30 januari, 2010

Niet omdat het mag

Het was in de nazomer, ik woonde in een nieuwe buurt en dacht dat het café waar ik zat misschien mijn vaste tent zou worden.
Aan de bar zat een gemengd stel. Hij had aan zijn rechterzijde de Wilde Vrouw van de Buurt. Het gebeurde echt: hij sloeg zijn armen om haar heen, er volgde een langdurige tongzoen en weet ik veel wat er verder gebeurde - daar verderop aan de bar nog steeds.

Ik zat ter linkerzijde van zijn gade, die blijkbaar moest doen alsof het de gewoonste zaak van de wereld was wat er gebeurde aan haar rechterzijde. Ik heb geen idee meer wat voor onzin ik met haar uitwisselde, enkele flarden staan mij nog bij. Ik weet wel dat ik met enig verlangen en tamelijk onterughoudend naar haar benen keek, zo naast mij gezeten aan die bar.

En toen - wilde hij weg. Zij liet weten, lang niet alleen aan mij, waarschijnlijk ook aan degene met wie haar man intiem was geweest: "Ik ga met mijn man naar huis. Niet omdat ik dat moet, maar omdat ik dat wil." Ik vond wel dat ik moreel gerechtigd was haar glas leeg te drinken, de eerste en enige keer dat ik het lievelingsdrankje van de enige echte vorstin heb gebruikt.

Alleen thuis had ik altijd nog Caroline bij de hand.



Was dit nu de losse moraal van de jaren zeventig? Ik vind het nog steeds een prachtige zin van mijn kortstondige metgezellin van die avond, citerenswaardig en ook illustratief hoe ver die zogenaamde losse moraal ging. Ik hoop voor haar dat het verder aangebleven is.

Iemand wees mij er op dat in het genoemde café de mensen toch wel erg dronken werden en dat de barlieden dit ongegeneerd toelieten. Ik ging eens goed opletten, merkte dat het klopte en dat was dat. Ik ben er niet meer naartoegegaan. En niet lang daarna brak een periode van seriële monogamie uit voor mij.

Tot zover de losse moraal van de "jaren zeventig" wat mij betreft.

Geen opmerkingen: