij de CPN de strontkar heette. Die je over je heen zou krijgen als je het waagde kritiek te hebben (en dat je er uitvloog sprak vanzelf). Dit was de kern van wat ik te zeggen had (mijn idee voor nr.200 is naar de beste gluiperigheid, die men kan verwachten, overgenomen):

De AS hoeft geen actieblad te zijn en mag, nee moet juist een in hoge mate op theorie afgestemd blad te zijn. Maar hoe los van de werkelijkheid in de grote boze buitenwereld kun je zijn? Ik ben er zelf niet over begonnen, indirect tot slot misschien, maar zondag 26 februari stapte ik uit het Krapuul-redactielokaal naar het overeenkomstige lokaal van De AS uit de realiteit van een door fascisten geregeerde VS en de dreiging van een PVV-collaborateursregering (en die is levensgroot) in een omgeving waar dit in het geheel niet aan de orde was, niet eens besproken is. Is anarchisme iets om als een liberal te bekijken, als opmerkelijk fenomeen? Het is niet mijn anarchisme.

Aanleiding tot een moeilijk anders dan hysterisch te noemen reactie van uitgerekend een redactielid van wie de bijdragen van de afgelopen twintig jaar waarschijnlijk aan twee handen zijn te tellen. En, zoals het anarchisten betaamt, solidariteit kent men niet, zeker niet als de gesmade ander het mikpunt is van iemand die in het warme, piepkleine circuitje rondzwalkt (Ferdinand Domela Nieuwenhuisfonds - daar hoeft men blijkbaar geen geheelonthouder voor te zijn om er deel van uit te maken).

En daar zit ik dan, toch nog onverwacht, al was de onthechting wel eerder begonnen. Zesentwintig jaar is niet niets, nietwaar, en tegelijk blijft het gevoel: wanneer begint het? Hoor ik hier bij? De themanummers over Christen-anarchisme, Dierenbevrijding (ruim vier jaar voor de oprichting van de partij waar ik dan toch maar lid van ben), Globalisering, Afrika tot en met de verhouding tussen Marxisten en anarchisten nu (ik kan niet alles bedenken nu), waar ik voor (mede) getekend heb. Feminisme 3.0 zal ik niet meer (mee) doen. De mooiste herinneringen heb ik aan mijn bijdragen aan het Jaarboek Anarchisme, dat niet gebonden was aan het keurslijf van buitentijdelijke thema's. Ontdekkingstochten naar natuursportende anarchisten, een verkenning van het huidige katholiek-geïnspireerde anarchisme in de VS (voordat ik daar zelf tamelijk actief bij werd, de Sacred Peace Walk met name), portretten van over het hoofd geziene anarchisten als Ellul, Berdjajew en Lou Lichtveld, de Praktisch-Idealisten Associatie... Toen het Jaarboek zonder plichtplegingen werd opgeheven luidde eigenlijk al de klok voor mij.
De meeste van de essays in de linkerbalk zijn hetzij voor het Jaarboek hetzij voor De AS geschreven. Het is niet onopgemerkt gebleven. Inclusief de serie Dubbele boterham met kaas, waarover ik nog met mijzelf moet afspreken hoe ik hem voortzet...

De vraag is: is er in Nederland, of het Nederlandse taalgebied, ruimte voor en behoefte aan een anarchistisch tijdschrift dat theorie en praxis verbindt? Ik zou hopen van wel, denkend aan het vooroorlogse Bevrijding en het al helemaal niet sektarische naoorlogse Buiten de perken, waarvan een redacteur nog wel aan De AS verbonden is (een van de sympathieke redactieleden). De gretigheid waarmee, naar ik gemerkt heb, losse nummers uit zo'n boekenruilkast werden meegenomen, is veelzeggend.
Maar goed, de tijd zal het leren. De Eigenlijke Redactie denkt het voor gezien te houden, overlopend van dédain als men is voor "jongeren". Gezapige burgerheren die anarchisme aardig vinden om over te schrijven maar verder met interesse kennis nemen van opinies in de NRC. Tenslotte is de door mij nou juist niet, maar door de Eigenlijke Redactie wel op handen gedragen, Anton Constandse ook ooit anarchist en redacteur van het Algemeen Handelsblad geweest.
Een van die laatste niet-geachte jongeren is de aanleiding tot dit drieluik. Mocht u het niet begrepen hebben, dan weet u het nu alsnog en kunt u mijn gemengde gevoelens peilen.

En nu weer voorwaarts! Kopij! kopij! want het persoonlijke mag dan politiek zijn, het moet ook niet te gek worden.

25 april, 2017

De mensen de macht


O que faz falta, José Afonso - vanwege de vijfentwintigste april

22 april, 2017

Nederlandsche waar


Honkey donkey, Solex


Both ends burning, Fatal Flowers


When the snow falls, Ten Sharp

Een persoonlijk verhaal over trouw voor de goede verstaander/-ster

Het is 36 jaar geleden. Zesendertig. Dat is veel.
Maar de kermis op de Dam roept het weer wakker. En nog iets, vandaag, in de tijdlijn waar ik in de eerste plaats mijn nieuws oppik.

Bedriegen kan ik het niet noemen. Ontrouw was het wel. Of vreemdgaan. Maar plotseling waren haar feministische redeneringen afgelast. "We zij niet getrouwd, dus ik ga niet vreemd". En de "beste vriendin" met wie zij een scriptie over Moederschap als Ideologie ging schrijven sloeg met de vuist op tafel: zij er uit of ik er uit. Dat werd dus: ik.
Ik deed vervolgens hetzelfde, geen projecten verder in het vooruitzicht, behalve misschien - ooit? - trouwen en verder samen door het leven. Zij accepteerde het "hij er uit of ik er uit" niet. Zei mij niet kwijt te willen. Maar hij "was er ook".

Ik bleef trouw tot het punt dat het brak, vrouwen leken door te hebben dat ik op de rand van vrij was. Ik werd versierd door een studiegenote, door een collega van kantoor. Ik vertelde het eerlijk. "Houd je dan echt van die vrouwen?" vroeg zij ontdaan. "Nee, jij telt alleen". Ik meende het ook helemaal. Wat een ongerustheid, die leek mogelijk herstel te beloven.
En toen belandde ik in bed met haar voorgangster. Wat ik weer trouwhartig meldde in een brief. Toen belde zij op om te zeggen dat het uit was, een beslissing die mij ontzegd was geweest.

De tijd van het jaar, kille voorjaarsdagen, de kermis die mij aan een surrealistisch uitgaan-met-vervolg herinnert, en alle gedachten over wat trouw en solidariteit met elkaar (want dat houdt een relatie ook in) met zich meebrengen, en de dingen die ik lees op twitter.

Trouw en solidariteit zijn ondeelbaar. "Vreemdgaan" en trouw zijn sluiten elkaar nog niet uit, het is menselijk, al te menselijk. Maar er zijn grenzen.


Enfin, ik heb meer dan eens naar ik meen laten weten dat dit lied een autobiografische snaar raakt. Dit was dan eens de context. Ik had hem ook wel voor mij kunnen houden, maar het lucht ook wel op het eens op te schrijven voor de Schare.

21 april, 2017

Verering op/van bergen

Ter sprake in een uitzending van Springwatch, eigenlijk geheel gewijd aan bloeiende Japanse kers, in Japan: Shugendô - verering van bergen of een specifieke berg (in het kader van de uitzending: een berg met veel kersebomen.
Ik had er nooit van gehoord, altijd mooi om te vernemen van zich op de natuur oriënterende geloven of godsdiensten.

Documentatie.

Trailers van twee documentaires over Shugendô:



19 april, 2017

Het demonische in instituties

Een niet al te schokkende bekentenis, vermoed ik: de theoloog Paul Tillich is voor mij onbekend terrein. In verband met mijn lezing over kairos heb ik iets van hem gelezen, daar is het bij gebleven. Nu schrijft Chris Hedges hem de gedachte toe dat alle instituties demonisch zijn. Dat gaat ver, zeer ver, bijna voorbij het christen-anarchisme. Jacques Ellul was tenslotte hoogleraar in de geschiedenis van de instituties, en kon hij doceren dat ze allemaal demonisch zijn? Als ik het zeg ga ik ook meteen twijfelen.

Uit een online Tillichlexicon, lemma: Das Dämonische:
Das Dämonische kann in allen Dimensionen des Lebens auftreten, manifestiert sich aber am deutlichsten in der geschichtlichen Dimension, wo es mit dem Anspruch auftritt, das Ziel der Geschichte darzustellen (III 393). Beispiele sind u.a. die dämonische Selbsterhebung einer Nation über alle anderen (III 125), die dämonische Selbsterhebung eines speziellen Elements innerhalb einer zentrierten Person (ebd.), eine mit letztgültigem Anspruch auftretende Lehre (Dogma) (III 129), eine Unbedingtheit beanspruchende historisch-wissenschaftliche Forschung (I 46), das sakral-priesterliche Element, das mit unbedingter Würde auftreten will (I 167), oder eine Kirche, die die Unbedingtheit ihres Fundaments mit der Unbedingtheit ihrer Institution verwechselt (III 432). Überhaupt gibt es auf dem Gebiet der Religion eine besonders starke Anfälligkeit für das Dämonische. Auch in der Geschichte der Kirchen ist das Dämonische stets eine manifeste Macht gewesen (ebd.). Neben der Profanisierung ist die Dämonisierung, also die eigene Absolutsetzung, eine der Zweideutigkeiten, denen die Religion unter den Bedingungen der Existenz ausgesetzt ist (z.B. III 281).

Kruisverwijzingen heb ik verwijderd, u vindt ze op de gelinkte plaats, de noten verwijzen naar zijn Systematische Theologie.

18 april, 2017

De vergeten mens

De vergeten mens is vergeten
omdat geestelijken hebben vergeten
contact te maken met de vergeten mens.
En geestelijken hebben vergeten
contact te maken met de vergeten mens
omdat geestelijken vergeten hebben
logica te gebruiken voor wat praktisch is.
En omdat geestelijken vergeten hebben
logica te gebruiken om uit
te zoeken wat praktisch is
zijn ze er niet in geslaagd ons een sociologie
te geven die iets met theologie van doen heeft.
Als er een sociologie was
die iets van doen heeft met theologie
was het de sociologie van St. Franciscus van Assisi
van St. Thomas Aquinas en St. Thomas More.
Maar de sociologie van St. Franciscus van Assisi,
St. Thomas Aquinas en St. Thomas More
was een utopische sociologie,
en geestelijken zijn niet geïnteresseerd in Utopia's
zelfs niet in christelijke Utopia's.

- Peter Maurin

17 april, 2017

GroenLinks als kwartiermaker voor de fascisten – J’accuse

Het is Pasen, internationaal genoeg te melden, op het binnenlandse front is het rustig. Afgezien van acties her en der en de inmiddels gebruikelijke fascistische oprispingen op straat, maar zoals steeds, vooral in de media.

Die rust, wat belooft die? Over de formatie, die volgens de formules waarmee ik in Nederland ben opgegroeid nog een informatie moet heten, horen we niets. Dat voorspelt weinig goeds. Het imagobouwen van de Jessias gaat nog wel op een laag pitje door. En dat past in het beeld.
Hoor eens even, GroenLinksers met name. Ik heb nooit veel opgehad met jullie politieke richting, al was het maar omdat het geheel volgens mij een marketingtrucje is – voorkomen dat een echt linkse formatie en een echt groene opkomt, alleen al door de merknaam. Toch is de SP er doorgekomen, en de Partij voor de Dieren. Op de linkerflank is nog steeds een gapend gat, tenzij de PvdD ook daarin kan voorzien. Daar werkt deze muisstille “informatie” wel aan mee.

Het is ruim een maand na de verkiezingen, die 22 zetels hebben opgeleverd voor fascisten, die De Media (en jullie?!) zo graag populisten of godbetert nationalisten noemen. Welnu, ga vooral door met een formatie die duidelijk maakt dat jullie voor Het Eerlijke Verhaal gaan tekenen de komende jaren. Zodat men ter uiterste rechterzijde fijn kan zeggen dat de ultralinkse regering met Halsema en wie weet nog wie in het kabinet uitverkoop houdt van “ons land”. Want zo zal het gaan, als deze formatie doorzet.

Kan het jullie schelen? Ik vraag het me af. Kap ermee of geef toe dat ik gelijk heb: het geval dat nu in de maak lijkt is pure reclame voor rattenvangers als Wilders en Baudet.
Hier houd ik het nu bij.

16 april, 2017

De wet van de heiligheid


Christus Resurgens, Anúna

"Niemand kan twee heren dienen,
God en de Mammon."
"Wees volmaakt
zoals uw Hemelse Vader
volmaakt is".
"Als u volmaakt wilt zijn
verkoop dan alles wt u heeft
geef het aan de armen
en volg Mij."
- Het Nieuwe Testament.
"Dit zijn harde woorden",
zegt Robert Louis Stevenson.
"Maar de harde woorden
van een boek
zijn de enige reden
waarom het boek geschreven is."

In zijn encycliek over
Franciscus van Sales
zegt de Heilige Vader:
"We kunnen het geloof
niet aanvaarden dat dit gebod
van Christus alleen
een selecte en bevoorrechte groep betreft,
en dat alle anderen
kunnen denken dat zij Hem behagen
als zij een lagere graad van
heiligheid hebben bereikt.
Juist het tegendeel is waar,
zoals uit de algemene strekking
van Zijn woorden blijkt.
De wet van de heiligheid
omvat alle mensen
en laat geen
uitzondering toe."

Er is wrijving
tussen de rijken
die graag rijker
willen worden
en de armen
die niet armer willen worden.
De rijken,
die rijker willen worden
wenden zich tot de Kerk
om hen te behoeden
voor de armen die
niet armer willen worden.

Maar de Kerk
kan de rijken alleen zeggen
als zij rijker willen worden:
"Wee u rijken,
die rijker willen worden
als u niet de armen helpt
die niet armer willen worden."

- Peter Maurin

15 april, 2017

Is sterven het mysterie?


Had ik kunnen weten aan de hand van het volgende filmpje, maar het is mij toch enigszins ontgaan: het origineel van Hit'em up style!, Blu Cantrell


Carolina Chocolate Drops. De zangeres van de groep heet Rhiannon Giddens, en op haar enkele naam staat dit betoverende nummer:


Spanish Mary, tekst: Bob Dylan

Mazzeltov zou het worden - herinneringen aan mijn drieëntwintigste levensjaar

En laat ik het vantevoren even zeggen: als je in je drieëntwintigste levensjaar bent, ben je 22. Voor velen is dat moeilijk te begrijpen.
Van het geld dat ik traditioneel van mijn oma kreeg voor mijn verjaardag kocht ik de fotografische herdruk van Anton Pannekoek, De arbeidersraden. De karakteristieke geur van dit nieuwe oude boek.
En de inhoud, die ik geheel geabsorbeerd heb, tot mijn eigen denken heb gemaakt voorzover mogelijk. Een ander boek dat ik dat jaar van zijn hand gelezen heb, Anthropogenese, heeft heel lang mijn idee over de Wording van de Mens bepaald, en ik ben nog steeds niet van plan er afstand van te nemen. Andere omwoelende teksten, op voorspraak van Jan Romein, wiens geest nog rondwaarde in de subfaculteit: Ursprungsgeschichte des Bewusstseins van Erich Neumann en The source of civilization van Gerald Heard. Romein was er zelf niet meer om uit te leggen waarom deze boeken belangrijk waren voor het ontstaan van historische interesse. De docent die geacht werd mijn kandidaatsscriptie te begeleiden zag het ook niet helemaal. En hoe belangrijk de boeken ook voor mij waren, die vraag kan ik nog steeds niet beantwoorden.

Via scholingsavonden kwam ik terecht bij het anarchistische genootschap in Amsterdam van die dagen. Het bracht allerlei actie met zich mee, veel op het vlak van internationale solidariteit. We namen het initiatief tot actie rond het koper van Chili, dat niet gelost kon worden in Europese havens omdat de kopermijnen genationaliseerd waren onder de Volksfrontregering van Allende (die nationalisatie viel nogal mee, ze is zelfs nog gehandhaafd onder neoliberale putschist en dictator Pinochet).
En als vertegenwoordiger namens "de anarchisten" in de Ierse solidariteitsactie maakte ik kennis met het fenomeen "trotskisten". Ik heb daar elders over geschreven en ga er hier dus maar niet op in verder. Wel apart vermeldenswaardig was het typoscript van het Sunday Times Insight Team over Bloody Sunday, dat mij werd opgestuurd. De envelop was zichtbaar opengemaakt aan een kant: een signaal van De Dienst dat ze het opgemerkt hadden (er zijn subtielere manieren om je post te lezen dus ik neem aan dat er een bedoeling achter zat).
Het artikel was geweigerd door de Sunday Times, ik heb het vertaald, zo goed en zo kwaad als ik kon, en we hebben het uitgegeven. Iemand van het Nederlands Instituut voor Vredesvraagstukken wilde het origineel zien, hij was ontevreden over mijn vertaling.
Geloof het of niet, in die dagen lag het maken van een kopie nog niet voor de hand als bewaarhandeling.
Ik heb het opgestuurd en het is nooit aangekomen. Rara, hoe kon dit...
En het allerraarste was natuurlijk dat de tekst vertaald en al in de speciale boekhandel lag, en werd gecolporteerd. Dus wat de betekenis van de verdwijntruc was mag u bedenken. Ik denk dat dit dan ook mijn Persoonlijke Bijdrage aan mijn Beroemdheid bij de Staat geweest is - ook al waren de redactionele bijdragen aan het Ierland Bulletin anoniem.
Dit blad werd nog in ditzelfde mijner levensjaren omgezet in Repressie Revue - bulletin van onderdrukking en revolutionair verzet in Europa. Daar heb ik het nog wel eens over. Of niet.

Wat het jaar zeer gekleurd heeft voor mij was het programma Cloud Nine op Radio North Sea International, zondagavond negen uur. Drie uur lang - later helaas maar twee - opgaan in "soul and R&B presented in a way you never heard before" - al was het aan het verwateren toen de hoofdpresentator Paul May verdwenen was. Met de Four Tops schallend in mijn geestesoor door het Vondelpark fietsen en verwijlen bij ongrijpbare liefde. Van dat front viel verder niets te melden, dank u.
Van het fenomeen "Northern Soul" waar het programma mee samenhing zou ik pas veel later horen.



I was so much older then, I am younger than that now. Mijn betrokkenheid bij de studie smolt weg vanwege het voorbereiden van de Grote Kladderadatsj waar ik aan werkte. Verdomd, ik geloofde er in. Hoe ik het mij moest voorstellen was niet geheel duidelijk, maar het eindresultaat werd gepresenteerd door Piet Reckman: iedere traan zal gedroogd worden, mazzeltov zal het wezen.
En zo is het maar net. Ik weet ook niet wat dit stukje er aan bijdraagt verder, al weet ik wel waarom ik het geschreven heb. Ik dank u voor uw aandacht.

14 april, 2017

Sporen van Doggerland

illustratie: Max Naylor
Zo vaak staat er niet iets interessants in/op Nederlandse kranten, dit is dan een uitzondering: over vondsten uit het door de Noordzee verzwolgen land. Het brengt mij weer het handje in herinnering dat ik ruim een halve eeuw geleden op het strand gevonden heb.

Halfverkoolde takken of boomstronken, ze spoelen aan en wie staat er bij stil dat ze van een bosbrand in Doggerland getuigen.

13 april, 2017

En wie is de vader van de Moeder Aller Bommen?

En op Witte Donderdag, de kameraden als vanouds naderen hun bestemming in Nevada, besloot het regime van de VS de zwaarste niet-nucleaire bom die ooit beschikbaar is geweest te gooien op een "doel" in Afghanistan. Massive Ordnance Air Blast, wat het acroniem MOAB oplevert, dat dan weer wordt gelezen als Mother of All Bombs. Want het vernietigen van levens moet altijd in verband gebracht worden met baren of verwekken. Meer valt er wat mij betreft nu niet te zeggen.

12 april, 2017

De gewenste asfaltering van Achlum

Kijk op de site gewijd aan Achlum en je weet meteen: hier moet een parkeerplaats komen! (Ik ken de naam van de plaats eigenlijk ook alleen maar doordat Lief korte tijd een huisgenote uit dit dorp gehad heeft). Hier een blik op de plaats waar geparkeerd moet gaan worden, waarvoor een middeleeuws gebouw moet worden gesloopt. Eenvoudigweg omdat het kan in Nederland.

De gelegenheid om kennis te maken met de Actuele Moderne Devotie, die er een ingezonden stuk over stuurt.
De Actuele Moderne Devotie heet online Postmoderne Devotie en besteedt niet al te actuele aandacht aan de sporen van de Moderne Devotie in het gebied dat ik nauwelijks ken, ook al liggen er om het eens lekker belegen uit te drukken roots van mij.
In Overijssel regent het nooit zo te zien...

11 april, 2017

Twee jaar geleden: het Maagdenhuis opgegeven


De Maagdenhuisbezetting van 2015 had sterke trekken van prefiguratieve politiek. De bezetting - die meer het karakter had van een open huis - was in de eerste plaats een demonstratie: tegen het zogeheten rendementsdenken, een term die in deze vorm de internationale pers haalde. De ideologische tegeninzet van lui die zich ooit voor progressief uitgaven, zoals Jean Tillie en Stephan Sanders, sprak op dat punt boekdelen.

Later dat jaar is de studiebeurs afgeschaft en de verplichting tot schuld wettelijk vastgelegd (voor wie geen rijke of goedgeefse ouders heeft). Studie is hiermee officieel "investeren in jezelf als toekomstig loontrekker" geworden - het gehele idee van de academie opgegeven. Een keerpunt.
De tijd van bevrijding blijft, 25 februari - 11 april 2015, en hoe die periode bij degenen die het hebben doorleefd doorwerkt.



Het lied van die avond nog maar eens:

10 april, 2017

Verrassing: Shell bevordert de corruptie in Nigeria

Eigenlijk is het geen nieuws, maar structureel - evenwel, het is altijd weer even mooi om degenen die de dienst uitmaken in hun hemd gezet te zien. Hoe Shell willens en wetens een corrupte ex-minister in Nigeria heeft bevoordeeld en daarmee de staatskas ruim een miljard door de neus geboord heeft. Samen met Italiaans olieconcern ENI.
Hier de documenten, hier meer.
Het bedrog was tot in de top van het concern bekend.

09 april, 2017

Lentebeeld 2017 - Pinksterbloemen aan de vooravond van Palmpasen

Waar is de bomen- en struikengids als je hem nodig hebt? Voorlopig houd ik het op een krentenboompje
Pinksterbloemen in de berm, tegen de vespers van Palmpasen
Zweefvlieg op bezoek bij pinksterbloem

Marianne in Birmingham


Wat een contrast, nietwaar - de lelijke kerels van wat zich de English Defence League noemt tegenover de Asian jonge schone, die met een blik van geamuseerdheid en licht meewarig naar de racist kijkt.
Birmingham, fascistendemonstratie ontmoet antifascisten, zaterdag 8 april 2017.

08 april, 2017

Spookachtig


Spook-a-lou, Mike Sharpe. Spannende instrumental met het spook in de titel.


Spooky. De eerste opname van het nummer. Mike Shapiro = Mike Sharpe.


De eerste vocale versie van Spooky, de saxofoonsolo gedaan door Mike Shapiro/Sharpe


Atlanta Rhythm Section - met hierin twee leden van de Classics IV


Bij Dusty Springfield is Halloween er uitgegooid...

05 april, 2017

De politiek van bepalen wie dood mag

Veranderen de hedendaagse vormen die het leven onderwerpen aan de macht van de dood (de necropolitiek) de verhouding tussen verzet, offer en vrees diepgaand? Dit essay stelt de hypothese dat de uiterste uitdrukking van soevereiniteit in hoge mate berust in de macht en het vermogen te zeggen wie zal leven en wie moet sterven. Dientengevolge vormen doden of laten leven de grenzen van de soevereiniteit, haar fundamentele attributen. Soevereiniteit uitoefenen is de macht uitoefenen over sterfte en het leven bepalen als de toepassing en uiting van macht.

Achille Mbembe, Nécropolitique

04 april, 2017

Lentebeeld 2017 - Verstoorde pad

Eigen blauwe druifjes eerst
Bloesemende boom die eerlijk gezegd op naam gebracht moet worden, maar waarin huismussen zich zeer thuis voelen
De pruimen nochtans vallen ieder jaar nogal tegen...
Tuinhommel ziet er wel honing in
Aardhommel ook
Beetje zoekplaatje - padje dat verstoord werd door het weghalen van een dekzeil, dat dan maar teruggelegd is

03 april, 2017

Gallo, het Romaans van Bretagne



Tot hoever in Bretagne sprak men eigenlijk Bretons? Misschien niet zo ver, bijvoorbeeld niet in Nantes (het maakt het gewest als geheel niet minder Bretagne). Het Romaans van Aremorica wordt Gallo genoemd, waarvan de naam samenhangt met de naam van het oude Gallië, en dat een zelfstandige taal is, niet - wat men tot van overheidswege wenst te beweren in Frankrijk over Romaanse binnenlandse talen - een afgeleide van het Frans.
De bourree hierboven doet mij denken aan de boer die maar ene koe heeft...

02 april, 2017

Doe normaal, houd op over die slavernij

We kwamen elkaar regelmatig tegen en op die kruispunten maakten we een praatje met elkaar. Waarover, ik zou het niet meer weten, waarom zou ik het moeten weten. Pas nu ik het, met een kersverse context, opschrijf, vermoed ik dat we wel met elkaar aan het flirten waren. Al kan ik er niet voor instaan, het is zo'n vederlichte bezigheid die net zo goed kan wegwaaien. (Ook al wordt het woord in heel ander verband gebruikt in commerciële context).
Toen kwam de chef maar weer eens langslopen. "Ja je kunt haar nou wel een leuke meid vinden, maar er moet wel gewerkt worden." Meende hij te moeten zeggen, tegen mij alleen, niet iets vergelijkbaars tegen haar. Twee insinuaties in een klap, maar dat er door de anderen gewerkt moest worden was inherent aan zijn baantje. Het eerste stak mij, maar haar nog meer. Het was uit met onze ontmoetinkjes.



Ik had wel het vermoeden dat zij gekwetst was, maar of dit zo was en in welke mate - we zijn er niet aan toegekomen. Want dan hadden we moeten praten, wat niet mocht, en indringender dan we gedaan hadden tot dan toe.

Een van de regelmatig bezochte posten op mijn weblog hier werpt de vraag op waarom Nederlanders zo onbeschoft zijn. Het is een karaktertrek die aan de staatsvorming voorafgaat. De wandelende rekenmachine Dijsselbloem bestond het onlangs in een interview in de Frankfurter Allgemeine te suggereren dat de Zuideuropeanen ("de PIGS"- landen) "hun" geld verjubeld hebben aan drank en vrouwen (!) en dan nu hun handje ophouden bij de sobere hardwerkende noorderlingen. Je moet maar durven. En Dijsselbloem beroept zich dan ook nog maar op "het calvinisme" dat hem als Nederlander zo direct maakt. Al net zo'n flauwekul.
Saskia Pieterse is geen sociologe, althans zij doceert Nederlandse literatuur, maar haar historische uitstap tot naar het koloniale verleden (en heden) toe vind ik een zeer plausibele verklaring. Tot en met het verband tussen die zogenaamde directheid, botheid, onbeschoftheid en de eigen superioriteitswaan, het racisme - zo tentoongespreid door Dijsselbloem, die nog steeds niet lijkt te beseffen wat hij miszegd heeft. Pieterse bezoekt in haar stuk Curaçao en zo kom ik weer in de gangen van de posterijen terecht.

En ik weet nog steeds niet wat ik terug had moeten zeggen tegen die lomperik. Ik zou dingen kunnen bedenken maar nu hangt er niets meer van af. Toen wel.
Loonslavernij en slavernij liggen bij alle verschil ook in elkaars verlengde.

Internationale Broederschap: Nederlands christen-anarchisme rond 1900

Sinds het christendom is vastgelegd in een organisatie die tegelijk werelds en bovenwerelds geacht kan worden, streven gelovigen naar terugkeer tot het ware, onbedorven christendom. Men zou kunnen zeggen dat dit streven zo oud is als het christendom zelf. De geschiedenis van het christelijk geloof bevat voor wie terug wil naar het 'ware' christendom de mythische thematiek van het Gouden Tijdperk. Er was de onbedorven tijd, tevens tijd van verdrukking door de Romeinse overheid. En er is de zondeval van de geschiedenis van het christendom, en deze valt dan samen met het aannemen van het geloof door keizer Constantijn. De val wordt gecompleteerd doordat aan deze keizer het uitroepen van het christendom tot staatsgodsdienst wordt toegeschreven. Opvallend is nu dat over het zogenaamde pure christendom van voor Constantijn einig positief bekend is. En hoe verder men terug gaat naar wat de bron zou moeten zijn, de naamgever van het geloof, des te onzekerder wordt de historische grond waarop men meent te staan.

Over Jezus is niets meer bekend dan wat er in de evangeliën geboekstaafd is. De identiteit van de schrijvers, die geacht werden tijdgenoten en navolgers van Jezus te zijn geweest, is niet bekender. Vermelding door schrijvers uit niet-christelijke kring uit de eerste anderhalve eeuw van onze jaartelling ontbreekt. De vermeldingen bij Tacitus en Flavius Josephus zijn duidelijk interpolaties: bij het kopiëren van de tekst aangebrachte 'aanvullingen' van de hand van christelijke monniken. Er valt weinig ten gunste te zeggen van een Jezus die daadwerkelijk als historisch persoon bestaan heeft, en veel ten ongunste. Ditzelfde geldt vervolgens voor de eerste christenen.

Handelingen 2:44,45 vormt de basistekst waarop elke stroming die naar het ware oersocialistische christendom terug wil keren een beroep doet: "En allen die geloofden, waren bijeen, en hadden alle dingen gemeen; en zij verkochten hun goederen en have, en verdeelden ze aan allen, naar dat elk van node had." Om het mythische karakter van dit verhaal te onderstrepen duiken deze passages twee hoofdstukken verder opnieuw op in de Handelingen der Heilie Apostelen. De eerste christenen zijn vermoedelijk even mythisch als de zoon Gods aan wie zij hun naam heten te ontlenen. Maar dan, hoe krachtig en levend mag deze mythe heten! De echo van deze passage uit het Nieuwe Testament hoort men nog terug in het adagium: van ieder naar vermogen, voor ieder naar behoefte. Een contemporaine mythe, waar nu stevig de bijl ingaat, maar de leuze kan veilig in handen blijven van anarchisten en, waarom niet, van christenen.

Dat de oersocialistische christenen in feite nooit bestaan zullen hebben hoeft aan het streven niets af te doen. Zodra de christenen echt historische contouren krijgen is er van gemeenschappelijke eigendom niets meer te bespeuren. De zondeval kwam niet pas met keizer Constantijn. Het valt tenslotte niet te verwachten dat de keizer van het Romeinse Rijk zich vrijwillig zou aansluiten bij een groep mensen die alle aardse goederen delen. De ware zondeval van Constantijn ou kunnen zijn dat hij oorlog voerde in het teken des kruises, en dat hij hieraan zijn overwinning meende te mogen danken.

Naast het gemeenschappelijk bezit is de geweldloosheid deel van de mythe van het radicale oerchristendom. Geweldloosheid werd door Jezus gepredikt in de Bergrede, ook wel als losstaand Evangelie der Liefde beschouwd (Matth. 5-7, Lucas 6:20-49). Hier spreekt de Jezus van de christen-anarchist, de radicale mensenminnaar, die maant den boze niet te wederstaan en de andere wang toe te keren. Evenals de bovengenoemde passages uit Handelingen: een mooie mythe, een nastrevenswaardig ideaal, dat niet meer als exdusief christelijk wordt opgevat. De Jezus van de Bergrede is niet in overeenstemming te brengen met de patroon van een staatskerk, immers, staat en geweld horen onlosmakelijk bij elkaar. Overigens is de laatste zondeval, die voor de staat, gemakkelijk als mythe te weerleggen: niet Constantijn, maar een latere opvolger, keizer Theodosius, heeft het christendom tot staatsgodsdienst uitgeroepen.

Het streven naar het ware oerchristendom begeleidt de geschiedenis van de kerk onafgebroken. Binnen de officiële kerk worden de aangehaalde woorden uit Handelingen van toepassing verklaard op speciale gemeenschappen van gelovigen: monniken of nonnen, die tot de dag van vandaag inderdaad in gemeenschap van goederen leven. Voor de gewone gelovigen was aards bezit verder toegestaan.
Wie het hiermee niet eens was solliciteerde naar het etiket 'ketter'. Niet dat iedere ketter naar gemeenschappelijke eigendom streefde, maar het omgekeerde was wel waar. In het kader van dit artikel is het niet zinvol deze ketterse stromingen zelfs maar te noemen, hoe interessant zij ook mogen zijn. Het begrip 'ketter' is sinds de Hervorming eigenlijk irrelevant, al gaat
het gevecht om de ware leer in welhaast ieder kerkgenootschap onverdroten voort. Voor alle andere kerken een ware gruwel waren de Wederdopers, in marxistische kring graag opgevoerd als protocommunisten, die alleen nog niet de juiste papieren bezaten wat klassebewustzijn betreft. De heilstaat die zij enige tijd hebben ingericht in de stad Münster is inderdaad een voorproefje van het systeem dat tot voor kort tussen Elbe en Beringzee heerste: zeker niet christen-anarchistisch. In Nederland, waar ik mij verder toe zal beperken, is sinds de Hervorming binnen en buiten de Hervormde Kerk vrijwel altijd een libertaire stroming actief geweest, een stroming dus die zich op de genoemde passages uit Handelingen en op de Bergrede beriep voor de geloofspraktijk.

Natuurlijk noemden deze stromingen zich niet christen-anarchistisch. Deze term komt pas op bij de Internationale Broederschap, ongeveer een eeuw geleden. Er is evenwel een brug in de tijd te slaan tussen deze fin-de-siècle-uiting en de tijd van de Hervorming. Spectaculair kunnen de Labadisten (1669-1725) genoemd worden, volgelingen van de Franse predikant Jean de Labadie. Allen afkomstig uit betere kringen gingen zij gezamenlijk wonen in de geest van Handelingen, het grootste deel van de tijd van het bestaan van de groep op het Waltha-slot in het Friese Wieuwerd. Een prominent lid van de groep van Labadisten was de eerste vrouwelijke Nederlandse academicus, Anna-Maria van Schuurman. De Collegianten hebben waarschijnlijk juist daardoor als groep langer kunnen bestaan: van 1619 tot het einde van de 18de eeuw.
In de Franse tijd kwam uit onvrede over de te rekkelijk geachte Hervormde Kerk het oefenen op: gewone gelovigen die bijeenkwamen om met elkaar de juiste interpretatie van de Schrift te bespreken. Uit kringen van deze oefenaren komen de Nieuwlichters voort, waarschijnlijk bekender onder de naam Zwijndrechtse Nieuwlichters. Het gemeenschappelijk bezit en het afwijzen van staat en wapenbezit komen ons in hun geval al modem voor, al zijn hun motieven uitsluitend aan de bijbel ontleend. Hun gemeenschappen in Mijdrecht en Zwijndrecht hebben het niet lang volgehouden.
De Groninger theologische school van professor Hofstede de Groot had met de Nieuwlichters verwante opvattingen, zonder deze verder in praktijk te verwezenlijken. Integendeel, Hofstede de Groot keek nogal neer op de gewone gelovigen die meenden hun eigen gang te mogen gaan. Het Groninger blad Waarheid in Liefde kan men als het eerste modern-theologische tijdschrift in Nederland beschouwen. Waarmee wij van de 'voorlopers' terecht zijn gekomen bij de kring waaruit de Internationale Broederschap is voortgekomen.

TOLSTOJ

Wie in een Hogere Macht gelooft en deze aanvaardt, kan geen anarchist zijn, dus een christen kan geen anarchist zijn. Op dit lage niveau bevond zich de kritiek van de anarchisten van een kleine eeuw geleden tegen de groep die zich christen-anarchist noemde. Een niveau van redeneren dat tot vandaag heeft standgehouden, al zal de toon wat veranderd zijn. Voorman Domela Nieuwenhuis van de enige echte ware godloze anarchisten had weliswaar een portret van Jezus op zijn schrijftafel, maar met het geloof had hij afgedaan, en dus moest iedereen ermee afgedaan hebben. Naar de standpunten van de anderen werd niet geluisterd. Het zou onjuist zijn de Nederlandse christen-anarchistische stroming als een soort afwijkende tendens van het enige ware
anarchisme te zien, zoals Domela het eigenlijk liefst wel wilde presenteren. De stroming heeft drie belangrijke bronnen.

De eerste is de moderne theologie, waar bovengenoemde Hofstede de Groot een voorloper van was. Het modernisme was de belangrijkste vernieuwingsbeweging binnen de Nederlandse Hervormde Kerk in de vorige eeuw. Rationalisme en liberaal vooruitgangsgeloof deden hun intrede in de wetenschap van de godgeleerdheid. Het resultaat betekende een totale omwoeling van alles wat tot dan toe voor vaststaand en - letterlijk - heilig werd gehouden. De verstgaande conclusie was het in twijfel trekken of de figuur Jezus Christus ooit werkelijk bestaan heeft. Een dergelijk standpunt was uiteraard zeer moeilijk te verenigen met lidmaatschap en zelfs voorgangerschap binnen de kerk. Modernisten als Allard Pierson en Busken Huet bijvoorbeeld verlieten de kerk dan ook. Een theoloog als G.A. van den Bergh van Eysinga is, ondanks zijn radicale bijbelkritiek, tot het eind aan toe een gewaardeerd predikant gebleven.
De tweede bron is de arbeidersbeweging, die met de industrialisatie na 1870 opkwam. Vooral Leidse theologiestudenten raakten bij hun maatschappelijke werkzaamheden geëngageerd ten gunste van de arbeidersklasse. De splitsing tussen sociaal-democraten en anarchisten heeft ook onder de betrokken moderne theologen plaatsgevonden. Velen kozen voor de sociaal-democratie, anderen voor het anarchisme.
De derde bron waren de buitenlandse voorbeelden. Dit waren vooral de zich als anarchist profilerende gnosticus E.H. Schmitt uit Boedapest en meer nog de Russische schrijver Tolstoj. Het christelijk anarchisme naar eigen snit - dat de schrijver op zijn beurt weer aan bepaalde Russische sekten ontleende, speciaal de nog steeds bestaande Doechoboren - heeft grote indruk gemaakt op de meer mystiek ingestelde 'linkse modernisten' in Nederland. Tolstoj's oproep in zijn Het Koninkrijk Gods is binnen in u om te weigeren de wapenen van de goddeloze staat te dragen is in Nederland meer dan elders aangeslagen. De traditie van antimilitarisme en dienstweigering is hier gevestigd door volgelingen van Tolstoj, te beginnen de dweepzieke J.K. van der Veer, de eerste Nederlandse dienstweigeraar.

De Nederlandse geschiedschrijving van de arbeidersbeweging, beheerst door sociaal-democraten en partijcommunisten, kent geen christen-anarchisten. Zij kent wel Tolstojanen. Hiermee wordt onrecht gedaan aan de eigen Nederlandse achtergrond van de stroming, die zoals boven aangegeven uit meer bronnen geput heeft dan die van Tolstoj alleen. Binnen de kerk zelf en ook binnen de anarchistische beweging als geheel werd - hoe negatief men er ook tegenover stond - niet zomaar van 'Tolstojanen' gesproken. De juiste naam luidt: christen-anarchisten; christen, dus anarchist, zoals zij zelf met een beroep op de Bergrede en inderdaad, toch wel - onder verwijzing naar Tolstoj stelden. Tolstoj had echter met zijn betoog tegen het geweld de christenen een spiegel voorgehouden die zij onaangenaam konden vinden. Vandaar het antwoord van de christen-anarchisten tegen degenen die hen als Tolstojaan wilden bestempelen: "wij zijn geen tolstojaan, maar christen". De historische rechtvaardigheid gebiedt hen hierin zover mogelijk gelijk te geven.

Belangrijke christen-anarchistische theologen in Nederland waren Louis A. Bähler, Anne de Koe, H.W.Ph.E. van den Bergh van Eysinga (later prominent hegeliaan geworden), N.J.C. Schermerhorn, J. Sevenster en Lod. van Mierop (laatstgenoemde heeft zijn studie niet voltooid). Niet theologisch geschoold was de waarschijnlijk markantste figuur, de waterstaatkundig ingenieur Felix Ortt. Tot organisatorisch verband is het eigenlijk pas gekomen toen het modernistisch tijdschrift De Hervorming steeds minder genegen bleek artikelen van christen-anarchistische strekking te plaatsen. In 1897 werd het blad Vrede opgericht om hiervoor ruimte te scheppen. Onderschrift van het blad luidde: 'Orgaan van de Internationale Broederschap'. Deze broederschap is twee jaar later echt als vereniging opgericht. Internationaal is zij overigens nooit geworden. De ideeën waren het wel, maar de organisatie is tot Nederland beperkt gebleven, zoals men zelf zonder veel spijt vaststelde.
De Broederschap zocht en kreeg rechtspersoonlijkheid om het samenwonen in gemeenschapsverband juridisch vorm te geven. Om de idealen van het ware vroege christendom in praktijk te brengen, ging een aantal christen-anarchisten in kolonieverband wonen in Blaricum. Hier zou men zich bezighouden met landbouw en met de drukkerij en uitgeverij 'Vrede'.

De kolonie werd een spreekwoordelijke ramp. Lang niet iedere kolonist had kaas gegeten van landbouw. Erger nog: de radicale geweldloosheid van de christen-anarchist diende niet tot mensen alleen beperkt te zijn, maar gold ook voor dieren. Hoe het gewas te beschermen tegen rupsen? Het bleek dat sommige kolonisten zo rekkelijk waren dat ze vonden dat er wel op hazen geschoten mocht worden.
De morele eisen die aan de kolonisten gesteld werden, waren zo hoog, dat het verloop zeer groot was. Tijdens de spoorwegstaking van 1903 werd de kolonie belegerd door woedende dorpelingen. Militairen moesten de antimilitaristische en geweldloze christen-anarchisten beschermen tegen de meute. De aftocht werd van staatswege gedekt, terwijl in het belangrijkste huis brand gesticht werd. Toen hierna binnen de kolonie sprake was van zelfverdediging met behulp van revolvers, was voor de eigenlijke christen-anarchistische theoretici de maat vol. De kolonie te Blaricum heeft het bestaan gerekt tot 1911. Bij de opheffing was er van anarchisme noch christendom nog iets te bespeuren. Een tweede kolonie van de Internationale Broederschap, te Nieuwe-Niedorp, heeft van 1902 tot 1907 bestaan. Zij is minder dramatisch tot haar einde gekomen en heeft als land- en tuinbouwbedrijf nog lang voortbestaan.

IDEEËN

Felix Ortt
Meer dan de praktijk in de vorm van landbouwkolonie zijn de ideeën van de Nederlandse christen-anarchisten van belang. Zij waren de initiatiefnemers tot het Dienstweigeringsmanifest van 1915. Meer dan de enkele individuele dienstweigerakties van voor die tijd gaf dit Manifest het sein tot een echte beweging. Ruim duizend mensen ondertekenden het Manifest, vele honderden volgden de oproep tot weigering. Of de christen-anarchistische achtergrond nog herkend of erkend wordt, is de vraag, maar dat dienstweigering en radicale geweldloosheid voor veel Nederlandse anarchisten vanzelf spreken, is wel degelijk aan de christen-anarchisten te danken. Deze geweldloosheid is gebaseerd op theologische opvattingen. De Bergrede is al genoemd in dit verband. De algemene geweldloosheid, ook tegenover dieren, is een uitvloeisel van het pantheïsme dat bij de mystieke richting van het modernisme hoort. De gehele schepping is vervuld van de immanentie Gods. Een theoloog als Louis A. Bähler verbond dit geloof aan reïncarnatie en boeddhisme. Zijn pantheïsme beleed hij tegenover zijn gemeente op Schiermonnikoog, zijn voorkeur voor het geweldloze boeddhisme in Oosterwolde (Fr.). Zijn gemeente stond in beide gevallen achter hem. Zijn optreden heeft geleid tot het oprichten van de Gereformeerde Bond binnen de Hervormde Kerk, uit verontrusting dat dit blijkbaar allemaal maar kon.

Felix Ortt ontwikkelde een naar eigen zeggen rationeel filosofisch stelsel, waarin naast zielsverhuizing ook plaats was voor spoken en andere 'spiritische verschijnselen'. Als tegenstander van geweld tegen dieren was hij een voorvechter van de beweging tegen vivisectie. Spiritisme en vivisectie zijn de thema's waarmee Ortt zich van het eind van de Duitse bezetting tot zijn dood in 1959 nog heeft beziggehouden.

Vegetarisme is, als uitvloeisel van bovenstaande, een vanzelfsprekend onderdeel van het christen-anarchisme. In navolging van Tolstoj sprak men zich ook fel uit tegen het gebruik van genotmiddelen als alcohol en tabak of prikkelend geachte spijzen. De grenzen van de consequentheid lagen wat dit betreft blijkbaar bij koffie en thee: dat mocht van christen-anarchisten als Ortt, Bähler en Van Rees. Van Tolstoj niet.

Onlosmakelijk verbonden met het christen-anarchisme is het streven naar 'rein leven', zeker gebaseerd op of geïnspireerd door Tolstoj's in de loop der jaren steeds radicaler geworden opvattingen over seksualiteit Voor de schrijver van de Kreutzersonate is eigenlijk alle seks uit den boze. Dit gaat de Nederlandse christen-anarchisten te ver. Het is alleen niet duidelijk waar hun grenzen over wat vies en ongepast is precies liggen. Geslachtsgemeenschap dient uitsluitend voortplanting tot doel te hebben. Hieruit volgt, inderdaad, dat homoseksualiteit niet is toegestaan. Ortt stelt rustig vast dat tachtig procent of meer van de jongeren zich bezondigt aan 'zelfbevlekking'. Ondanks zijn vermeende rationalisme houdt hij
staande dat deze zonde gruwelijke gevolgen heeft, ondanks (of dankzij?) het feit dat bijna iedereen haar begaat.

De Rein Leven-beweging was voor de christen-anarchisten na de ramp van Blaricum eigenlijk het enige vaste organisatiepunt en voor wie er nu op terugziet, is het bepaald een onsympathiek en onsamenhangend streven. Men hoeft geen totale losbandigheid te prediken om niettemin dit verwarde victorianisme af te wijzen. Binnen de na de eerste wereldoorlog opkomende religieus-anarchistische beweging was het reine leven dan ook zeker geen vanzelfsprekendheid.

Wat hield nu precies het christendom in voor de christen-anarchisten van de Internationale Broederschap? De meeste predikanten zijn steeds hun ambt blijven bekleden en dus in de kerk gebleven. Binnen het modernisme waren zij niet eens de radicaalsten. Het historische bestaan van Jezus werd bijvoorbeeld voor waar aangenomen. Hij was wel niet Gods zoon, maar een profeet van de menslievendheid, een drager van de Christusgeest was Jezus wel. Deze Christusgeest van naastenliefde werd overigens aan wel meer mensen toegedicht: van Boeddha en Socrates tot Bakoenin, Kropotkin en Tolstoj toe. Ook met dit 'moderne paganisme' waren de christen-anarchisten overigens geen echt buitenbeentje. De vrijzinnige stroming van de Nederlandse Protestantenbond (de Vrije Gemeente, die dus wel de kerk verlaten had) zag ook wel iets heiligs in menig niet-christelijk nog levend persoon.
Het genoemde rijtje dragers van de Christusgeest laat het al zien: het christen-anarchisme stond open voor niet-christenen.
Joden, boeddhisten of buitenkerkelijken konden naar de normen van de christen-anarchisten heel wel bij de christen-anarchistische broederschap behoren. De Christusgeest is slechts genoemd naar een belangrijke drager ervan.

De meest prominente woordvoerders als Ortt en Van Mierop hoorden niet meer bij de kerk; Bähler heeft deze tenslotte alsnog verlaten toen zijn voorkeur voor het boeddhisme het hem in geweten onmogelijk maakte predikant te blijven. N)

Zoals het anarchisten betaamt, moet men zich van de organisaties van de christen-anarchisten niet te veel voorstellen. De Internationale Broederschap was een rechtsvorm terwille van de kolonies, waarvoor ook een Federatief Fonds was ingesteld.
Een latere organisatievorm was het Vrije Menschen Verbond (1915), dat evenwel aansluiting zocht bij de christen-socialisten. Uit deze kringen is in 1920 vervolgens de Bond van Religieuse Anarcho-Communisten voortgekomen.

Lang na de tweede wereldoorlog duikt het christen-anarchisme weer op. Was het een eeuw geleden eigenlijk een bijna exclusief hervormde stroming, nu lijken de katholieken aan de beurt. Continuïteit wordt alleen door het streven naar het ware christendom gevormd. De christen-anarchisten waren (of zijn) anarchist omdat zij christen zijn. Deze inspiratiebron is geen bijkomstigheid. Zij dienen zowel in hun religie als in hun anarchisme - voorzover men dit zou kunnen of mogen scheiden - serieus te worden genomen. Maar voor de christen-anarchisten geldt hetzelfde als wat men van alle Nederlandse anarchisten kan zeggen: hun belangrijkste sporen hebben zij nagelaten in hun inzet voor deelgebieden die niet per se als anarchistisch te herkennen zijn. Wel als om dienstweigering gaat, niet waar het om drankbestrijding, vegetarisme of strijd tegen vivisectie gaat. Nog minder herkenbaar als anarchistisch is hun inzet voor een rein leven of het spiritisme van Felix Ortt. Maar alleen al het feit dat zij mede de traditie van radicaal antimilitarisme gevestigd hebben, lijkt mij voldoende om hun nagedachtenis te eren.

LITERATUUR

Een algemeen overzicht van opvattingen en werkzaamheden van de Nederlandse christen-anarchisten ontbreekt vooralsnog. De schrijver van bovenstaand artikel bereidt een dissertatie voor waarin de tot nu toe onbekende kanten van het christen-anarchisme alsnog onderzocht worden.

Herman Noordegraaf heeft een boekje over ds. Sevenster geschreven: Tussen pacifist en anarchist, Amersfoort 1988.
Over het religieus anarchisme tussen de wereldoorlogen: Hans Ariëns, Laurens Berentsen & Frank Hermans, Religieus anarchisme in Nederland tussen 1918 en 1940. In het rijk der vrijheid, Zwolle 1984.
Over de kolonies:
Frans Becker & Johan Frieswijk, Bedrijven in eigen beheer, Nijmegen 1976
Maria W.J.L. Boersen, De kolonie van de Internationale Broederschap te Blaricum, Blaricum 1987.
Verder van (beperkt) belang:
A. Perdeck, Nakend op de fiets, Den Haag 1967
R. Jans, Tolstoj in Nederland, Bussum 1952
A.C.J. de Vrankrijker, Onze anarchisten en utopisten rond 1900, Bussum 1972

(1991, in het Christen-anarhcisme-nummer van De AS)

N) Hoewel het verder niet de bedoeling is de tekst aan te passen aan verbeterd of vermeerderd inzicht mijnerzijds moet ik hier toch wel een kanttekening plaatsen: Bähler kwam in botsing met zijn gemeente in Aduard en hield daarna het ambt voor gezien.

01 april, 2017

Het helderwitte licht dat nooit uitgaat


The inner light, Anoushka Shankar & Jeff Lynne (jammer dat het origineel niet beschikbaar is, maar uitstekende uitvoering)


There is a light that never goes out, Noel Gallagher. Ook hiervan is, ongelooflijk maar waar, niet zomaar het origineel te vinden. Maar ook een alleszins aanvaardbare live-uitvoering-cover.


Clear white light, Wishful Thinking. Uitgebracht in 1972. Opmerkelijk filmpje dat losstaat van de muziek verder...